Eiseres, slachtoffer en benadeelde partij, verzocht om inzage in het CJIB-dossier van een veroordeelde om te beoordelen of zij haar schade kan verhalen. De minister wees dit verzoek af op grond van artikel 51c van de Wet justitiële en strafvorderlijke gegevens (Wjsg), stellende dat alleen instanties of bij instanties werkzame personen aanspraak kunnen maken op deze gegevens.
De rechtbank stelt vast dat de Wet open overheid (Woo) niet van toepassing is vanwege de bijzondere regeling in de Wjsg en dat het verzoek terecht als een Wjsg-verzoek is behandeld. De rechtbank concludeert dat artikel 51c Wjsg niet beperkt tot instanties en hun medewerkers, maar ook natuurlijke personen kan omvatten. De minister heeft dit onvoldoende gemotiveerd en de afwijzing daarom niet juist onderbouwd.
De rechtbank vernietigt het bestreden besluit, veroordeelt de minister tot vergoeding van het griffierecht en proceskosten, en bepaalt dat de minister binnen zes weken een nieuw besluit moet nemen waarbij zij het verzoek opnieuw beoordeelt met inachtneming van de wettelijke criteria voor verstrekking van tenuitvoerleggingsgegevens.