ECLI:NL:RBMNE:2025:5748
Rechtbank Midden-Nederland
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Beroep tegen niet tijdig beslissen door Dienst Toeslagen over aanvullende compensatie
In deze zaak heeft eiseres, afkomstig uit Turkije, beroep ingesteld tegen de Dienst Toeslagen omdat zij van mening is dat er niet tijdig is beslist op haar bezwaar van 28 juli 2022. Dit bezwaar was gericht tegen een eerdere beslissing van de Dienst Toeslagen van 23 juni 2022 over aanvullende compensatie. Op 1 mei 2025 heeft de Dienst Toeslagen een verweerschrift ingediend, maar beide partijen hebben ervoor gekozen om niet gehoord te worden op een zitting, waarna de rechtbank het onderzoek heeft gesloten. Op 18 juni 2025 heeft de Dienst Toeslagen alsnog een besluit genomen op het bezwaar van eiseres.
De rechtbank heeft vastgesteld dat het beroep oorspronkelijk was ingediend bij de rechtbank Limburg, maar deze heeft de zaak doorgestuurd naar de rechtbank Midden-Nederland, die bevoegd is om te oordelen. De rechtbank heeft overwogen dat tegen het niet tijdig nemen van een besluit beroep kan worden ingesteld, maar dat het procesbelang van eiseres is komen te vervallen omdat er inmiddels een besluit is genomen. Daarom heeft de rechtbank het beroep tegen het niet tijdig beslissen niet-ontvankelijk verklaard.
Eiseres heeft recht op een vergoeding van de proceskosten, die door de rechtbank is vastgesteld op € 453,50, te betalen door de Dienst Toeslagen. De uitspraak is gedaan door rechter mr. I. Helmich en is openbaar uitgesproken op 16 oktober 2025.