ECLI:NL:RBMNE:2025:590

Rechtbank Midden-Nederland

Datum uitspraak
13 januari 2025
Publicatiedatum
19 februari 2025
Zaaknummer
16-655603-12
Instantie
Rechtbank Midden-Nederland
Type
Uitspraak
Rechtsgebied
Strafrecht
Uitkomst
Toewijzend
Procedures
  • Eerste aanleg - meervoudig
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 6:6:10 Sv
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Verlenging terbeschikkingstelling met dwangverpleging wegens hoog recidiverisico na verkrachtingen en bezit kinderporno

Betrokkene is ter beschikking gesteld na veroordeling voor verkrachtingen en bezit van kinderporno. De maatregel is sinds 2014 van kracht en werd in januari 2024 voor het laatst verlengd.

De rechtbank heeft op 13 januari 2025 de zaak behandeld waarbij deskundigen bevestigden dat betrokkene nog steeds een antisociale persoonlijkheidsstoornis met borderline en narcistische trekken heeft, evenals een stoornis in alcoholgebruik. Het recidiverisico bij beëindiging van de maatregel wordt als hoog ingeschat.

Hoewel betrokkene positieve gedragsveranderingen toont, zoals het oppakken van corveetaken en het starten met werk, is hij nog beperkt in zelfreflectie en vertoont hij een rigide en vermijdende houding die het verloftraject vertraagt. De rechtbank acht verlenging noodzakelijk om de veiligheid van anderen te waarborgen en de resocialisatie gecontroleerd te laten verlopen.

De rechtbank volgt het advies van de officier van justitie en verlengt de terbeschikkingstelling met één jaar, met het oog op een mogelijke voorwaardelijke beëindiging in de toekomst. Het Openbaar Ministerie zal voor de volgende verlengingszitting een rapport opstellen over deze mogelijkheid.

Uitkomst: De rechtbank verlengt de terbeschikkingstelling met dwangverpleging met één jaar vanwege een hoog recidiverisico en blijvende stoornis.

Uitspraak

RECHTBANK MIDDEN-NEDERLAND

Strafrecht
Zittingsplaats Utrecht
Parketnummer: 16-655603-12 (vordering verlenging tbs)
Beslissing op grond van artikel 6:6:10 van Pro het Wetboek van Strafvordering van de meervoudige kamer voor strafzaken van 13 januari 2025
in de zaak van de officier van justitie tegen de ter beschikking gestelde:
[betrokkene] ,
geboren op [geboortedatum] 1987 te [geboorteplaats] ,
wonende aan de [adres] , [postcode] [woonplaats] ,
hierna te noemen: betrokkene.

1.De stukken

De rechtbank heeft acht geslagen op de zich in het dossier bevindende stukken waaronder:
  • het arrest van het gerechtshof Arnhem-Leeuwarden van 5 november 2012 waarbij betrokkene ter beschikking is gesteld met bevel tot verpleging van overheidswege, omdat hij zich schuldig heeft gemaakt aan verkrachtingen en het bezit van kinderporno;
  • het arrest van de Hoge Raad der Nederlanden van 29 oktober 2013 waarbij het cassatieberoep niet-ontvankelijk is verklaard;
  • stukken waaruit blijkt dat de terbeschikkingstelling is ingegaan op 26 januari 2014;
  • de beslissing van deze rechtbank van 22 januari 2024 waarbij de termijn van terbeschikkingstelling (hierna: tbs) voor het laatst is verlengd met één jaar;
  • de vordering van de officier van justitie van 6 december 2024 die strekt tot verlenging van de tbs met twee jaar;
  • het verlengingsadvies van de [instelling] van 14 november 2024, opgemaakt door drs. [A] (hoofdbehandelaar), drs. [B] (psychiater en psychotherapeut) en drs. [C] (directeur), inhoudend het advies om de tbs met verpleging te verlengen met twee jaar;
  • het Pro Justitia-rapport van 17 oktober 2024 opgemaakt door J.R. Nijdam (psychiater);
  • het Pro Justitia-rapport van 14 oktober 2024 opgemaakt door drs. J.P.M. van der Leeuw (GZ-psycholoog/psychotherapeut);
  • de wettelijke aantekeningen omtrent de lichamelijke en geestelijke gesteldheid van de betrokkene over de periode 9 november 2023 tot en met 27 oktober 2024.

2.Het onderzoek ter terechtzitting

De behandeling van de zaak heeft op 13 januari 2025 ter terechtzitting plaatsgevonden. Daarbij zijn gehoord:
  • de officier van justitie, mr. N. Schapendonk;
  • de betrokkene, bijgestaan door zijn raadsvrouw mr. S.L.B. Duijf, advocaat te Maastricht;
  • de aan de inrichting verbonden deskundige [D] .

3.Het standpunt van de inrichting

Het standpunt van de inrichting blijkt uit het onder 1 genoemde rapport. De deskundige voornoemd heeft ter zitting het advies van de inrichting toegelicht.
Het standpunt luidt – zakelijk weergegeven – dat er bij de betrokkene nog steeds sprake is van een stoornis. Ook is het recidiverisico nog aanwezig. Dit risico wordt bij beëindiging van de maatregel ingeschat als hoog.
Het advies luidt de tbs met dwangverpleging te verlengen voor de duur van twee jaar.

4.Het standpunt van de niet aan de inrichting verbonden deskundigen

De deskundigen concluderen dat er bij betrokkene nog steeds sprake is van een stoornis. Zij achten het recidiverisico op hernieuwd seksueel delictgedrag bij een beëindiging van de tbs hoog.
Het advies luidt de tbs met dwangverpleging te verlengen voor de duur van één jaar.

5.Het standpunt van de officier van justitie

De officier van justitie heeft ter zitting gevorderd de tbs te verlengen voor de duur van één jaar. Betrokkene woont inmiddels bij [organisatie] in de appartementen van de [instelling] . Dit was een van de stappen die nog genomen moest worden toen het verlengingsadvies geschreven werd. Er bestaat een mogelijkheid dat de door betrokkene te nemen overige stappen, zoals vermeld in het verlengingsadvies, binnen één jaar afgerond kunnen worden. Een verlenging met één jaar houdt betrokkene gemotiveerd om door te gaan.

6.Het standpunt van de verdediging

De raadsvrouw heeft gepleit voor verlenging van de maatregel voor de duur van één jaar. Ook heeft zij de rechtbank verzocht te bepalen dat er voor de volgende verlengingszitting een rapport wordt opgesteld over de mogelijkheid van voorwaardelijke beëindiging.

7.Het oordeel van de rechtbank

Maximering
Betrokkene is bij arrest van 5 november 2012 veroordeeld voor verkrachtingen en het bezit van kinderporno.
De tbs is niet gemaximeerd, nu – hoewel niet uitdrukkelijk overwogen in het veroordelend arrest – uit dit arrest duidelijk blijkt dat sprake was van misdrijven die zijn gericht tegen of gevaar veroorzaken voor de onaantastbaarheid van het lichaam van één of meer personen.
Stoornis en recidivegevaar
Uit het verlengingsadvies en de Pro Justitia-rapportages blijkt dat er nog steeds sprake is van een stoornis bij betrokkene, te weten een antisociale persoonlijkheidsstoornis met borderline en narcistische trekken en een stoornis in alcoholgebruik (langdurig in remissie in een gecontroleerde omgeving). Het recidivegevaar wordt bij beëindiging van de maatregel als hoog ingeschat.
De rechtbank heeft geen reden om aan de juistheid en betrouwbaarheid van de inhoud van het advies en de rapportages van de deskundigen te twijfelen en neemt deze over.
Verlenging
Gelet op het advies van de inrichting en de niet aan de inrichting verbonden deskundigen en hetgeen overigens ter zitting naar voren is gekomen, is de rechtbank van oordeel dat de veiligheid van anderen dan wel de algemene veiligheid van personen verlenging van de terbeschikkingstelling eist. Zij is van oordeel dat wordt voldaan aan de vereisten van proportionaliteit en subsidiariteit.
Uit de rapportages en het verhandelde ter zitting komt naar voren dat het gedrag van betrokkene sinds de vorige verlengingsbeslissing, met name na het verkrijgen van een machtiging transmuraal verlof, in positieve zin is veranderd. Betrokkene pakt zijn corveetaken op, is weer op de groep aanwezig, sport weer en gaat opnieuw aan de slag als vuilnisman. Hij neemt zich voor alles bespreekbaar te maken en de samenwerking met het team te zoeken en weet dit deels waar te maken. Irritaties en frustraties worden minder waargenomen binnen zijn dagelijks functioneren en betrokkene herpakt zich sneller wanneer dit wel het geval is. Betrokkene vertelt op de zitting dat hij de dag ervoor is verhuisd naar een kliniekappartement van [organisatie] .
Tegelijkertijd wordt gezien dat betrokkene na (mogelijke) incidenten beperkt in staat is om op zijn gedragskeuzes te reflecteren en leidt zijn rigide en vermijdende houding tot vertraging in zijn verloftraject. Geconcludeerd wordt dat bij betrokkene vermoedelijk vaker sprake is van onvermogen dan van onwil. Omdat er nog steeds een hoog recidiverisico is en geen volledig beeld kan worden verkregen van betrokkenes seksualiteitsbeleving moet volgens de inrichting het risicomanagement vooral extern worden vormgegeven waarbij toezicht en controle nodig zullen blijven om het huidige relatief lage recidiverisico verantwoord laag te doen blijven. Het is van belang dat de resocialisatie gefaseerd, geleidelijk en gecontroleerd zal plaatsvinden. Betrokkene heeft een blijvend kwetsbare toerusting en zal vermoedelijk langdurig aangewezen zijn op steun, structurering en beperking. De onzekerheden die bestaan rond betrokkenes seksualiteit versterken de noodzaak van een ook op langere termijn gecontroleerde vorm van resocialisatie en risicomanagement.
De komende periode zal worden ingezet op resocialisatie vanuit [organisatie] en zal betrokkene met het reclasseringstraject starten. Het is nog de vraag of dit de reclassering Limburg of Utrecht wordt. Gezien betrokkenes voorkeur ligt Utrecht voor de hand, maar het is wel lastiger om daar een plek te regelen voor betrokkene. Verder zal er meer worden gekeken naar risicomanagement, omdat er nog te weinig zicht is op de seksualiteitsbeleving.
Betrokkene heeft op de zitting laten blijken dat de tbs voor hem niet snel genoeg kan eindigen. Daarbij heeft hij wel gezegd te begrijpen dat de maatregel eerst voorwaardelijk zal moeten worden beëindigd. Zover is het naar het oordeel van de rechtbank op dit moment nog niet. Uit het voorgaande leidt de rechtbank af dat betrokkene nog stappen moet zetten en het komende jaar moet laten zien dat het goed met hem blijft gaan in de kliniekappartementen en het recidiverisico ook op de lange termijn beheersbaar blijft. De inrichting vermoedt dat hiervoor langer nodig zal zijn dan één jaar, maar er zijn ook redenen om te denken dat betrokkene - zolang hij gemotiveerd blijft - binnen een jaar toe kan zijn aan voorwaardelijke beëindiging van zijn tbs-maatregel. De rechtbank volgt daarom de vordering van officier van justitie en verlengt de termijn van terbeschikkingstelling met één jaar.
De officier van justitie heeft ter zitting toegezegd dat het Openbaar Ministerie voor de volgende verlengingszitting een rapport laat opstellen over de mogelijkheid tot voorwaardelijke beëindiging.

8.De beslissing

De rechtbank verlengt de termijn van de terbeschikkingstelling met verpleging van overheidswege van
[betrokkene]met één jaar.
Deze beslissing is genomen door mr. L.M.M. Heppe, voorzitter, mrs. G.A. Bos en J.I.M. Kuin, rechters, in tegenwoordigheid van mr. I.J.A. Barends als griffier en in het openbaar uitgesproken op 13 januari 2025.
Mrs. Heppe en Kuin zijn buiten staat deze beslissing te ondertekenen.