ECLI:NL:RBMNE:2025:6090
Rechtbank Midden-Nederland
- Voorlopige voorziening
- G. Schnitzler
- L.M. Janssens-Kleijn
- Rechtspraak.nl
Verzoek om voorlopige voorziening kennelijk niet-ontvankelijk verklaard
In deze uitspraak van de voorzieningenrechter van de Rechtbank Midden-Nederland op 17 oktober 2025, wordt het verzoek om een voorlopige voorziening van verzoekster, die zonder bekende vaste woon- of verblijfplaats is, behandeld. De voorzieningenrechter oordeelt dat het verzoek kennelijk niet-ontvankelijk is, omdat verzoekster niet de vereiste documenten heeft overgelegd, waaronder een afschrift van het bezwaar- of beroepschrift en het besluit waartegen het verzoek zich richt. Ondanks herhaaldelijke verzoeken van de rechtbank om dit verzuim te herstellen, heeft verzoekster geen afschrift van het bezwaarschrift ingediend binnen de gestelde termijn. Hierdoor kan de voorzieningenrechter het verzoek niet inhoudelijk beoordelen en verklaart het verzoek niet-ontvankelijk. Er is geen aanleiding voor een proceskostenveroordeling. De uitspraak is openbaar gemaakt en er staat geen hoger beroep of verzet open tegen deze beslissing, zoals bepaald in de Algemene wet bestuursrecht.