ECLI:NL:RBMNE:2025:6123
Rechtbank Midden-Nederland
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Vernietiging naheffingsaanslag parkeerbelasting wegens onvoldoende bekendmaking beperkingen parkeervergunning
Eiser beschikte sinds 2000 over een parkeervergunning voor de binnenstad van Utrecht, inclusief het rayon van de Twijnstraat. Op 23 augustus 2023 werd vastgesteld dat eiser parkeerde in de Twijnstraat tijdens winkelopeningstijden zonder de verschuldigde parkeerbelasting te betalen. De heffingsambtenaar legde daarop een naheffingsaanslag van €79,54 op.
Eiser voerde aan dat de beperking tijdens winkelopeningstijden niet voldoende kenbaar was gemaakt, omdat er geen specifiek bord aanwezig was en hij niet per brief op de hoogte was gesteld van deze wijziging. De heffingsambtenaar verwees naar de vergunningsvoorschriften op de gemeentelijke website en stelde dat parkeerders geacht worden hiervan op de hoogte te zijn.
De rechtbank oordeelde dat de heffingsambtenaar niet kon aantonen wanneer de beperking aan eiser bekend is gemaakt, waardoor de bewijslast niet is voldaan. Dit leidt tot een motiveringsgebrek in het bezwaarbesluit. De rechtbank verklaarde het beroep gegrond, vernietigde de uitspraak op bezwaar en de naheffingsaanslag, en bepaalde dat eiser het griffierecht vergoed krijgt.
Uitkomst: De naheffingsaanslag parkeerbelasting wordt vernietigd wegens onvoldoende bekendmaking van de beperking op de parkeervergunning.