Uitspraak
RECHTBANK MIDDEN-NEDERLAND
1.De procedure
- de brief van 1 mei 2025 van de rechtbank aan de vader waarin de vader een termijn van vier weken krijgt om een verweerschrift door een advocaat te laten indienen;
- het bericht van 7 mei (F2-formulier) waarmee mr. Ortelee zich als advocaat stelt voor de vader;
- het bericht van 19 mei 2025 van mr. [A] waarin zij meedeelt dat zij zich onttrekt als advocaat van de moeder;
- de e-mail van de moeder van 26 mei 2025 waarin zij haar verzoeken intrekt;
- het bericht van de vader van 27 mei 2025 waarin wordt verzocht om “uitstel indiening verweerschrift”;
- het bericht van de rechtbank aan de vader van 27 mei 2025 over de intrekking van het verzoek van de moeder;
- het bericht van de vader van 30 mei 2025;
- een zelfstandig verzoekschrift van de vader, ontvangen op 22 augustus 2025;
- de e-mail van de moeder van 8 september 2025.