Uitspraak
RECHTBANK MIDDEN-NEDERLAND
1.Zitting
- de verdachte;
- de officier van justitie: mr. S.K. Lanning-Stein;
- de advocaat van de verdachte: mr. W.B.O. van Soest.
2.Tenlastelegging
- aan [slachtoffer 1] en/of [slachtoffer 2] een mes te tonen,
- met een mes richting [slachtoffer 1] te wijzen, althans een mes richting die [slachtoffer 1] te bewegen
- tegen [slachtoffer 1] te zeggen: "liggen op de vloer" en/of "jouw collega moet meewerken, zeg tegen jouw collega dat hij meewerkt", althans woorden van gelijke dreigende aard of strekking,
- [slachtoffer 2] te duwen en/of
- de handen en/of polsen van [slachtoffer 1] en/of [slachtoffer 2] op zijn/hun rug vast te binden.
3.Bewijs
mij af kwamen lopen. Ik was op dit moment in de magazijn op de eerste verdieping. [2]
Opmerking verbalisant:
Vrijwel zeker is dit op het moment dat de politie in de woning van [medeverdachte 1] staat, [adres 2] te [plaats] . De vader van [medeverdachte 1] had vanuit de woning naar [medeverdachte 1 (voornaam)] gebeld om te zeggen dat [medeverdachte 1 (voornaam)] naar huis moet komen.
tezamen en in vereniging met anderen,
ter uitvoering van het door verdachte en zijn mededaders voorgenomen misdrijf om een
geldbedrag, dat geheel aan de ALDI, toebehoorde, weg te nemen met het oogmerk om het zich wederrechtelijk toe te eigenen en deze poging diefstal te doen vergezellen van geweld
en bedreiging met geweld tegen [slachtoffer 1] en [slachtoffer 2] , te plegen met het oogmerk om die voorgenomen diefstal gemakkelijk te maken,
in het magazijn van de ALDI:
- aan die [slachtoffer 1] en [slachtoffer 2] een mes heeft getoond,
- met een mes richting die [slachtoffer 1] heeft gewezen, althans een mes richting die [slachtoffer 1] heeft bewogen,
- die [slachtoffer 1] de woorden heeft toegevoegd: "liggen op de vloer" en/of "jouw collega moet
meewerken, zeg tegen jouw collega dat hij meewerkt", althans woorden van gelijke dreigende aard of strekking,
- die [slachtoffer 2] heeft geduwd, en
- de handen van die [slachtoffer 1] op zijn rug heeft vastgebonden, terwijl de uitvoering van dat voorgenomen misdrijf niet is voltooid.
4.Kwalificatie en strafbaarheid
5.Straf
- een gevangenisstraf van 365 dagen, met aftrek van het voorarrest, waarvan een gedeelte van 294 dagen voorwaardelijk, met een proeftijd van 2 jaren, met als bijzondere voorwaarden de voorwaarden zoals geadviseerd door de reclassering in het rapport van 11 november 2025;
- een taakstraf van 240 uren, te vervangen door 120 dagen gevangenisstraf als de verdachte deze niet of niet goed uitvoert.
6.In beslag genomen voorwerpen
8.De beslissing
een taakstraf van 240 uren;
een gevangenisstraf van 365 dagen;
een gedeelte van 293 dagen,
niet zal worden ten uitvoer gelegd, tenzij de rechter later anders gelast op grond van het feit dat de verdachte de hierna te melden algemene of bijzondere voorwaarde niet heeft nageleefd;
een proeftijd van twee jarenvast;
algemene voorwaardengelden dat de verdachte:
bijzondere voorwaardegeldt dat de verdachte gedurende de proeftijd: