Eiser ontvangt sinds 2008 een WIA-uitkering en betwist het arbeidsongeschiktheidspercentage van 47,66% dat het UWV heeft vastgesteld. Na bezwaar en beroep heeft de rechtbank een onafhankelijke verzekeringsarts als deskundige benoemd die concludeert dat er meer beperkingen moeten worden aangenomen dan door de verzekeringsarts bezwaar en beroep zijn vastgesteld. De rechtbank volgt deze conclusie en oordeelt dat het bestreden besluit een motiveringsgebrek vertoont.
De deskundige heeft eiser lichamelijk en psychisch onderzocht en een dossieronderzoek uitgevoerd. Hoewel de deskundige het standpunt van de verzekeringsarts bezwaar en beroep deels volgt, ziet zij medische grond voor aanvullende beperkingen vanwege cardiale problematiek en andere klachten. De rechtbank stelt dat het UWV deze aanvullende beperkingen moet overnemen in een nieuwe Functionele Mogelijkheden Lijst (FML).
De rechtbank draagt het UWV op binnen zes weken het gebrek te herstellen en stelt eiser in de gelegenheid hier schriftelijk op te reageren. De verdere beslissing wordt aangehouden tot de einduitspraak. De rechtbank benadrukt het belang van een zorgvuldig gemotiveerd besluit en volgt de medische beoordeling van de onafhankelijke deskundige die overtuigend is gemotiveerd.