ECLI:NL:RBMNE:2025:6789
Rechtbank Midden-Nederland
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Afwijzing aanwijzing achterterrein en Tuinmanswoning Landgoed Jagtlust als gemeentelijk monument
Eisers hebben beroep ingesteld tegen het besluit van het college van burgemeester en wethouders van De Bilt om het achterterrein met bunkers en de Tuinmanswoning van Landgoed Jagtlust niet aan te wijzen als gemeentelijk monument. De rechtbank beoordeelt of het college met voldoende motivering en belangenafweging tot dit besluit heeft kunnen komen.
De rechtbank stelt vast dat het college beleidsruimte heeft bij de monumentenaanwijzing en dat toetsing beperkt is tot de redelijkheid van het besluit. Eisers betogen dat het gehele landgoed, inclusief het achterterrein en de bunkers, als monumentwaardig moet worden aangewezen vanwege de historische en stedenbouwkundige waarde. Het college erkent de hoge waarde van het landhuis en park, maar stelt dat het achterterrein door aantasting van zichtlijnen en aanwezigheid van parkeerplaatsen minder monumentale waarde heeft. De bunkers genieten bescherming via het omgevingsplan en zijn niet gekoppeld aan bijzondere historische gebeurtenissen.
Ten aanzien van de bouwplannen voor tijdelijke woningen en een nieuw gemeentehuis weegt het college het belang daarvan zwaarder dan de beperkte monumentale waarden van het achterterrein. Ook de Tuinmanswoning wordt niet aangewezen vanwege bezwaren van eigenaren en het feit dat deze woning al op de monumentenlijst staat. De rechtbank volgt het college in deze belangenafwegingen en oordeelt dat het besluit in redelijkheid is genomen. Het beroep wordt ongegrond verklaard, en eisers krijgen geen proceskostenvergoeding.
Uitkomst: Het beroep tegen de afwijzing van de aanwijzing van het achterterrein met bunkers en de Tuinmanswoning als gemeentelijk monument is ongegrond verklaard.