Eiser heeft een WIA-uitkering aangevraagd nadat zijn Ziektewet-uitkering was beëindigd wegens het bereiken van de maximale duur. Het UWV heeft de aanvraag afgewezen omdat eiser op de eerste ziektedag niet verzekerd was voor de Wet WIA, omdat er geen dienstverband bestond.
Eiser voerde aan dat hij wel degelijk bij de werkgever werkzaam was en verwees naar een arbeidsovereenkomst, verklaringen van oud-werknemers, een brief van de voormalig werkgever, een foto en bankafschriften. De rechtbank stelde echter vast dat de arbeidsovereenkomst en de brief vermoedelijk vals waren, getuigen verklaarden dat eiser niet meer werkte vanaf september 2020, en de bankafschriften en andere stukken geen bewijs leverden van een dienstverband op de eerste ziektedag.
De rechtbank concludeerde dat eiser onvoldoende aannemelijk heeft gemaakt dat hij op de eerste ziektedag een privaatrechtelijke dienstbetrekking had en dat het UWV terecht heeft geoordeeld dat hij niet verzekerd was voor de Wet WIA. Het beroep is daarom ongegrond verklaard en eiser krijgt geen vergoeding van proceskosten.