ECLI:NL:RBMNE:2025:6859

Rechtbank Midden-Nederland

Datum uitspraak
18 december 2025
Publicatiedatum
22 december 2025
Zaaknummer
UTR 24/6079
Instantie
Rechtbank Midden-Nederland
Type
Uitspraak
Procedures
  • Eerste aanleg - enkelvoudig
Rechters
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Beroep tegen WOZ-beschikking niet-ontvankelijk verklaard wegens ontbreken procesbelang

Op 18 december 2025 heeft de Rechtbank Midden-Nederland uitspraak gedaan in de zaak tussen een eiser en de heffingsambtenaar van de Belastingsamenwerking gemeenten & hoogheemraadschap Utrecht. De eiser had op 20 september 2024 beroep ingesteld tegen de beslissing op bezwaar van verweerder. In een brief van 25 februari 2025 heeft verweerder de waarde van de woning van eiser verlaagd naar € 464.000,- en daarmee tegemoetgekomen aan de bezwaren van eiser. De rechtbank heeft besloten om partijen niet uit te nodigen voor een zitting, omdat dit in deze zaak niet nodig was.

De rechtbank overweegt dat verweerder volledig aan de bezwaren van eiser tegemoet is gekomen en dat er geen belang is bij vernietiging van het bestreden besluit. Daarom heeft de rechtbank het beroep van eiser niet-ontvankelijk verklaard. Eiser is in de gelegenheid gesteld om te reageren op het besluit van 25 februari 2025, maar heeft niet gereageerd. De rechtbank concludeert dat eiser het eens is met het besluit van verweerder en verklaart het beroep niet-ontvankelijk. De uitspraak is openbaar uitgesproken op 18 december 2025 door mr. R.C. Stijnen, rechter, in aanwezigheid van L. El Kabch, griffier.

Uitspraak

RECHTBANK MIDDEN-NEDERLAND

Zittingsplaats Utrecht
Bestuursrecht
zaaknummer: UTR 24/6079

uitspraak van de enkelvoudige kamer van 18 december 2025 in de zaak tussen

[eiser] , uit [plaats] , eiser,

en
de heffingsambtenaar van de Belastingsamenwerking gemeenten & hoogheemraadschap Utrecht,verweerder.

Procesverloop

Deze uitspraak gaat over het beroep dat eiser heeft ingesteld op 20 september 2024 tegen de beslissing op bezwaar van verweerder.
Bij brief van 25 februari 2025 heeft verweerder de waarde van de woning verlaagd en is daarmee tegemoet gekomen aan de bezwaren van eiser.

Overwegingen

1. De rechtbank nodigt partijen niet uit voor een zitting, omdat dat in deze zaak niet nodig is. Hieronder legt de rechtbank dat verder uit.
2. Bij besluit van 25 februari 2025 heeft verweerder eiser medegedeeld dat hij het bestreden besluit niet langer handhaaft en dat de WOZ-waarde wordt vastgesteld op € 464.000,-
3. De rechtbank stelt vast dat verweerder volledig aan de bezwaren van eiser is tegemoet gekomen. Aangezien niet is gebleken van enig belang bij vernietiging van het bestreden besluit, zal het beroep wegens het ontbreken van proces belang niet-ontvankelijk worden verklaard.
4. De rechtbank heeft eiser bij brief van 26 februari 2025 verzocht of hij uiterlijk
12 maart 2025 aan de rechtbank wil laten weten of hij het ofwel eens is met het besluit van
25 februari 2025 en het beroep intrekt ofwel dat hij uitlegt waarom hij het niet eens is het met het besluit. Bij e-mail van 27 augustus 2025 is eiser nogmaals in de gelegenheid gesteld om hier uiterlijk binnen twee weken op te reageren. Eiser heeft niet gereageerd. De rechtbank gaat er daarom van uit dat eiser het eens is met het besluit van verweerder.
5. De rechtbank verklaart het beroep daarom niet-ontvankelijk.

Beslissing

De rechtbank verklaart het beroep niet-ontvankelijk.
Deze uitspraak is gedaan door mr. R.C. Stijnen, rechter, in aanwezigheid van L. El Kabch, griffier. De beslissing is in het openbaar uitgesproken op 18 december 2025.
griffier rechter
Afschrift verzonden aan partijen op:

Bent u het niet eens met deze uitspraak?

Als u het niet eens bent met deze uitspraak kunt een brief sturen naar de rechtbank waarin u uitlegt waarom u het er niet mee eens bent. Dit heet een verzetschrift. U moet dit verzetschrift indienen binnen 6 weken na de dag waarop deze uitspraak is verzonden. U ziet deze datum op de stempel die hierboven staat. Als u graag een zitting wilt waarbij u persoonlijk uw mening aan de rechter kunt geven, kunt u dit in uw verzetschrift aangeven.