ECLI:NL:RBMNE:2025:6919

Rechtbank Midden-Nederland

Datum uitspraak
11 december 2025
Publicatiedatum
23 december 2025
Zaaknummer
588088
Instantie
Rechtbank Midden-Nederland
Type
Uitspraak
Procedures
  • Beschikking
Rechters
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Verzoek tot eenhoofdig gezag over minderjarige in internationale context

In deze zaak heeft de Rechtbank Midden-Nederland op 11 december 2025 een beschikking gegeven in een verzoek tot eenhoofdig gezag over een minderjarige, ingediend door de moeder. De vader is onbereikbaar en woont niet in Nederland. De ouders zijn van 2010 tot 2017 met elkaar getrouwd geweest en hebben samen een zoon, geboren in Oekraïne. De moeder heeft verzocht om alleen het gezag over de minderjarige, omdat de vader moeilijk bereikbaar is en niet meewerkt aan belangrijke beslissingen, zoals medische behandelingen en de aanvraag van een paspoort. De rechtbank heeft vastgesteld dat de Nederlandse rechter bevoegd is, aangezien de minderjarige zijn gewone verblijfplaats in Nederland heeft. De rechtbank heeft geoordeeld dat het in het belang van de minderjarige is dat de moeder alleen het gezag krijgt, zodat zij tijdig beslissingen kan nemen over zijn toekomst. De vader blijft de vader van de minderjarige, maar zijn onbereikbaarheid frustreert de gezagsbeslissingen van de moeder. De rechtbank heeft de beslissing uitvoerbaar bij voorraad verklaard, wat betekent dat deze onmiddellijk van kracht is, ook als de vader in hoger beroep gaat. De rechtbank heeft de verzoeken van de moeder voor het overige afgewezen.

Uitspraak

RECHTBANK MIDDEN-NEDERLAND

Familierecht
locatie Almere
zaaknummer: C/16/588088 / FL RK 25-175
Gezag en omgang
Beschikking van 11 december 2025
in de zaak van:
[moeder],
wonende in [woonplaats] ,
hierna te noemen: de moeder,
advocaat mr. L.E. Vries,
tegen
[vader],
zonder bekende woon-of verblijfplaats,
hierna te noemen: de vader.

1.De procedure

1.1.
De rechtbank heeft de volgende stukken ontvangen:
- het verzoekschrift van de moeder (met bijlagen), binnengekomen op 31 januari 2025;
- het bericht (met bijlage) van 3 februari 2025 van de moeder;
- het bericht (met bijlage) van 12 februari 2025 van de moeder;
- het bericht (met bijlagen) van 7 april 2025 van de moeder.
1.2.
De verzoeken zijn besproken tijdens de mondelinge behandeling (zitting) van 13 november 2025. Daarbij waren aanwezig: de moeder, (telefonisch) bijgestaan door haar advocaat en K.K. Mkrttsjan als tolk Russisch. Van de
Raad voor de Kinderbescherming (hierna: de Raad) was [A] aanwezig. Verder was de huidige partner van de moeder bij de zitting.
1.3.
De vader was op de juiste manier opgeroepen voor de zitting, maar is niet gekomen.
1.4.
De rechtbank heeft aan [minderjarige] , de zoon van de ouders, gevraagd wat hij van de verzoeken vindt. Op 13 november 2025 heeft hij met de rechter gesproken. Van dit gesprek is op de zitting verslag gedaan.

2.Waar de procedure over gaat

2.1.
De ouders zijn van 2010 tot en met 2017 met elkaar getrouwd geweest. Zij zijn getrouwd en gescheiden in Oekraïne.
2.2.
Zij hebben samen een kind:
[minderjarige], geboren op [geboortedatum] 2012 in [geboorteplaats] , Oekraïne. [minderjarige] woont bij zijn moeder in Nederland.
2.3.
De ouders hebben samen het gezag over [minderjarige] . [1] Gezamenlijk gezag betekent dat de ouders samen belangrijke beslissingen over [minderjarige] moeten nemen.
2.4.
De moeder wil (kort samengevat) dat zij alleen het gezag over [minderjarige] heeft en zonder de vader alle belangrijke beslissingen over [minderjarige] mag nemen. Voor het geval dit verzoek wordt afgewezen, vraagt zij om vervangende toestemming voor de aanvraag van een paspoort voor [minderjarige] .

3.De beoordeling

De Nederlandse rechtbank is bevoegd en Nederlands recht is van toepassing

3.1.
In deze zaak zit een internationaal aspect. [minderjarige] is in Oekraïne geboren en heeft daar samen met zijn moeder tot 2021 gewoond. Tot 20 september 2024 hadden zij ook allebei de Oekraïense nationaliteit. Inmiddels bezitten zij de Nederlandse nationaliteit. De vader woont niet in Nederland. Vanwege het internationale aspect moet de rechtbank toetsen of zij bevoegd is om in deze zaak een beslissing te nemen. Dat is het geval, want [minderjarige] heeft zijn gewone verblijfplaats in Nederland. Dan is de Nederlandse rechter bevoegd. [2]
3.2.
Ook moet de rechtbank nagaan welk recht op de verzoeken van toepassing is. In dit geval is dat Nederlands recht, omdat deze zaak gaat over de uitoefening van de ouderlijke verantwoordelijkheid. Als de Nederlandse rechter bevoegd is om in zo’n zaak te beslissen, dan is Nederlands recht van toepassing. [3]
De moeder heeft voortaan alleen het gezag over [minderjarige]
3.3.
De rechtbank zal het gezag van de vader beëindigen. Dat betekent dat de moeder voortaan alleen het gezag over [minderjarige] heeft en alle belangrijke beslissingen over [minderjarige] mag nemen. Hierna wordt deze beslissing uitgelegd.
3.4.
In de wet staat dat de rechtbank het gezag van een ouder kan beëindigen als zij dit in het belang van het kind noodzakelijk vindt. [4] Dat is hier het geval. De moeder heeft onweersproken toegelicht dat de vader al langere tijd op afstand staat en voor de moeder vrijwel niet te bereiken is. Volgens de moeder woont hij in Polen, maar zij weet niet precies waar. De man wil zijn adres namelijk niet geven. WhatsApp is de enige manier waarop de moeder contact kan opnemen met de vader. Ook daar reageert hij nauwelijks. Al een jaar heeft hij niet op de berichten van de moeder gereageerd. De moeder heeft verschillende voorbeelden gegeven waaruit blijkt dat het hierdoor lastig was om toestemming van de vader te krijgen voor gezagsbeslissingen over [minderjarige] . Zo had [minderjarige] een medische behandeling nodig voor zijn astma. Pas na meerdere berichten en discussie heeft de vader zijn toestemming gegeven. Meer recent werkt de vader niet mee aan de aanvraag van een paspoort voor [minderjarige] . De moeder heeft hem de benodigde documenten toegestuurd, maar hij gaf aan deze niet via WhatsApp te kunnen openen. De moeder wilde vervolgens de stukken per e-mail sturen, maar de vader weigerde zijn e-mailadres te geven. Sindsdien heeft de vader niet meer gereageerd. Zijn laatste bericht aan de moeder was: ‘
Wat heb ik hier mee te maken? Ik ben geen voogd. (…) Schrijf me dit soort zaken niet’. Met deze onbereikbare houding frustreert de vader de beslissingen die de moeder over [minderjarige] moet nemen. Dit is niet in zijn belang. Dat de onbereikbaarheid van de vader op korte termijn gaat veranderen, is niet aannemelijk. Sterker nog, de terugtrekkende beweging van de vader wordt bevestigd in zijn laatste bericht aan de moeder en door het feit dat hij niet is verschenen in deze procedure.
3.5.
Het is niet in [minderjarige] belang dat de moeder wordt gefrustreerd in gezagsbeslissingen door de slechte bereikbaarheid van de vader. Het is duidelijk dat [minderjarige] een reislustige, nieuwsgierige en ambitieuze jongen is. Hij heeft een duidelijk toekomstplan: hij wil soldaat worden. Komend voorjaar wil hij meedoen aan een Erasmusuitwisseling in Roemenië. Belangrijk is dat [minderjarige] zijn ambities kan volgen en praktische zaken hiervoor tijdig geregeld kunnen worden. Daarvoor is het noodzakelijk dat de moeder het eenhoofdig gezag krijgt. Dit betekent dat het verzoek van de moeder zal worden toegewezen.
Contact met vader
3.6.
Dat de moeder het eenhoofdig gezag krijgt, verandert niets aan het ouderschap. De vader blijft de vader van [minderjarige] . Zij kunnen dus ook gewoon contact houden. Op dit moment is er weinig contact. De vader neemt niet altijd op en belt [minderjarige] ook niet terug of op eigen initiatief. Het is fijn voor [minderjarige] als de moeder blijft uitstralen dat hij een vader heeft in het buitenland met wie hij contact mag hebben. Daarvoor is belangrijk dat de moeder de vader ook zelf informeert over hoe het met [minderjarige] gaat. Dit kan via WhatsApp, maar bijvoorbeeld ook via [minderjarige] oma van vaderszijde in Oekraïne. De moeder en [minderjarige] hebben namelijk nog wel fijn contact met haar. Door zelf ook contact met de vader te houden, wordt voorkomen dat [minderjarige] de druk voelt dat hij het contact met zijn vader
moetonderhouden. Die verantwoordelijkheid hoort niet bij hem te liggen.
Aanvraag paspoort
3.7.
Omdat het primaire verzoek over het gezag wordt toegewezen, hoeft het subsidiaire verzoek over de vervangende toestemming voor de aanvraag van een paspoort niet meer te worden besproken.
De brief aan [minderjarige]
3.8.
[minderjarige] heeft aan de kinderrechter gevraagd of hij de beslissing ook rechtstreeks van haar mocht horen. Zij heeft [minderjarige] daarom de volgende brief gestuurd:
Beste [minderjarige] ,
Een paar weken geleden spraken we met elkaar. We hadden het toen over je vader, over je moeder en [B] .
Na ons gesprek heb ik ‘s middags met je moeder gesproken. [B] was daar ook bij. Je vader was er niet. Verder was er ook iemand bij van de Raad voor de Kinderbescherming. Die is er altijd bij als het over kinderen gaat.
Ik heb besloten dat je moeder vanaf nu alleen het gezag over jou heeft. Dat betekent dat zij geen toestemming meer nodig heeft van je vader voor belangrijke beslissingen over jou. Jouw moeder kan vanaf nu dus met jou en [B] naar Engeland of een paspoort voor je aanvragen. Daar heeft ze nu geen handtekening van je vader meer voor nodig. Ik vind het namelijk belangrijk dat je moeder kan beslissen wat goed voor jou is en jullie niet steeds moeten afwachten of je vader op tijd reageert.
Voor jou verandert er in het dagelijks leven niet veel. Je moeder blijft voor je zorgen, en het contact met je vader kan gewoon blijven. Ik snap dat het voor jou jammer en soms verdrietig kan zijn dat je vader niet altijd terugbelt of appt. Soms lukt het ouders niet om contact te houden en dat is helemaal niet leuk. Het is wel belangrijk om te weten dat dit niet jouw schuld is. Jij kan daar niets aan doen.
Onthoud dat je altijd je vragen en gevoelens mag delen met je moeder, [B] of iemand anders. Het is helemaal oké om soms verdrietig of teleurgesteld te zijn, en het is fijn dat je erover kunt praten.
Je moeder vertelde mij dat je in het voorjaar mee wil doen aan het Erasmusprogramma en naar Roemenië wil gaan. Dat klinkt heel leuk! Ik wens je daar veel plezier bij en natuurlijk ook succes op school. Elke stap die je zet helpt je weer een stukje op weg naar jouw droom om later soldaat te worden.
De uitvoerbaarheid bij voorraad
3.9.
De rechtbank zal de beslissing uitvoerbaar bij voorraad verklaren, zoals is verzocht. Dat betekent dat de beslissing moet worden gevolgd, ook als één van de ouders hoger beroep instelt tegen deze beslissing. De beslissing geldt in dat geval totdat het gerechtshof een andere beslissing neemt.
3.10.
Hierna volgt de beslissing. De rechtbank gebruikt hier de begrippen uit de wet.

4.De beslissing

De rechtbank:
4.1.
bepaalt dat het gezag over [minderjarige] vanaf nu alleen toekomt aan de moeder;
4.2.
verklaart deze beslissing tot zover uitvoerbaar bij voorraad;
4.3.
wijst de verzoeken van de moeder voor het overige af.
Dit is de beslissing van de rechtbank, genomen door mr. E.G. de Jong, (kinder)rechter, in samenwerking met mr. A.C. Bonarius, griffier. De beslissing is in het openbaar uitgesproken op 11 december 2025.
Tegen deze beschikking kan – voor zover er definitief is beslist – door tussenkomst van een advocaat hoger beroep worden ingesteld bij het gerechtshof Arnhem-Leeuwarden. De verzoekende partij en verschenen belanghebbenden dienen het hoger beroep binnen de termijn van drie maanden na de dag van de uitspraak in te stellen. Andere belanghebbenden dienen het beroep in te stellen binnen drie maanden na de betekening van deze beschikking of nadat deze hun op andere wijze bekend is geworden.

Voetnoten

1.Artikel 16 van het Haags Kinderbeschermingsverdrag 1996 in combinatie met artikel 122, 141 lid 1 en 157 van het Oekraïense Familiewetboek.
2.Artikel 8 lid 1 van de Brussel II bis Verordening.
3.Artikel 15 lid 1 van het Haags Kinderbeschermingsverdrag 1996.
4.Artikel 1:251a lid 1 sub b van het Burgerlijk Wetboek.