ECLI:NL:RBMNE:2025:7065
Rechtbank Midden-Nederland
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Toelating tot de wettelijke schuldsaneringsregeling (Wsnp) en afwijzing eerdere ingangsdatum
In deze zaak heeft de rechtbank Midden-Nederland op 4 december 2025 uitspraak gedaan in een verzoek tot toelating tot de wettelijke schuldsaneringsregeling (Wsnp) van verzoekster, die zich in een problematische schuldensituatie bevindt. Verzoekster heeft op 2 oktober 2025 een verzoek ingediend om toegelaten te worden tot de Wsnp, wat op de zitting van 19 november 2025 is behandeld. Tijdens deze zitting waren verzoekster, haar schuldhulpverlener en haar beschermingsbewindvoerder aanwezig.
De rechtbank heeft vastgesteld dat verzoekster niet in staat was om een buitengerechtelijke schuldregeling te treffen, omdat zes schuldeisers niet hebben ingestemd met het aanbod dat namens haar is gedaan. De rechtbank oordeelt dat verzoekster ontvankelijk is in haar verzoek tot toelating tot de Wsnp. Verzoekster heeft ook verzocht om de ingangsdatum van de Wsnp vast te stellen op 1 mei 2025, maar dit verzoek is afgewezen. De rechtbank overweegt dat een eerdere ingangsdatum nadelig zou zijn voor de schuldeisers, omdat verzoekster dan gedurende de looptijd van de regeling niet zou hoeven te solliciteren en niets zou kunnen sparen voor haar schuldeisers.
De rechtbank heeft de looptijd van de Wsnp-regeling vastgesteld op 18 maanden en benoemt mr. P.J. Neijt tot rechter-commissaris. De rechtbank legt de verplichtingen op die verzoekster moet nakomen tijdens de Wsnp, waaronder de informatieverplichting en de afdrachtverplichting. De rechtbank heeft ook bepaald dat de bewindvoerder de boedel van verzoekster zal beheren en vereffenen. De uitspraak is openbaar gemaakt op 4 december 2025.