Uitspraak
RECHTBANK MIDDEN-NEDERLAND
uitspraak van de enkelvoudige kamer van 17 december 2025 in de zaak tussen
[eiseres] , uit [plaats] , eiseres,
Procesverloop
€ 276.000,- naar de waardepeildatum 1 januari 2023. Bij deze beschikking heeft de heffingsambtenaar aan eiseres als eigenares van deze woning ook een aanslag onroerendzaakbelasting en watersysteemheffing opgelegd, waarbij deze waarde als heffingsmaatstaf is gehanteerd.
28 november 2024 heeft de heffingsambtenaar het bezwaar van eiseres ongegrond verklaard en de WOZ-waarde van de woning gehandhaafd.
Overwegingen
Feiten
(1 januari 2023) niet te hoog heeft vastgesteld. Bij de beoordeling of dit het geval is, zal de rechtbank wat eiser ter betwisting van de vastgestelde waarde heeft aangevoerd, meewegen.
Beoordeling van het geschil
€ 263.000, - voor belastingjaar 2024. De foto's van de verkoopadvertentie laten zien dat de woning voorzien is van goede voorzieningen. Op basis daarvan is de waarde in eerste instantie zeker niet te hoog vastgesteld.”
- Alle waardeverlagingsvoorstellen zijn uit het oogpunt van coulance gedaan;
- Het voorzieningenniveau van de woning is beoordeeld als bovengemiddeld;
- Het voorzieningenniveau is voor de belastingjaren 2022 en 2023 naar aanleiding van argumenten van gemachtigde gewijzigd naar gemiddeld;
- Achteraf beschouwd is – mede gelet op de verkoop van de woning in relatie met de vastgoeddocumentatie – nooit aanleiding geweest om het voorzieningenniveau van de woning aan te passen naar gemiddeld, dat geeft de taxateur ook aan in de email van 9 december;
- Het gelijkheidsbeginsel is niet geschonden omdat uitsluitend de woningen met een kwalificatie bovengemiddeld voor het voorzieningenniveau een hogere waarde hebben gekregen en de woningen met een gemiddeld voorzieningenniveau een lagere waarde hebben gekregen. Het verschil in waarde ontstaat zodoende door het verschil in kwalificatie van het voorzieningenniveau.
€ 262.000,- en € 263.000,-.
Conclusie en gevolgen
Beslissing
P.W. Hogenbirk, griffier. De uitspraak is uitgesproken in het openbaar op
17 december 2025.