Uitspraak
uitspraak van de enkelvoudige kamer van 22 december 2025 in de zaak tussen
[eiser] , uit [plaats] , eiser
Inleiding
Overwegingen
1 januari 2022. Eiser bepleit een lagere waarde
.De heffingsambtenaar handhaaft in beroep de vastgestelde waarde van € 126.000,-.
.De rechtbank is van oordeel dat de heffingsambtenaar met de taxatiematrix, het taxatierapport en de toelichting die daarop ter zitting is gegeven aannemelijk heeft gemaakt dat de waarde van de woning niet te hoog is vastgesteld. Daartoe neemt de rechtbank in aanmerking dat de in de taxatiematrix genoemde referentiewoningen goed bruikbaar zijn, omdat de referentiewoningen ook appartementen zijn die in een vergelijkbaar waardegebied in [plaats] liggen en niet te ver van de waardepeildatum verkocht zijn. Over de rijwoning, die ook is opgenomen in de taxatiematrix heeft de heffingsambtenaar toegelicht dat deze is toegevoegd vanwege de ligging en als indicatie voor het prijsniveau in de buurt, daarnaast gaat het om een relatief groot appartement waardoor een vergelijking met alleen andere (kleinere) appartementen wat lastiger is. Met de taxatiematrix maakt de heffingsambtenaar aannemelijk dat bij de waardebepaling in voldoende mate rekening is gehouden met het feit dat de woning op toestandspeildatum 1 januari 2023 in aanbouw was en voor 25% gereed. De heffingsambtenaar heeft daarnaast rekening gehouden met de verschillen tussen de referentiewoningen en de woning ten aanzien van onder meer het voorzieningenniveau. Met de taxatiematrix heeft de heffingsambtenaar de waardeverhouding tussen de woning en de referentiewoningen inzichtelijk gemaakt.
1 januari 2022. Eiser bepleit een lagere waarde
.De heffingsambtenaar handhaaft in beroep de vastgestelde waarde van € 104.000,-.
.De rechtbank is van oordeel dat de heffingsambtenaar met de taxatiematrix, het taxatierapport en de toelichting die daarop ter zitting is gegeven aannemelijk heeft gemaakt dat de waarde van de woning niet te hoog is vastgesteld. Daartoe neemt de rechtbank in aanmerking dat de in de taxatiematrix genoemde referentiewoningen goed bruikbaar zijn, omdat de referentiewoningen ook appartementen zijn die in een vergelijkbaar waardegebied in [plaats] liggen en niet te ver van de waardepeildatum verkocht zijn. Over de rijwoning, die ook is opgenomen in de taxatiematrix heeft de heffingsambtenaar toegelicht dat deze is toegevoegd vanwege de ligging en als indicatie voor het prijsniveau in de buurt, daarnaast gaat het om een relatief groot appartement waardoor een vergelijking met alleen andere (kleinere) appartementen wat lastiger is
.Met de taxatiematrix maakt de heffingsambtenaar aannemelijk dat bij de waardebepaling in voldoende mate rekening is gehouden met het feit dat de woning op toestandspeildatum 1 januari 2023 in aanbouw was en voor 25% gereed. De heffingsambtenaar heeft daarnaast rekening gehouden met de verschillen tussen de referentiewoningen en de woning ten aanzien van onder meer het voorzieningenniveau. Met de taxatiematrix heeft de heffingsambtenaar de waardeverhouding tussen de woning en de referentiewoningen inzichtelijk gemaakt.
1 januari 2022. Eiser bepleit een lagere waarde
.De heffingsambtenaar handhaaft in beroep de vastgestelde waarde van € 68.000,-.
.De rechtbank is van oordeel dat de heffingsambtenaar met de taxatiematrix, het taxatierapport en de toelichting die daarop ter zitting is gegeven aannemelijk heeft gemaakt dat de waarde van de woning niet te hoog is vastgesteld. Daartoe neemt de rechtbank in aanmerking dat de in de taxatiematrix genoemde referentiewoningen goed bruikbaar zijn, omdat de referentiewoningen ook appartementen zijn die in een vergelijkbaar waardegebied in [plaats] liggen en niet te ver van de waardepeildatum verkocht zijn. Over de rijwoning, die ook is opgenomen in de taxatiematrix heeft de heffingsambtenaar toegelicht dat deze is toegevoegd vanwege de ligging en als indicatie voor het prijsniveau in de buurt. Met de taxatiematrix maakt de heffingsambtenaar aannemelijk dat bij de waardebepaling in voldoende mate rekening is gehouden met het feit dat de woning op toestandspeildatum
1 januari 2023 in aanbouw was en voor 25% gereed. De heffingsambtenaar heeft daarnaast rekening gehouden met de verschillen tussen de referentiewoningen en de woning ten aanzien van onder meer het voorzieningenniveau. Met de taxatiematrix heeft de heffingsambtenaar de waardeverhouding tussen de woning en de referentiewoningen inzichtelijk gemaakt.
1 januari 2022. Eiser bepleit een lagere waarde. De heffingsambtenaar handhaaft in beroep de vastgestelde waarde van € 449.000,-.
eentaxatiematrix overgelegd, waarin de woning wordt vergeleken met vier verkopen in [plaats] , te weten:
Conclusie en gevolgen
Beslissing
- verklaart het beroep ongegrond;
- wijst het verzoek om immateriële schadevergoeding af.
P.W. Hogenbirk, griffier. De uitspraak is uitgesproken in het openbaar op
22 december 2025.