Uitspraak
RECHTBANK MIDDEN-NEDERLAND
uitspraak van de enkelvoudige kamer van 18 november 2025 in de zaak tussen
[eiser] , uit [plaats] , eiser
het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Almere
Samenvatting
Procesverloop
Beoordeling door de rechtbank
Eiser stelt wel dat hij met zijn WLZ-indicatie op korte termijn een passende woning kan vinden, maar dat heeft hij niet aannemelijk gemaakt. Eiser heeft tijdens de zitting toegelicht dat hij bij meerdere instellingen heeft geprobeerd een woning te krijgen endat dit soms wel jaren kan duren. Ook heeft hij verklaard dat hij soms wel een woning krijgt toegewezen, maar dat zijn contract dan na een korte termijn wordt beëindigd of dat de zorg niet passend is. Eiser heeft dit echter niet met objectieve documenten onderbouwd. De rechtbank begrijpt uit wat eiser heeft verteld wel dat het lastig is om een goede woonplek te vinden bij een zorginstelling in de buurt van Almere (waar hij sociale binding mee heeft en waar zijn moeder woont) waar ook passende zorg wordt geboden. Hij heeft echter niet met documenten onderbouwd dat hij heeft geprobeerd met zijn WLZ-indicatie een woonplek te krijgen bij een WLZ-zorginstelling, maar dat dit niet is gelukt. Eiser heeft dan ook niet aannemelijk gemaakt dat hij zijn urgente woonprobleem niet kan oplossen. Bovendien stond eiser op het moment van de beslissing op bezwaar ingeschreven in de BRP. Tijdens de zitting is gebleken dat dit een adres was dat toebehoort aan een zorginstelling en dat eiser daar woonde door gebruik te maken van zijn WLZ-indicatie. Deze beroepsgrond slaagt niet.