Uitspraak
RECHTBANK MIDDEN-NEDERLAND
uitspraak van de enkelvoudige kamer van 11 december 2025 in de zaak tussen
[eiser] , te [plaats] , eiser
Dienst Toeslagen, verweerder.
Procesverloop
Overwegingen
Beslissing
te ondertekenen
Rechtbank Midden-Nederland
Eiser heeft beroep ingesteld tegen een besluit van de Dienst Toeslagen van 11 augustus 2025. De rechtbank heeft echter vastgesteld dat eiser het vereiste griffierecht van €53,- niet heeft betaald, ondanks meerdere aanmaningen per aangetekende brief op 5 september en 6 oktober 2025.
De rechtbank heeft eiser twee keer aangetekende brieven gestuurd waarin werd verzocht het griffierecht binnen vier weken te voldoen. Deze brieven zijn volgens de track and trace bezorgd en afgehaald, maar betaling bleef uit. Eiser heeft geen geldige reden opgegeven voor het niet betalen van het griffierecht.
Op grond van artikel 8:41 en Pro 8:54 van de Algemene wet bestuursrecht is het niet betalen van het griffierecht een reden om het beroep niet-ontvankelijk te verklaren. De rechtbank heeft daarom het beroep niet inhoudelijk behandeld en verklaart het niet-ontvankelijk. Er is geen proceskostenvergoeding toegekend.
De uitspraak is gedaan door rechter G. Schnitzler op 11 december 2025 te Utrecht. Eiser wordt gewezen op de mogelijkheid om binnen zes weken een verzetschrift in te dienen tegen deze beslissing.
Uitkomst: Het beroep wordt niet-ontvankelijk verklaard wegens niet-betaling van het griffierecht.