ECLI:NL:RBMNE:2026:1016
Rechtbank Midden-Nederland
- Beschikking
- Rechtspraak.nl
Afwijzing verzoek tot herstelbeschikking bijdrage kosten verzorging en opvoeding minderjarige
De moeder verzocht de rechtbank om de vader te verplichten vanaf 1 januari 2023 een bedrag van €335 per maand bij te dragen in de kosten van verzorging en opvoeding van hun minderjarige kind. Dit verzoek werd later gewijzigd tot een bijdrage van €179,08 per maand vanaf 1 november 2025. De rechtbank bepaalde bij beschikking van 26 november 2025 dat de vader vanaf die datum €189 per maand moest betalen.
De vader verzocht vervolgens om verbetering van deze beschikking, stellende dat de bijdrage maximaal €179,08 per maand had mogen zijn. De rechtbank stelde de moeder in de gelegenheid te reageren, die zich op het eerdere oordeel beriep.
De rechtbank oordeelde dat een verbetering alleen mogelijk is bij een kennelijke rekenfout, schrijffout of andere kennelijke fout die eenvoudig te herstellen is. Het vaststellen van een bijdrage van €189 per maand, ook al zou dit buiten de rechtsstrijd van partijen zijn, vormt geen dergelijke fout. De rechtbank verwees naar een eerdere uitspraak van het Gerechtshof Den Haag ter onderbouwing en wees het verzoek van de vader af.
De beslissing werd genomen door kinderrechter A.M.J. van der Weide en griffier S. Clement en in het openbaar uitgesproken op 12 februari 2026.
Uitkomst: Het verzoek tot verbetering van de beschikking inzake de bijdrage in de kosten van verzorging en opvoeding is afgewezen.