Uitspraak
1.De procedure
- de conclusie van antwoord in conventie, met een voorwaardelijke eis in reconventie
- de mondelinge behandeling van 12 februari 2026, waarvan door de griffier aantekeningen zijn gemaakt.
Rechtbank Midden-Nederland
In deze zaak vordert eiseres betaling van abonnementsgelden voor een incassodienst die zij aan gedaagde heeft geleverd. Gedaagde had een incassoabonnement afgesloten nadat een deurwaarder het vonnis van een eerdere lening niet kon innen. Gedaagde stelt dat zij als consument handelde en de overeenkomst buitengerechtelijk heeft vernietigd.
De kantonrechter oordeelt dat gedaagde inderdaad als consument heeft gehandeld, ondanks dat haar bedrijfsnaam op de overeenkomst stond. De overeenkomst is een overeenkomst op afstand, waarbij eiseres niet heeft voldaan aan de informatieplicht over het herroepingsrecht zoals voorgeschreven in het Burgerlijk Wetboek. Gedaagde is niet geïnformeerd over haar recht om binnen veertien dagen zonder kosten en zonder opgave van redenen de overeenkomst te herroepen.
Omdat eiseres niet aan deze informatieplicht heeft voldaan, is de herroepingstermijn verlengd en heeft gedaagde tijdig gebruik gemaakt van haar herroepingsrecht door de overeenkomst buitengerechtelijk te vernietigen. Hierdoor is zij geen betaling verschuldigd voor de verrichte werkzaamheden. De vordering van eiseres wordt afgewezen en zij wordt veroordeeld tot terugbetaling van reeds betaalde bedragen en de proceskosten van gedaagde.
Uitkomst: De vordering van eiseres wordt afgewezen wegens niet-informeren over het herroepingsrecht en gedaagde hoeft geen abonnementsgelden te betalen.