ECLI:NL:RBMNE:2026:1187
Rechtbank Midden-Nederland
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Bevestiging naheffingsaanslag parkeerbelasting ondanks bezit gehandicaptenparkeerkaart
Eiser, houder van een gehandicaptenparkeerkaart (GPK) die niet aan een kenteken is gebonden, kreeg een naheffingsaanslag parkeerbelasting opgelegd omdat zijn voertuig op een betaalparkeerplaats stond zonder dat de parkeerbelasting was voldaan. De GPK moet volgens de voorwaarden duidelijk zichtbaar achter de voorruit liggen om vrijstelling te verkrijgen.
De heffingsambtenaar heeft voldoende aannemelijk gemaakt dat ten tijde van de controle geen GPK in het voertuig aanwezig was. Eiser heeft onvoldoende bewijs geleverd dat de kaart wel zichtbaar op het dashboard lag, ondanks zijn stelling en de overgelegde foto's.
De rechtbank oordeelt dat de naheffingsaanslag terecht is opgelegd omdat niet aan de voorwaarden voor vrijstelling is voldaan. Hoewel begrip bestaat voor het vergeten van de GPK, blijft dit voor rekening en risico van de houder. De rechtbank is niet bevoegd om de aanslag om coulance te vernietigen.
Het beroep wordt ongegrond verklaard, de uitspraak op bezwaar blijft in stand en eiser krijgt geen vergoeding van griffierecht of proceskosten.
Uitkomst: De naheffingsaanslag parkeerbelasting wordt bevestigd omdat de gehandicaptenparkeerkaart niet zichtbaar was aangebracht.