Uitspraak
RECHTBANK MIDDEN-NEDERLAND
1.Zitting
- [verdachte] ;
- de officier van justitie: mr. F. Leeman;
- de advocaat van [verdachte] : mr. P.G.M. Lodder (
- de jeugdreclasseringswerkers: [persoon 1] en [persoon 2] ;
- de raadsonderzoek van de Raad voor de Kinderbescherming: [persoon 3] ;
- de jeugdbeschermer (van Nidos): [persoon 4] ;
- benadeelde partij [slachtoffer 1] ;
- de gemachtigde van benadeelde partij [slachtoffer 1] : [benadeelde partij 1] ;
2.Tenlastelegging
3.Bewijs
4.Kwalificatie en strafbaarheid
5.Straf
hierna: de Raad) geadviseerd.
6.In beslag genomen voorwerpen
7.Vordering benadeelde partij
8.Toegepaste wetsartikelen
- artikelen 36b, 36c, 36f, 45, 57, 77a, 77g, 77i, 77m, 77n, 77x, 77y, 77z, 77aa, 300, 311, 350 van het Wetboek van Strafrecht;
- artikelen 26, 55 van de Wet wapens en munitie
9.De beslissing
- verklaart bewezen dat [verdachte] feit 1 en feit 2 subsidiair onder parketnummer 16/305076-25, feit 1 en feit 2 onder parketnummer 16/292548-25 en feit 1 onder parketnummer 16/288654-25 heeft gepleegd, zoals hierboven in paragraaf 3.4 is omschreven;
- verklaart het overige dat in de beschuldiging staat niet bewezen en spreekt [verdachte] daarvan vrij;
- veroordeelt [verdachte] tot een
- bepaalt dat de tijd, door [verdachte] vóór de tenuitvoerlegging van deze uitspraak in verzekering en voorlopige hechtenis doorgebracht (te weten, 111 dagen), bij de tenuitvoerlegging van de jeugddetentie in mindering zal worden gebracht;
- veroordeelt [verdachte] tot een
- beveelt dat voor het geval [verdachte] de werkstraf niet of niet naar behoren verricht de werkstraf wordt vervangen door 30 dagen jeugddetentie;
- bepaalt dat de werkstraf niet zal worden ten uitvoer gelegd, tenzij de rechter later anders gelast op grond van het feit dat [verdachte] de hierna te melden algemene en/of bijzondere voorwaarden niet heeft nageleefd;
- stelt daarbij een
algemene voorwaardengelden dat [verdachte] :
bijzondere voorwaardengelden dat [verdachte] :
- wijst de vordering tot schadevergoeding van [benadeelde partij] geheel toe tot een bedrag van € 327,80 aan materiële schade;
- veroordeelt [verdachte] tot betaling aan [benadeelde partij] van het toegewezen bedrag, te vermeerderen met de wettelijke rente vanaf 3 december 2025 tot de dag van volledige betaling;
- veroordeelt [verdachte] ook in de kosten door de benadeelde partij gemaakt en ten behoeve van de tenuitvoerlegging van deze uitspraak nog te maken, tot op heden begroot op nihil;
- legt aan [verdachte] de verplichting op ten behoeve van [benadeelde partij] aan de Staat € 327,80 te betalen, te vermeerderen met de wettelijke rente vanaf 3 december 2025 tot de dag van volledige betaling. Bij gebreke van betaling en verhaal wordt
- bepaalt dat [verdachte] van zijn verplichting tot het vergoeden van schade is bevrijd als hij op een van de hiervoor beschreven manieren de schade aan de benadeelde dan wel aan de Staat heeft vergoed;
- wijst de vordering tot schadevergoeding van [slachtoffer 1] toe tot een bedrag van €200,00 aan immateriële schade;
- veroordeelt [verdachte] tot betaling aan [slachtoffer 1] van het toegewezen bedrag, te vermeerderen met de wettelijke rente vanaf 1 november 2025 tot de dag van volledige betaling;
- verklaart [slachtoffer 1] voor het overige niet-ontvankelijk in de vordering;
- veroordeelt [verdachte] ook in de kosten door de benadeelde partij gemaakt en ten behoeve van de tenuitvoerlegging van deze uitspraak nog te maken, tot op heden begroot op nihil;
- legt aan [verdachte] de verplichting op ten behoeve van [slachtoffer 1] aan de Staat €200,00 te betalen, te vermeerderen met de wettelijke rente vanaf 1 november 2025 tot de dag van volledige betaling. Bij gebreke van betaling en verhaal wordt
- bepaalt dat [verdachte] van zijn verplichting tot het vergoeden van schade is bevrijd als hij op een van de hiervoor beschreven manieren de schade aan de benadeelde dan wel aan de Staat heeft vergoed;
- wijst de vordering tot schadevergoeding van [slachtoffer 3] toe tot een bedrag van €200,00 aan immateriële schade;
- veroordeelt [verdachte] tot betaling aan [slachtoffer 3] van het toegewezen bedrag, te vermeerderen met de wettelijke rente vanaf 1 november 2025 tot de dag van volledige betaling;
- verklaart [slachtoffer 3] voor het overige niet-ontvankelijk in de vordering;
- veroordeelt [verdachte] ook in de kosten door de benadeelde partij gemaakt en ten behoeve van de tenuitvoerlegging van deze uitspraak nog te maken, tot op heden begroot op nihil;
- legt aan [verdachte] de verplichting op ten behoeve van [slachtoffer 3] aan de Staat €200,00 te betalen, te vermeerderen met de wettelijke rente vanaf 1 november 2025 tot de dag van volledige betaling. Bij gebreke van betaling en verhaal wordt
- bepaalt dat [verdachte] van zijn verplichting tot het vergoeden van schade is bevrijd als hij op een van de hiervoor beschreven manieren de schade aan de benadeelde dan wel aan de Staat heeft vergoed;
het proces-verbaal van aangifte van [benadeelde partij 2] , voor zover inhoudende, zakelijk weergegeven:
het proces-verbaal van bevindingen van verbalisant [verbalisant 1] , voor zover inhoudende, zakelijk weergegeven:
het proces-verbaal van aangifte van [benadeelde partij] , voor zover inhoudende, zakelijk weergegeven:
het proces-verbaal van bevindingen van verbalisant [verbalisant 2] , voor zover inhoudende, zakelijk weergegeven:
het proces-verbaal van aangifte van [slachtoffer 1] , voor zover inhoudende, zakelijk weergegeven:
het proces-verbaal van aangifte van [slachtoffer 2] , voor zover inhoudende, zakelijk weergegeven:
het proces-verbaal van aangifte van [slachtoffer 3] , voor zover inhoudende, zakelijk weergegeven:
het proces-verbaal van bevindingen van verbalisant [verbalisant 4] , voor zover inhoudende, zakelijk weergegeven:
het proces-verbaal van verhoor getuige [getuige] , voor zover inhoudende, zakelijk weergegeven:
het proces-verbaal van bevindingen van verbalisanten [verbalisant 5] en [verbalisant 6] , voor zover inhoudende, zakelijk weergegeven:
het proces-verbaal van bevindingen van verbalisant [verbalisant 7] , voor zover inhoudende, zakelijk weergegeven:
het proces-verbaal van bevindingen van verbalisant [verbalisant 4] , voor zover inhoudende, zakelijk weergegeven:
de verklaring van [verdachte] op de zitting van 27 februari 2026:
het proces-verbaal van aangifte van [benadeelde partij 3] , voor zover inhoudende, zakelijk weergegeven:
Het proces-verbaal van bevindingen van verbalisanten [verbalisant 8] en [verbalisant 9] , voor zover inhoudende, zakelijk weergegeven:
de rechtbank begrijpt: nummer [nummer 3]). Aldaar zou zijn ingebroken in een woning. Op het moment dat mijn collega en ik, het toegangshek naderden, zagen wij een iPad op de grond liggen, naast de paal waar het toegangshek aan vast was gemonteerd. Wij vroegen de aangeefster of de aangetroffen iPad van haar was. Wij hoorden dat zij bevestigend antwoordde dat de iPad van haar was. [26]
Het proces-verbaal van bevindingen van verbalisanten [verbalisant 9] en [verbalisant 8] , voor zover inhoudende, zakelijk weergegeven: