Uitspraak
1.De procedure
- de conclusie van antwoord met producties 1 tot en met 8,
- de conclusie van repliek met producties 1 tot en met 3,
- de conclusie van dupliek met productie 9,
2.De kern van de zaak
3.De beoordeling
- A-Mac heeft PostNL gevraagd om informatie over de bezorging. PostNL heeft in eerste instantie tegen A-Mac gezegd dat de bezorger het pakket heeft afgeleverd op nummer
- Een paar dagen later heeft PostNL aan [eiser] laten weten dat het pakket niet op nummer [nummer 1] , maar op nummer
- A-Mac vindt het van belang dat [eiser] daarvoor zélf heeft verklaard dat hij bij nummer [nummer 2] is langs geweest, terwijl dit huisnummer niet eerder is genoemd. Volgens A-Mac zou hieruit kunnen blijken dat [eiser] wel een briefje over het pakket in zijn brievenbus heeft ontvangen. [eiser] betwist dat; het was een typefout en hij bedoelde [nummer 1] . A-Mac trekt deze verklaring in twijfel, omdat het – kort gezegd – vanwege de indeling van het flatgebouw niet logisch is dat [eiser] bij nummer [nummer 1] heeft aangebeld.
- A-Mac heeft mevrouw [A] bezocht en haar gevraagd om een verklaring. Zij heeft die op 16 oktober 2025 per e-mail naar A-Mac verstuurd. Mevrouw [A] heeft op verschillende momenten en tegenover verschillende personen een verklaring met dezelfde strekking afgelegd en dat maakt haar verklaring betrouwbaar.
- De verklaringen van PostNL over de bezorging zijn inconsistent: volgens het track en trace bericht is het pakket bij [eiser] bezorgd, daarna zegt PostNL dat het pakket op nummer [nummer 1] is bezorgd en vervolgens wijzigt zij dat naar nummer [nummer 2] .
- Mevrouw [A] heeft tegenover [eiser] verklaard geen pakket voor hem te hebben ontvangen. De verklaring van mevrouw [A] tegenover A-Mac is onbetrouwbaar, want het pakket is op een ander tijdstip bezorgd dan dat zij verklaart. Mevrouw [A] heeft bovendien tegenover A-Mac verklaard dat zij geen aangetekende pakketten aanneemt en voor dit pakket moest worden getekend. Ook heeft mevrouw [A] gezegd dat [eiser] ‘wel vaker dit soort dingen doet’, maar PostNL verklaart dat soortgelijke meldingen van [eiser] niet bekend zijn. [eiser] twijfelt ook aan de betrouwbaarheid van mevrouw [A] omdat zij beweert een aangetekende brief van de gemachtigde van [eiser] niet te hebben ontvangen, terwijl de brief wel is afgehaald.
4.De beslissing
woensdag 22 april 2026voor uitlating door A-Mac of zij bewijs wil leveren door het overleggen van bewijsstukken, door het horen van getuigen en/of door een ander bewijsmiddel,
bewijsstukkenwil overleggen, zij die stukken dan direct in het geding moet brengen,
getuigenwil laten horen, zij de getuigen en de verhinderdagen van de partijen en hun gemachtigden in de maanden
mei 2026tot en met
augustus 2026dan direct moet opgeven, waarna dag en uur van het getuigenverhoor zullen worden bepaald,
alle partijenuiterlijk twee weken voor het eerste getuigenverhoor
alle beschikbare bewijsstukkenaan de kantonrechter en de wederpartij moeten toesturen,