Vrijdag webinar: live demo van Lexboost

ECLI:NL:RBMNE:2026:1671

Rechtbank Midden-Nederland

Datum uitspraak
24 maart 2026
Publicatiedatum
20 april 2026
Zaaknummer
12087835 UT VERZ 26-574 & 12087836 UT VERZ 26-575
Instantie
Rechtbank Midden-Nederland
Type
Uitspraak
Uitkomst
Toewijzend
Procedures
  • Beschikking
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Toewijzing verzoek tot onderbewindstelling en mentorschap wegens vasculaire dementie

De rechtbank Midden-Nederland heeft op 24 maart 2026 uitspraak gedaan in de zaak betreffende het verzoek van Stichting Altrecht tot onderbewindstelling en instelling van een mentorschap voor betrokkene, geboren in 1955 en woonachtig te Utrecht. Het verzoek werd mondeling behandeld op 13 maart 2026, waarbij betrokkene en zijn kinderen zich verzetten tegen de gevraagde maatregelen.

Betrokkene is gediagnosticeerd met vasculaire dementie en kampt daarnaast met somatische klachten en een belast, traumatisch verleden. Hij is beïnvloedbaar, gevoelig voor stress en sociaal geïsoleerd. De relatie met zijn kinderen is ingewikkeld en zij hebben een andere visie op zijn zorgbehoefte dan de professionele zorgverleners. De rechtbank concludeert dat betrokkene duurzaam niet in staat is zijn vermogensrechtelijke en niet-vermogensrechtelijke belangen behoorlijk waar te nemen.

De kinderen verzetten zich vooral uit vrees dat de maatregelen hun informele ondersteuning bemoeilijken en pleiten voor minder ingrijpende maatregelen zoals budgetbeheer. De rechtbank oordeelt echter dat een professionele bewindvoerder noodzakelijk is om financiële zaken adequaat te regelen en misbruik te voorkomen, mede gezien het ontbreken van belastingaangiften en de complexe familierelaties.

Ook acht de rechtbank het in het belang van betrokkene dat een professionele mentor wordt benoemd om hem te ondersteunen bij belangrijke levensveranderingen, zoals verhuizing naar een aanleunwoning. De rechtbank wijst het verzoek toe en benoemt [persoon7] h.o.d.n. BBR Zorgadvies tot bewindvoerder en mentor, met toepassing van de forfaitaire tarieven uit de Regeling beloning curatoren, bewindvoerders en mentoren.

Uitkomst: Verzoek tot onderbewindstelling en mentorschap wordt toegewezen en een professionele bewindvoerder en mentor worden benoemd.

Uitspraak

RECHTBANK MIDDEN-NEDERLAND
Zittingsplaats Utrecht
zaaknummer : 12087835 UT VERZ 26-574 & 12087836 UT VERZ 26-575 LB
datum : 24 maart 2026
beschikking op een verzoek tot onderbewindstelling en instelling van een mentorschap
op verzoek van:

Stichting Altrecht,

Gevestigd te 3512 PG Utrecht, Lange Nieuwstraat 119,
hierna te noemen: verzoeker,
met betrekking tot:

[betrokkene] ,

geboren te [geboorteplaats] op [geboortedatum] 1955,
wonende te [postcode] [plaats] , [adres] ,
hierna te noemen: betrokkene.

procedure

De kantonrechter heeft kennisgenomen van:
  • het verzoek (met bijlagen), ontvangen op 6 februari 2026;
  • de bereidverklaring van de voorgestelde bewindvoerder(s) om tot bewindvoerder(s) te worden benoemd;
  • de bereidverklaring van de voorgestelde mentor(en) om tot mentor(en) te worden benoemd;
  • Ter zitting is een verweerschrift overlegd door de kinderen.
Het verzoek is mondeling behandeld op 13 maart 2026. Daarbij waren aanwezig:
  • Betrokkene
  • [persoon1] , zoon van betrokkene,
  • [persoon2] en [persoon3] , dochters van betrokkene,
  • [persoon4] , vriend van betrokkene,
  • [persoon5] , namens [persoon7] , beoogd bewindvoerder en mentor van betrokkene,
  • [persoon6] , psychiater, namens Altrecht.

beoordeling

Verzoeker vraagt om het instellen van een bewind en instelling van een mentorschap ten behoeve van betrokkene.
Betrokkene en zijn kinderen hebben zich daartegen verzet.
De kantonrechter zal het verzoek toewijzen omdat aan de wettelijke vereisten voor de verzochte maatregelen is voldaan. De kantonrechter zal dit hierna uitleggen.
Bij betrokkene is de diagnose vasculaire dementie gesteld. Uit het door zijn kinderen overgelegde verweerschrift blijkt bovendien dat hij somatische klachten heeft en een belast en traumatisch verleden. Hij is beïnvloedbaar en gevoelig voor stress. Er is daarnaast sprake van sociale isolatie. Ter zitting is verder gebleken dat betrokkene slechthorend is en een ingewikkelde relatie heeft met zijn kinderen, zoals zij ook zelf aangeven. Om bovenstaande redenen is betrokkene kwetsbaar en heeft hij op verschillende terreinen hulp en ondersteuning nodig. Dit alles rechtvaardigt de conclusie dat betrokkene duurzaam niet in staat is om zijn vermogensrechtelijke belangen en niet vermogensrechtelijke belangen behoorlijk waar te nemen.
De kinderen hebben zich verzet tegen een bewind en mentorschap, niet zozeer omdat zij de problematiek ontkennen, maar omdat zij vrezen dat het door deze maatregelen voor hen lastiger wordt om op informele wijze ondersteuning aan hun vader te bieden en omdat er naar hun mening minder ingrijpende maatregelen zoals bijvoorbeeld budgetbeheer mogelijk zijn. De kantonrechter volgt hen hierin niet. Niet betwist is dat de rechthebbende de afgelopen vijf jaren geen belastingaangifte heeft ingediend, ondanks de betrokkenheid van de kinderen. Gezien ook de ingewikkelde relatie van de rechthebbende met zijn kinderen is de kantonrechter van oordeel dat een onafhankelijke en professionele bewindvoerder, de financiële zaken moet gaan regelen opdat betrokkene wat betreft inkomensondersteuning krijgt wat hem toekomt en er financieel geen misbruik van hem gemaakt kan worden. Budgetbeheer biedt op dit punt onvoldoende bescherming en een budgetbeheerder is, anders dan een bewindvoerder, niet verplicht periodiek rekening en verantwoording af te leggen aan de kantonrechter. Die periodieke rekeningen verantwoording biedt een extra bescherming aan betrokkene.
Gelet op de ingewikkelde verhouding van de kinderen met hun vader, diens beïnvloedbaarheid, de niet optimale verhoudingen en communicatie van de kinderen met de professionele zorgverleners, in combinatie met de toenemende zorgbehoefte van betrokkene acht de kantonrechter het in zijn belang dat een professionele mentor hem gaat ondersteunen bij de belangrijke veranderingen die in zijn leven op stapel staan, zoals een verhuizing naar een aanleunwoning en mogelijk daarna naar een woonvorm met nog meer begeleiding. De kantonrechter acht die begeleiding in mindere mate op de weg van de kinderen liggen, ook omdat zij een andere visie hebben op de (ernst van de) zorgbehoefte van hun vader dan de professionele zorgverleners van Altrecht.

beslissing

De kantonrechter:
- Stelt met ingang van de dag na de datum van deze beschikking een bewind in over de goederen die
[betrokkene](zullen) toebehoren vanwege zijn lichamelijke of geestelijke toestand;
- Stelt met ingang van de dag na de datum van deze beschikking een mentorschap in ten behoeve van
[betrokkene]vanwege de lichamelijke of geestelijke toestand van betrokkene;
- Benoemt met ingang van de dag na de datum van deze beschikking tot bewindvoerder(s):
[persoon7] h.o.d.n. BBR Zorgadvies, correspondentieadres: 3800 CD Amersfoort, Postbus 2190;
- Benoemt met ingang van de dag na de datum van deze beschikking tot mentor(en):
[persoon7] h.o.d.n. BBR Zorgadvies, correspondentieadres: 3800 CD Amersfoort, Postbus 2190;
- Bepaalt dat de bewindvoerder/mentor voor zijn/haar (aanvangs)werkzaamheden en voor de met het bewind/mentorschap gemoeide kosten de in de Regeling beloning curatoren, bewindvoerders en mentoren vastgestelde forfaitaire tarieven ten laste van het vermogen van betrokkene mag brengen.
Deze beschikking is gegeven door mr. M.A.A.T. Engbers, kantonrechter, en in het openbaar uitgesproken op 24 maart 2026.
Tegen deze beschikking kan - uitsluitend door tussenkomst van een advocaat - hoger beroep worden ingesteld bij het gerechtshof te Arnhem-Leeuwarden, locatie Leeuwarden
Arnhem-Leeuwarden, locatie Arnhem:
a. door de verzoeker en degenen aan wie een afschrift van deze beschikking (digitaal) is verstrekt of verzonden binnen drie maanden na de dag van de uitspraak;
b. door andere belanghebbenden binnen drie maanden na betekening daarvan of nadat deze beschikking hun op andere wijze bekend is geworden.