Uitspraak
RECHTBANK MIDDEN-NEDERLAND
1.Zitting
- de verdachte;
- de officier van justitie: mr. S.K. Lanning-Stein;
- de advocaat van de verdachte: mr. J.P.W. Nijboer (hierna: de advocaat);
- de benadeelde partijen: [slachtoffer 1] , [slachtoffer 2] (bijgestaan door Slachtofferhulp Nederland) en [slachtoffer 3] (bijgestaan door mr. M. Veldman, advocaat).
2.Tenlastelegging
3.Bewijs
op 30 maart 2025 te IJsselstein ter uitvoering van het door verdachte voorgenomen misdrijf om aan een ander, te weten [slachtoffer 4] , opzettelijk zwaar lichamelijk letsel toe te brengen die [slachtoffer 4] , met een voetveeg/trap tegen zijn benen op de grond heeft gegooid en die [slachtoffer 4] onderuit heeft getrapt, terwijl de uitvoering van dat voorgenomen misdrijf niet is voltooid;
op 30 maart 2025 te IJsselstein tezamen en in vereniging met een ander aan [slachtoffer 2] opzettelijk zwaar lichamelijk letsel heeft toegebracht, te weten een ontsierend litteken in het gezicht, door die [slachtoffer 2] meermalen in het gezicht en tegen het hoofd te slaan en stompen;
op 30 maart 2025 te IJsselstein openlijk, te weten, aan de Touwlaan, in vereniging geweld heeft gepleegd tegen een persoon, te weten [slachtoffer 2] , door die [slachtoffer 2] meermalen in het gezicht en tegen het hoofd te slaan en stompen;
4.Kwalificatie en strafbaarheid
mishandeling;
5.Straf
6.Vorderingen benadeelde partijen
- kosten laserbehandeling litteken: 737,98 euro;
- tegemoetkoming opname verlofuren: 95,34 euro (6,81 euro per uur), bestaande uit:
- kosten eigen risico: 267,11 euro;
- kosten jas: 199,99 euro;
- kosten overhemd: 80,00 euro;
- parkeerkosten Slachtofferhulp: 7,59 euro.
- spoedtandarts: 866,83 euro;
- infomedics na controle beugel: 52,14 euro;
- infomedics beoordelen trauma: 10,43 euro;
- infomedics spalk plaatsen: 139,14 euro;
- infomedics reiniging gebit: 25,51 euro;
- vervoer en parkeerkosten naar (nood)tandarts: 21,07 euro.
- eigen risico zorgverzekering 2025: 385,00 euro;
- kapot shirt: 50,00 euro;
- gederfd inkomen: 610,00 euro;
- studievertraging: 11.468,75 euro.
Schadevergoeding [slachtoffer 1]
7.Toegepaste wetsartikelen
8.De beslissing
- verklaart bewezen dat de verdachte de ten laste gelegde feiten in de zaak 16.102436.25 (onder 1 subsidiair, onder 2 primair en onder 3), in de zaak 16.197760.25 en in de zaak 16.272453.25 (subsidiair) heeft gepleegd, zoals in paragraaf 3.4 is omschreven;
- verklaart het overige dat in de beschuldiging staat niet bewezen en spreekt de verdachte daarvan vrij.
- verklaart het bewezenverklaarde strafbaar en kwalificeert dit zoals in paragraaf 4.1 is vermeld;
- verklaart de verdachte strafbaar voor het in paragraaf 3.4 bewezenverklaarde.
gevangenisstraf van 12 maanden;
gedeelte van 3 maanden,niet ten uitvoer zal worden gelegd, tenzij de rechter later anders gelast op grond van het feit dat de verdachte de hierna genoemde algemene en bijzondere voorwaarden niet heeft nageleefd;
proeftijd van twee jarenvast;
algemene voorwaardengelden dat de verdachte:
- zich voor het einde van de proeftijd niet schuldig maakt aan een strafbaar feit;
- ten behoeve van het vaststellen van zijn identiteit medewerking verleent aan het nemen van één of meer vingerafdrukken of een identiteitsbewijs als bedoeld in artikel 1 van Pro de Wet op de Identificatieplicht ter inzage aanbiedt;
- medewerking verleent aan het reclasseringstoezicht, bedoeld in artikel 14c, zesde lid, van het Wetboek van Strafrecht, de medewerking aan huisbezoeken daaronder begrepen;
bijzondere voorwaarden:
Reclassering Inforsa Utrechtde opdracht wordt gegeven om toezicht te houden op de naleving van de voorwaarden en de verdachte daarbij te begeleiden.
- wijst de vordering van [slachtoffer 2] geheel toe, dus een bedrag van 3.110,77 euro;
- veroordeelt de verdachte tot betaling aan [slachtoffer 2] van het toegewezen bedrag, vermeerderd met de wettelijke rente vanaf 30 maart 2025 tot de dag van volledige betaling;
- veroordeelt de verdachte hoofdelijk tot betaling aan [slachtoffer 2] van het toegewezen bedrag, met dien verstande dat indien en voor zover reeds door een ander (gedeeltelijk) aan de benadeelde is betaald, de verdachte (in zoverre) van deze verplichting zal zijn bevrijd;
- veroordeelt de verdachte ook in de kosten die de benadeelde partij heeft gemaakt en ten behoeve van de tenuitvoerlegging van deze uitspraak nog zal maken, tot op dit moment begroot op 27,24 euro;
- legt aan de verdachte de hoofdelijke verplichting op ten behoeve van [slachtoffer 2] aan de Staat 3.110,77 euro te betalen, vermeerderd met de wettelijke rente vanaf 30 maart 2025 tot de dag van volledige betaling, bij niet betaling aan te vullen met 31 dagen gijzeling;
- bepaalt dat de verdachte van zijn verplichting tot het vergoeden van schade is bevrijd als hij of zijn mededader op een van de hiervoor beschreven manieren de schade aan de benadeelde dan wel aan de Staat heeft vergoed.
- wijst de vordering van [slachtoffer 1] geheel toe, dus een bedrag van 1.115,12 euro;
- veroordeelt de verdachte tot betaling aan [slachtoffer 1] van het toegewezen bedrag, vermeerderd met de wettelijke rente vanaf 1 maart 2025 tot de dag van volledige betaling;
- veroordeelt de verdachte ook in de kosten door de benadeelde partij gemaakt en ten behoeve van de tenuitvoerlegging van deze uitspraak nog te maken, tot op heden begroot op nihil;
- legt aan de verdachte de verplichting op ten behoeve van [slachtoffer 1] aan de Staat 1.115,12 euro te betalen, vermeerderd met de wettelijke rente vanaf 1 maart 2025 tot de dag van volledige betaling, bij niet betaling aan te vullen met 11 dagen gijzeling;
- bepaalt dat de verdachte van zijn verplichting tot het vergoeden van schade is bevrijd als hij op een van de hiervoor beschreven manieren de schade aan de benadeelde dan wel aan de Staat heeft vergoed.
- wijst de vordering van [slachtoffer 3] gedeeltelijk toe, tot een bedrag van 2.795,00 euro;
- veroordeelt de verdachte tot betaling aan [slachtoffer 3] van het toegewezen bedrag, vermeerderd met de wettelijke rente vanaf 15 juni 2025 tot de dag van volledige betaling;
- verklaart [slachtoffer 3] voor wat betreft het meer gevorderde niet-ontvankelijk in zijn vordering en bepaalt dat de vordering voor dat deel kan worden aangebracht bij de burgerlijke rechter;
- veroordeelt de verdachte ook in de kosten door de benadeelde partij gemaakt en ten behoeve van de tenuitvoerlegging van deze uitspraak nog te maken, tot op heden begroot op nihil;
- legt aan de verdachte de verplichting op ten behoeve van [slachtoffer 3] aan de Staat 2.795,00 euro te betalen, vermeerderd met de wettelijke rente vanaf 15 juni 2025 tot de dag van volledige betaling, bij niet betaling aan te vullen met 27 dagen gijzeling;
- bepaalt dat de verdachte van zijn verplichting tot het vergoeden van schade is bevrijd als hij op een van de hiervoor beschreven manieren de schade aan de benadeelde dan wel aan de Staat heeft vergoed.
hij op of omstreeks 30 maart 2025 te IJsselstein aan een ander, te weten [slachtoffer 4] opzettelijk zwaar lichamelijk letsel heeft toegebracht, door die [slachtoffer 4] met een voetveeg/trap
tegen zijn benen op de grond te gooien, duwen en/of die [slachtoffer 4] onderuit te trappen;
hij op of omstreeks 30 maart 2025 te IJsselstein tezamen en in vereniging met een of meer anderen, althans alleen, aan [slachtoffer 2] opzettelijk zwaar lichamelijk letsel, te weten een of meerdere ontsierende littekens in het gezicht, heeft toegebracht, door die [slachtoffer 2] een of meermalen in het gezicht en/of tegen het hoofd te slaan en/of stompen;
3
hij op of omstreeks 30 maart 2025 te IJsselstein openlijk, te weten, aan de Touwlaan, in elk geval op of aan de openbare weg en/of op een voor het publiek toegankelijke plaats, in vereniging geweld heeft gepleegd tegen een persoon, te weten [slachtoffer 2] , door die [slachtoffer 2] een of meermalen in het gezicht en/of tegen het hoofd te slaan en/of stompen;
zwaar lichamelijk letsel heeft toegebracht, door die [slachtoffer 3] één of meermalen met kracht in het gezicht te stompen/slaan waardoor die [slachtoffer 3] op de grond is gevallen;
Ik zag dat P4 (de rechtbank begrijpt: de verdachte) zijn rechterarm om de nek van P6 (de rechtbank begrijpt: slachtoffer [slachtoffer 4] ) sloeg. Ik zag dat P4 zijn rechterbeen naar achter haalt en met snelheid naar voren haalt tegen de achterkant van de benen van P6. Ik zag dat P6 hierdoor rechtstandig naar achteren viel. Ik zag dat P6 stil op de grond bleef liggen. [2]
.Ik hoorde dat een beveiliger zei dat hij wist wie mij had geslagen. Ik zag dat de beveiliger een jongen aanwees. Ik herkende die jongen als de jongen die mij net had geslagen. Ik zag dat de politie naar de jongen ging om zijn identiteit vast te stellen. De tandarts heeft aan de linkerkant twee voortanden en een hoektand rechtgezet en twee hechtingen gezet linksboven op mijn tandvlees. [12]