Vrijdag webinar: live demo van Lexboost

ECLI:NL:RBMNE:2026:1901

Rechtbank Midden-Nederland

Datum uitspraak
15 april 2026
Publicatiedatum
26 april 2026
Zaaknummer
12007843 \ LC EXPL 25-2627
Instantie
Rechtbank Midden-Nederland
Type
Uitspraak
Rechtsgebied
Civiel recht
Uitkomst
Toewijzend
Procedures
  • Eerste aanleg - enkelvoudig
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 6:96 lid 6 BWArt. 6:119 BW
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Betaling resterende zorgkostennota voor beugelplaatsing minderjarige dochter

Infomedics vordert betaling van het resterende bedrag van €224,24 van een zorgkostennota voor de beugelplaatsing van de minderjarige dochter van gedaagde. Gedaagde betwist de vordering en stelt dat hij en zijn ex-partner ieder de helft zouden betalen, en dat Infomedics zich tot zijn ex-partner moet wenden.

De kantonrechter oordeelt dat gedaagde als wettelijke vertegenwoordiger van zijn minderjarige dochter aansprakelijk is voor de volledige betaling van de nota. De afspraak tussen gedaagde en zijn ex-partner kan Infomedics niet worden tegengeworpen, aangezien Infomedics geen partij is bij die afspraak. De hoogte van de nota is niet betwist.

Gedaagde wordt veroordeeld tot betaling van het resterende bedrag van €224,24, vermeerderd met wettelijke rente vanaf 10 november 2025 en buitengerechtelijke incassokosten van €40,00. De gevraagde betalingsregeling wordt afgewezen. Tevens wordt gedaagde veroordeeld in de proceskosten van €387,66. Het vonnis wordt uitvoerbaar bij voorraad verklaard.

Uitkomst: Gedaagde wordt veroordeeld tot betaling van het resterende bedrag van €224,24 met rente, incassokosten en proceskosten.

Uitspraak

RECHTBANKMIDDEN-NEDERLAND
Civiel recht
Kantonrechter
Zittingsplaats Lelystad
Zaaknummer: 12007843 \ LC EXPL 25-2627
Vonnis van 15 april 2026
in de zaak van
INFOMEDICS B.V., mede handelend onder de namen INFOMEDICS FACTORING, UWNOTA.NL, DFA SERVICES EN INFOMEDICS DFA,
statutair gevestigd en kantoorhoudende te Almere,
eisende partij,
hierna te noemen: Infomedics,
gemachtigde: Yards Deurwaardersdiensten B.V.,
tegen
[gedaagde],
wonende te [woonplaats] ,
gedaagde partij,
hierna te noemen: [gedaagde] ,
procederend in persoon.

1.De procedure

1.1
Infomedics heeft [gedaagde] op 3 december 2025 gedagvaard voor de kantonrechter. Daarbij heeft Infomedics twee producties meegestuurd. [gedaagde] heeft mondeling op de dagvaarding geantwoord. Daarna is nog een schriftelijke ronde geweest, waarbij Infomedics op het antwoord van [gedaagde] heeft gereageerd (akte) en [gedaagde] daarop weer heeft gereageerd (antwoordakte met bijlage).
1.2
De kantonrechter heeft besloten dat vandaag de uitspraak is.

2.Kern van de zaak

2.1
Deze zaak gaat over een onbetaalde zorgkostennota. Het gaat om de nota die Infomedics op 28 februari 2025 aan [gedaagde] heeft gestuurd. Volgens de nota is de dochter van [gedaagde] op 3 februari 2025 bij [naam] (hierna: de tandarts) voor de plaatsing van een beugel geweest. De kosten voor plaatsing van de beugel inclusief materiaal- en techniekkosten waren € 531,79. Infomedics heeft de vordering op [gedaagde] van de tandarts – door cessie daarvan – overgenomen. Een deel van de nota is betaald. Infomedics wil dat [gedaagde] het restant van de nota van € 224,24 alsnog betaalt, met rente en kosten. [gedaagde] is het niet eens met de vordering. Volgens [gedaagde] hebben hij en zijn ex-partner afgesproken dat zij ieder de helft van de nota zouden betalen. Hij heeft zijn deel van de nota al betaald. Infomedics moet voor de rest van de nota zich wenden tot zijn ex-partner, aldus [gedaagde] .
2.2
De kantonrechter geeft Infomedics gelijk. [gedaagde] moet het bedrag van € 224,24, met rente en kosten, betalen. Hierna wordt uitgelegd waarom.

3.De beoordeling

Waarom moet [gedaagde] het bedrag van € 224,24 betalen?
3.1
Vaststaat dat de minderjarige dochter van [gedaagde] – [A] – op 3 februari 2025 voor de plaatsing van een beugel bij de tandarts is geweest en dat daarvoor kosten zijn verschuldigd. De tandarts heeft voor de plaatsing van de beugel € 531,79 in rekening gebracht, inclusief materiaal- en techniekkosten. [gedaagde] is de wettelijke vertegenwoordiger van zijn minderjarige dochter, die op zijn woonadres is ingeschreven. Als zodanig is [gedaagde] aansprakelijk voor de betaling van deze kosten. Dat [gedaagde] met zijn ex-partner de afspraak heeft gemaakt dat ieder de helft van de nota zou betalen, kan [gedaagde] Infomedics niet tegenwerpen. Infomedics is geen partij bij die afspraak tussen [gedaagde] en zijn ex-partner. Bij antwoordakte heeft [gedaagde] dit alles niet meer weersproken. Ook de hoogte van de nota heeft [gedaagde] niet weersproken. De kantonrechter gaat dan ook uit van de juistheid van wat Infomedics naar voren heeft gebracht. [gedaagde] is het restant van de nota, dat is € 224,24, dan ook aan Infomedics verschuldigd.
3.2
Het voorgaande leidt ertoe dat de vordering tot betaling van € 224,24 wordt toegewezen. Dit betekent dat [gedaagde] dit bedrag aan Infomedics moet betalen.
Wettelijke rente
3.3
[gedaagde] is te laat met het betalen van (het restant van) de nota. Daarom moet [gedaagde] de wettelijke rente betalen. De gevorderde wettelijke rente tot 10 november 2025 van € 8,29 wordt toegewezen, net als de gevorderde rente vanaf 10 november 2025 tot volledige betaling.
Buitengerechtelijke incassokosten
3.4
Infomedics maakt aanspraak op de vergoeding van buitengerechtelijke incassokosten. De kantonrechter stelt vast dat het Besluit vergoeding voor buitengerechtelijke incassokosten (hierna: het Besluit) van toepassing is. Infomedics heeft aan [gedaagde] op 15 september 2025 een aanmaning gestuurd die voldoet aan de eisen van artikel 6:96 lid 6 van Pro het Burgerlijk Wetboek (BW). Het gevorderde bedrag aan buitengerechtelijke incassokosten van € 40,00 komt overeen met het in het Besluit bepaalde tarief en wordt toegewezen.
Verzoek om een betalingsregeling
3.5
[gedaagde] heeft gevraagd om een betalingsregeling van € 125,00 per maand. De kantonrechter kan echter geen betalingsregeling vaststellen: het is aan partijen om na de uitspraak eventueel een betalingsregeling te treffen.
Proceskosten
3.6
[gedaagde] is in het ongelijk gesteld en moet daarom de proceskosten (inclusief nakosten) betalen. De proceskosten van Infomedics worden begroot op:
- kosten van de dagvaarding
122,16
- griffierecht
135,00
- salaris gemachtigde
87,00
(1 punt × € 87,00)
- nakosten
43,50
(plus de kosten van betekening zoals vermeld in de beslissing)
Totaal
387,66
3.7
De gevorderde wettelijke rente over de proceskosten wordt toegewezen zoals vermeld in de beslissing.
Uitvoerbaarheid bij voorraad
3.8
De kantonrechter zal de beslissing uitvoerbaar bij voorraad verklaren, zoals gevorderd. Dat betekent dat de beslissing moet worden gevolgd, ook als een van partijen hoger beroep instelt tegen deze beslissing. De beslissing van de kantonrechter geldt in dat geval totdat het gerechtshof een andere beslissing neemt.

4.De beslissing

De kantonrechter
4.1
veroordeelt [gedaagde] om aan Infomedics tegen bewijs van kwijting te betalen € 272,53, te vermeerderen met de wettelijke rente als bedoeld in artikel 6:119 BW Pro over het bedrag van € 224,24 vanaf 10 november 2025 tot volledige betaling,
4.2
veroordeelt [gedaagde] in de proceskosten van € 387,66, te betalen binnen veertien dagen na aanschrijving daartoe, te vermeerderen met de kosten van betekening als [gedaagde] niet tijdig aan de veroordelingen voldoet en het vonnis daarna wordt betekend,
4.3
veroordeelt [gedaagde] tot betaling van de wettelijke rente als bedoeld in artikel 6:119 BW Pro over de proceskosten als deze niet binnen veertien dagen na aanschrijving zijn betaald,
4.4
verklaart dit vonnis uitvoerbaar bij voorraad,
4.5
wijst het meer of anders gevorderde af.
Dit vonnis is gewezen door mr. drs. B.G.W.P. Heijne en in het openbaar uitgesproken op
15 april 2026.
HHt/37278