Vrijdag webinar: live demo van Lexboost

ECLI:NL:RBMNE:2026:1902

Rechtbank Midden-Nederland

Datum uitspraak
15 april 2026
Publicatiedatum
26 april 2026
Zaaknummer
11977232 \ LC EXPL 25-2476
Instantie
Rechtbank Midden-Nederland
Type
Uitspraak
Rechtsgebied
Civiel recht
Uitkomst
Aangehouden
Procedures
  • Tussenuitspraak
Rechters
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Tussenvonnis over achterstallige eigen bijdrage zorgverlening en verzoek tot nadere toelichting door CAK

In deze civiele zaak vordert het Centraal Administratie Kantoor (CAK) betaling van achterstallige eigen bijdragen voor zorgverlening aan huis in 2024 van [gedaagde]. [gedaagde] betwist de hoogte van de bedragen en stelt dat de eigen bijdrage gebaseerd is op verouderde gegevens, waaronder een daling van het pensioeninkomen. De kantonrechter stelt echter vast dat de termijnen voor bezwaar en beroep tegen de beschikkingen zijn verstreken, waardoor deze formele rechtskracht hebben gekregen en de rechter de hoogte van de eigen bijdrage niet kan herzien.

De kantonrechter analyseert de verschillende beschikkingen en correctiefacturen en constateert dat CAK een nadere toelichting moet geven over de wijze waarop de factuur van 20 september 2024, gebaseerd op een beschikking van 2 augustus 2024, is gecorrigeerd na wijziging van de eigen bijdrage in de beschikking van 1 november 2024. CAK krijgt de gelegenheid om deze toelichting te geven, waarna [gedaagde] kan reageren.

De kantonrechter wijst de tegenvordering van [gedaagde] af omdat de rechter niet bevoegd is de eigen bijdrage aan te passen. De zaak wordt aangehouden voor nadere stukken en een vervolgreactie, waarbij verdere beslissing wordt uitgesteld.

Uitkomst: De kantonrechter wijst de tegenvordering af en gelast CAK nadere toelichting over factuurcorrectie, waarna de zaak wordt voortgezet.

Uitspraak

RECHTBANKMIDDEN-NEDERLAND
Civiel recht
Kantonrechter
Zittingsplaats Lelystad
Zaaknummer: 11977232 \ LC EXPL 25-2476
Vonnis van 15 april 2026
in de zaak van
CENTRAAL ADMINISTRATIEKANTOOR (CAK),
te 's-Gravenhage,
eisende partij,
hierna te noemen: CAK,
gemachtigde: Flanderijn & Van Eck,
tegen
[gedaagde],
te [woonplaats] ,
gedaagde partij,
hierna te noemen: [gedaagde] ,
procederend in persoon.

1.De zaak in het kort

[gedaagde] heeft in 2024 gebruik gemaakt van zorgverlening aan huis. Sinds 10 april 2024 woont [gedaagde] in een zorginstelling. CAK brengt een eigen bijdrage voor de zorg in rekening. In deze zaak vordert CAK de betaling van achterstallige eigen bijdragen uit 2024. [gedaagde] is het niet eens met de gevorderde bedragen. De kantonrechter heeft op één punt een nadere toelichting van CAK nodig. Daarna mag [gedaagde] op dat punt reageren.

2.De procedure

Het verloop van de procedure blijkt uit:
- de dagvaarding met producties van 3 november 2025,
- de conclusie van antwoord en eis in reconventie met producties,
- de conclusie van repliek in conventie en de conclusie van antwoord in reconventie,
- de conclusie van dupliek in conventie en de conclusie van repliek in reconventie,
- de akte van CAK.

3.De beoordeling

Het standpunt van [gedaagde]
3.1
is het niet eens met de bedragen die CAK in rekening heeft gebracht. Volgens [gedaagde] wordt de eigen bijdrage gebaseerd op oude gegevens. Eerder had [gedaagde] een goed pensioen, maar de hoogte daarvan is gedaald van € 6.749,04 per maand naar € 2.000,91 (bruto). [gedaagde] zegt in de brief van 9 juni 2025 aan Flanderijn (B013) geen eigen vermogen te hebben. [gedaagde] wil dat de vordering van CAK wordt afgewezen, dat zijn bedrag voor 2024 op nul wordt gezet en dat de betaalde bedragen en de ingehouden AOW worden teruggestort.
De kantonrechter gaat uit van de juistheid van de bedragen van CAK
3.2
De kantonrechter stelt voorop dat hij in deze procedure de hoogte van de eigen bijdrage niet kan aanpassen. De termijnen voor bezwaar en beroep zijn verstreken. De beschikkingen waarin CAK de eigen bijdragen heeft vastgesteld, hebben daardoor formele rechtskracht gekregen. Dit betekent dat de kantonrechter moet uitgaan van de juistheid van de bedragen in de beschikkingen. De kantonrechter kan over de hoogte van de eigen bijdrage dus geen oordeel geven. De tegenvordering van [gedaagde] zal om die reden worden afgewezen.
Om welke bedragen gaat het?
3.3
Uit de stukken van [gedaagde] maakt de kantonrechter op dat [gedaagde] bezwaar heeft gemaakt tegen de hoogte van het maandbedrag van € 2.887,40 (B009) en dat het maandbedrag per 10 augustus 2024 vervolgens is verlaagd tot € 2.305,64 (B007). Dit blijkt ook uit de beschikking die CAK heeft overlegd (productie 5g).
3.4
In de beschikking van 1 november 2024 met kenmerk [.] bij de stukken van [gedaagde] (B006) staat dat de eigen bijdrage per maand van 8 januari 2024 tot en met 9 augustus 2024 wordt vastgesteld op € 364,28 (lage eigen bijdrage). Dit blijkt ook uit de beschikking die CAK heeft overgelegd (productie 5f). Op 23 april 2025 maakt [gedaagde] ook tegen dit nieuwe bedrag bezwaar. Tegen deze beslissing op bezwaar heeft [gedaagde] geen beroep ingesteld, althans dit blijkt niet uit de stukken in deze zaak.
3.5
Om goed te kunnen beoordelen welke bedragen [gedaagde] nog moet betalen, heeft de kantonrechter de beschikkingen en correctiefacturen op een rij gezet. Daarbij merkt de kantonrechter uitdrukkelijk op dat CAK een volgende keer de vordering en de daaraan ten grondslag liggende berekening beter en helderder uiteen dient te zetten.
Beschikkingen
Datum beschikking
Betreffende periode
Bedrag eigen bijdrage
2 februari 2024
Vanaf 27 november 2023 (productie 5a)
€ 711,83
2 februari 2024
Vanaf 1 januari 2024 (productie 5b)
€ 528,86
1 maart 2024
Vanaf 8 januari 2024 (productie 5c)
€ 761,38
7 juni 2024
Vanaf 8 januari 2024 tot en met 9 augustus 2024 (productie 5d)
€ 316,43
2 augustus 2024
Vanaf 10 augustus 2024 (productie 5e)
€ 2.887,40
1 november 2024
Van 8 januari 2024 tot en met 9 augustus 2024 (productie 5f)
€ 364,28
1 november 2024
Vanaf 10 augustus 2024 (productie 5g)
€ 2.305,64
Correctiefacturen
Datum
Betreffende periode
Berekend
21 mei 2024
Eigen bijdrage 27 t/m 30 november ’23
Eerder in rekening gebracht nov
1 t/m 11 april 2024
Eerder in rekening gebracht april
€ 3,42
€ 93,61 -
€- 90,10 te veel berekend
€ 275,35
€ 761,38 -
€-576,22 te veel berekend
21 juni 2024
Correctie
Januari 2024
Februari 2024
Maart 2024
April 2024
Totaal correctie 2024
Mei 2024
Juni 2024
€-466,22
€-444,95
€-444,95
€ 36,74 +
€-1.319,38 – te veel berekend
€ 316,43
€ 316,43 +
€-686,52 totaal factuurbedrag (terugkrijgen)
3.6
CAK vordert betaling van (i) een restant van de factuur van 23 februari 2024, (ii) de factuur van 20 september 2024 en (iii) de factuur van 18 oktober 2024.
( i) De factuur van 23 februari 2024 van € 1.863,16 bestaat uit de eigen bijdragen van november 2023 (€ 93,61), december 2023 (€ 711,83), januari 2024 (€ 528,86) en februari 2024 (€ 528,86). Uit productie 4 van CAK blijkt dat hierop € 576,22 en € 686,52 (zie de correctiefacturen hierboven) in mindering is gebracht, net als een verrekening van € 421,51 en een betaling van € 91,02. Daarom staat nog een bedrag van € 87,89 van deze factuur open. De kantonrechter ziet op productie 4 van CAK terug dat de bedragen van €-576,22 en € -686,52 (waar de correctie van 2024 van € -1.319,38 onderdeel van uitmaakt) op het overzicht met facturen zijn verrekend. Hoe het restant van de factuur van 23 februari 2024 tot stand is gekomen, kan de kantonrechter volgen.
( ii) De factuur van 22 maart 2024 van € 1.187,51 bestaat uit de eigen bijdragen van maart 2024 (€ 761,38) en een correctie van januari 2024 (van € 193,61) en februari 2024 (€ 232,52). Alle drie deze bedragen hebben betrekking op ‘oude’ beschikkingen (van 2 februari 2024 en 1 maart 2024). De kantonrechter begrijpt dat deze facturen later zijn gecorrigeerd vanwege de beschikking van 1 november 2024, namelijk met de factuur van 21 juni 2024 waarop de correctiebedragen in mindering zijn gebracht. Zo is het verschil tussen de maanden februari 2024 en maart 2024 € 316,43 – € 761,38 = € -444,95, zie de correctiefacturen hierboven. Omdat de correcties op deze manier zijn verwerkt, zal [gedaagde] de oorspronkelijke bedragen, dus de factuur van 22 maart 2024, nog moeten betalen.
( iii) De factuur van 20 september 2024 van € 1.406,16 bestaat uit de eigen bijdrage voor september 2024 van € 2.887,40 waarvan € 1.481,24 door de SVB is ingehouden op de uitkering. Uit de beschikking van 2 augustus 2024 blijkt dat € 2.887,40 de oorspronkelijk berekende eigen bijdrage was. Op 1 november 2024 is dit bedrag vastgesteld op € 2.305,64. Hoe het verschil van € 581,76 is gecorrigeerd, is de kantonrechter niet duidelijk geworden.
3.7
CAK zal in de gelegenheid worden gesteld om toe te lichten op welke wijze de factuur van 20 september 2024 (die is gebaseerd op de beschikking van 2 augustus 2024) is gecorrigeerd nadat de eigen bijdrage in de beschikking van 1 november 2024 is gewijzigd.

4.De beslissing

De kantonrechter
4.1
bepaalt dat de zaak weer op de rol zal komen van
woensdag 13 mei 2026voor het nemen van een akte door Centraal Administratiekantoor (CAK) over wat is vermeld onder 3.6 onder (iii) en 3.7, waarna de wederpartij op de rol van vier weken daarna een antwoordakte kan nemen,
4.2
houdt iedere verdere beslissing aan.
Dit vonnis is gewezen door mr. G.J. Baken, kantonrechter, en in het openbaar uitgesproken op 15 april 2026.
PM/45352