Uitspraak
uitspraak van de enkelvoudige kamer van 24 april 2026 in de zaak tussen
[eiseres] , uit [plaats] , eiseres
Dienst Toeslagen, verweerder
Inleiding
Overwegingen
Beslissing
te ondertekenen
Vrijdag webinar: live demo van Lexboost
Rechtbank Midden-Nederland
Eiseres heeft beroep ingesteld tegen het niet tijdig beslissen door de Dienst Toeslagen op haar aanvraag van 2 december 2024 voor aanvullende compensatie bij de Commissie Werkelijke Schade (CWS). Verweerder betoogt dat eiseres op 27 januari 2026 een aanvraag heeft gedaan via Stichting Gelijkwaardig Herstel (SGH), waardoor de beslistermijn bij de CWS is opgeschort.
De rechtbank overweegt dat deelname aan het SGH-traject in beginsel leidt tot een vaststellingsovereenkomst met finale kwijting, waardoor geen besluit meer hoeft te worden genomen door de CWS. Hierdoor is eiseres niet langer in afwachting van een besluit en heeft zij geen belang bij het beroep tegen het niet tijdig beslissen.
De rechtbank verklaart het beroep daarom niet-ontvankelijk. Wel wordt opgemerkt dat het procesbelang kan herleven indien het SGH-traject wordt afgebroken zonder vaststellingsovereenkomst, zodat eiseres dan opnieuw beroep kan instellen. Er wordt geen griffierechtvergoeding toegekend omdat het beroep vrijwel gelijktijdig met de aanmelding bij SGH is ingesteld.
Uitkomst: Het beroep tegen het niet tijdig beslissen wordt niet-ontvankelijk verklaard vanwege het lopende SGH-traject met opschorting van de beslistermijn.