ECLI:NL:RBMNE:2026:2121

Rechtbank Midden-Nederland

Datum uitspraak
15 april 2026
Publicatiedatum
1 mei 2026
Zaaknummer
C/16/587261 / HL RK 25-2
Type
Uitspraak
Rechtsgebied
Civiel recht
Uitkomst
Toewijzend
Procedures
  • Beschikking
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 194 RvArt. 195a RvArt. 3 sub a Wetboek van Burgerlijke RechtsvorderingArt. 10:159 BW
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Toewijzing verzoek om inzage gebruikersgegevens bij boilerroom fraude via cryptovaluta

De verzoekende partij heeft de rechtbank verzocht Kucoin, een rechtspersoon gevestigd op de Seychellen, te veroordelen tot het verstrekken van identificerende gegevens en mutatieoverzichten van gebruikersaccounts gekoppeld aan specifieke blockchainadressen. Dit verzoek vloeit voort uit een vorm van oplichting waarbij de verzoeker cryptovaluta ter waarde van €166.540,00 verloor via een nepadvertentie en een oplichtersplatform.

Na onderzoek door DataExpert B.V. bleek dat een deel van de gestolen cryptovaluta terechtkwam op een exchangeplatform van Kucoin. De verzoekende partij wil met de gevraagde gegevens haar verhaalsmogelijkheden onderzoeken en de verantwoordelijke personen aanspreken. Kucoin heeft niet gereageerd op eerdere verzoeken en is niet verschenen bij de mondelinge behandelingen.

De rechtbank oordeelt dat zij bevoegd is en Nederlands recht van toepassing is. Het verzoek voldoet aan de wettelijke vereisten van artikel 194 en Pro 195a Rv. Het belang van de verzoekende partij bij inzage weegt zwaarder dan de privacybelangen van de gebruikers vanwege de fraude. Kucoin wordt veroordeeld binnen 21 dagen de gevraagde gegevens digitaal te verstrekken, onder dreiging van een dwangsom. De proceskosten worden gecompenseerd, waarbij iedere partij haar eigen kosten draagt.

Uitkomst: Kucoin wordt veroordeeld tot het verstrekken van gebruikersgegevens en mutatieoverzichten binnen 21 dagen onder dreiging van een dwangsom.

Uitspraak

RECHTBANK Midden-Nederland

Civiel recht
Zittingsplaats Lelystad
Zaaknummer / rekestnummer: C/16/587261 / HL RK 25-2
Beschikking van15april 2026
in de zaak van
[verzoekende partij],
te [woonplaats] ,
verzoekende partij,
hierna te noemen: [verzoekende partij] ,
advocaat: mr. M.A. Hupkes,
tegen
de rechtspersoon naar buitenlands recht
MEK GLOBAL LIMITED,
te Mahé (Seychellen),
verwerende partij,
hierna te noemen: Kucoin,
niet verschenen.

1.De procedure

1.1.
Het verloop van de procedure blijkt uit:
- het verzoekschrift met 4 producties;
- de mondelinge behandeling van 15 oktober 2025, waarvan door de griffier aantekeningen zijn gemaakt;
- de mondelinge behandeling van 4 maart 2026, waarvan door de griffier aantekeningen zijn gemaakt;
- de aanvullende productie van de zijde van [verzoekende partij] ; en
- het bericht van [verzoekende partij] van 5 maart 2026 waarin zij haar verzoek vermindert.
1.2.
De beschikking is bepaald op vandaag.

2.Het verzoek

2.1.
[verzoekende partij] heeft - na vermindering van haar verzoek - de rechtbank verzocht om Kucoin te veroordelen tot het aan [verzoekende partij] in digitale vorm verstrekken van bepaalde gegevens van gebruikersaccount(s) gekoppeld aan blockchainadressen:
[blockchainadres]
2.2.
Het verzoek bestaat uit (i) de bij Kucoin bekende identificerende gegevens, te weten: de volledige voornamen en achternaam, geboortedatum en laatst bekende woonadres, en (ii) de mutatieoverzichten vanaf 11 juli 2022 t/m de dag van de beschikking met inbegrip van het aan het account gekoppelde bankrekeningnummer. Voorgaande binnen 14 dagen na de beschikking en op straffe van een dwangsom van € 12.500,00, vermeederd met € 12.500,00 zolang de overtreding voortduurt, met een maximum van € 250.000,00.
2.3.
[verzoekende partij] legt, kort gezegd, aan haar verzoek het volgende ten grondslag. [verzoekende partij] is door een vorm van oplichting cryptovaluta met een aankoopwaarde van € 166.540,00 verloren. Zij is via een online nepadvertentie door iemand overgehaald om te beleggen in cryptovaluta. [verzoekende partij] heeft vervolgens meerdere crytobetalingen gedaan aan verschillende blockchainadressen. Later bleek dat haar inleg terecht is gekomen op een oplichtersplatform en het geld feitelijk werd weggeluisd, zogenaamde boilerroomfraude.
2.4.
In opdracht van [verzoekende partij] heeft DataExpert B.V. (hierna: DataExpert) een onderzoek uitgevoerd naar de gestolen cryptovaluta over de blockchain. Het doel van een dergelijk onderzoek is om via de blockchain verzonden cryptovaluta te volgen en te lokaliseren. In het rapport van 20 september 2024 heeft DataExpert geconcludeerd dat een deel van de cryptovaluta van [verzoekende partij] terecht is gekomen op een exchangeplatform van Kucoin. Met deze procedure beoogt [verzoekende partij] informatie over de betreffende gebruikersaccount(s) van Kucoin te verkrijgen waarmee zij haar verhaalskansen kan onderzoeken en de persoon achter die gebruikersaccount(s) kan aanspreken. Kucoin heeft eerder niet gereageerd op de brief van [verzoekende partij] van 4 maart 2024 waarin zij Kucoin verzoekt om de gegevens te verstrekken.
2.5.
Kucoin heeft niet gereageerd op het verzoekschrift dat de onderhavige procedure heeft ingeleid en is niet verschenen op de mondelinge behandeling.

3.De beoordeling

Rechtsmacht en toepasselijk recht
3.1.
Omdat Kucoin niet in Nederland is gevestigd maar in de Seychellen, heeft deze zaak een internationaal karakter. De vraag of de Nederlandse rechter bevoegd is van het verzoek kennis te nemen en, zo ja, welk recht vervolgens op het verzoek van toepassing is, moet daarom ambtshalve worden beantwoord.
3.2.
De Nederlandse rechter is bevoegd om te beslissen op het verzoek als de verzoeker in Nederland woont, dat is hier het geval. [1] Het Nederlands recht is op het verzoek van toepassing. [2]
Oproeping van Kucoin
3.3.
De rechtbank heeft Kucoin opgeroepen voor de mondelinge behandeling van 15 oktober 2025. Kucoin heeft toen geen verweer gevoerd en is niet verschenen op de mondelinge behandeling. Om er zeker van te zijn dat de oproeping Kucoin heeft bereikt, heeft de rechtbank een nieuwe mondelinge behandeling bepaald op 4 maart 2026 en Kucoin nogmaals opgeroepen. Deze keer is de oproeping gedaan per aangetekende brief, per e-mail aan legal@kucoin.com en openbaar gepubliceerd in de Staatscourant. Uit de ontvangstbevestiging blijkt dat Kucoin de aangetekende brief in ontvangst heeft genomen. Kucoin heeft opnieuw geen verweer gevoerd en is niet verschenen op de mondelinge behandeling.
Kucoin moet de identificerende gegevens en mutatieoverzichten aan [verzoekende partij] verstrekken
3.4.
Het verzoek van [verzoekende partij] voldoet aan de wettelijke vereisten en wordt daarom toegewezen.
Het toetsingskader van het verzoek tot inzage
3.5.
Artikel 194 van Pro het Wetboek van Burgerlijke Rechtsvordering (Rv) bepaalt dat een partij onder omstandigheden recht heeft op inzage in of afschrift van bepaalde gegevens die een ander onder zich heeft. Op grond van artikel 195a Rv kan een partij de rechter verzoeken om de ander te verplichten die inzage te geven, maar alleen als aan een aantal vereisten is voldaan. Degene die recht op inzage verlangt (in dit geval [verzoekende partij] ) moet partij zijn bij een rechtsbetrekking en moet in het kader van die rechtsbetrekking voldoende belang hebben bij de gevraagde informatie. De gevraagde informatie moet verder concreet omschreven (ook wel: voldoende bepaald) zijn en degene van wie de informatie wordt gevraagd moet ook over die informatie beschikken. Wanneer sprake is van een uitzonderingsgrond – zoals een gewichtige reden (artikel 194 lid 2 Rv Pro) – verzet dat zich tegen het verstrekken van de gevraagde informatie.
Identificerende gegevens
3.6.
[verzoekende partij] verzoekt inzage in de volledige voornamen en achternaam, de geboortedatum en het laatst bekende woonadres van de gebruikersaccount(s) gekoppeld aan de eerder genoemde blockchainadressen. Het verzoek is daarom voldoende specifiek. [verzoekende partij] heeft ook voldoende belang bij deze gegevens. Zij heeft de gegevens namelijk nodig heeft om de gebruiker(s) te kunnen identificeren en aanspreken voor de schade die zij als gevolg van de fraude heeft geleden en voor teruggave van de cryptovaluta. De relevante rechtsbetrekking is een verbintenis uit onrechtmatige daad en/of onverschuldigde betaling. Volgens [verzoekende partij] beschikt Kucoin over deze gegevens. Zij onderbouwt dit met het rapport van Dataexpert waaruit blijkt dat de blockchainadressen die betrokken zijn bij de fraude zijn gekoppeld aan een exchangeplatform van Kucoin. Het is daarom voldoende aannemelijk dat Kucoin over dergelijke gebruikersgegevens beschikt. Dat het gaat om privacygevoelige informatie maakt niet dat het verzoek wegens gewichtige redenen moet worden afgewezen. Het gaat hier immers om fraude. [verzoekende partij] heeft door de fraude aanzienlijke schade geleden. Het belang van [verzoekende partij] bij de inzage weegt zwaarder de privacybelangen van de betreffende gebruiker(s) en het belang van Kucoin om de privacy van de gebruiker(s) te beschermen.
Mutatieoverzichten
3.7.
[verzoekende partij] verzoekt inzage in de mutatieoverzichten van de gebruikersaccount(s) gekoppeld aan de eerder genoemde blockchainadressen over een afgebakende periode. Het verzoek is daarom voldoende specifiek. [verzoekende partij] heeft ook voldoende belang heeft bij deze gegevens. Daarmee kan zij namelijk onderzoek doen naar haar verhaalskansen en/of de kennelijke ontvanger van de cryptovaluta in rechte betrekken. Voor de relevante rechtsbetrekking en beschikbaarheid van de gegevens geldt hetzelfde als in r.o. 3.6. Het belang van [verzoekende partij] bij de inzage weegt, gelet op de fraude, zwaarder dan de privacybelangen van de betreffende gebruiker(s) en het belang van Kucoin om de privacy van haar gebruikers te beschermen.
Kucoin krijgt een dwangsom opgelegd
3.8.
Kucoin zal binnen 21 dagen na de datum van de beschikking de gegevens moeten verstrekken. Een iets langere termijn dan waar [verzoekende partij] om heeft gevraagd zodat Kucoin voldoende de tijd heeft om dit te doen. [verzoekende partij] heeft voldoende onderbouwd waarom zij een dwangsom noodzakelijk vindt. Bovendien zal Kucoin ook geen nadeel ondervinden van de opgelegde dwangsom als zij de veroordelingen naleeft. De gevorderde dwangsom als prikkel tot nakoming wordt daarom toegewezen op de wijze zoals is vermeld in het dictum.
Proceskosten
3.9.
Omdat Kucoin als neutrale derde in het geschil moet worden gezien, worden de proceskosten gecompenseerd. Dat betekent dat iedere partij de eigen kosten draagt.

4.De beslissing

De rechtbank
4.1.
veroordeelt Kucoin om binnen 21 dagen na de datum van deze beschikking in digitale vorm te verstrekken:
- de bij haar bekende identificerende gegevens, te weten: de volledige voornamen en achternaam, de geboortedatum, en het laatst bekende woonadres inzake het/de gebruikersaccount(s) gekoppeld aan blockchainadressen:
[blockchainadres]
- de mutatieoverzichten van het/de gebruikersaccount(s) gekoppeld aan blockchainadressen:
[blockchainadres]
over de periode 11 juli 2022 tot en met de dag van de beschikking, met inbegrip van het aan het account gekoppelde bankrekeningnummer,
4.2.
veroordeelt Kucoin tot betaling van een dwangsom van € 10.000,00 voor iedere overtreding van de onder 4.1 genoemde veroordelingen, vermeerderd met € 10.000,00 voor iedere dag dat de overtreding voortduurt, met een maximum van € 200.000,00,
4.3.
verklaart deze beschikking tot zover uitvoerbaar bij voorraad,
4.4.
compenseert de proceskosten in die zin dat iedere partij de eigen kosten draagt,
4.5.
wijst het meer of anders verzochte af.
Deze beschikking is gegeven door mr. M.R. Van der Vos en in het openbaar uitgesproken op 15 april 2026.

Voetnoten

1.Artikel 3 sub a Wetboek Pro van Burgerlijke Rechtsvordering.
2.Artikel 10:159 Burgerlijk Pro Wetboek.