Uitspraak
RECHTBANK MIDDEN-NEDERLAND
1.[opposant sub 1] B.V.,
[opposant sub 2],
1.De procedure
- de conclusie van antwoord in het verzet;
- de conclusie van repliek in het verzet.
2.Waar het in deze zaak over gaat
3.De beoordeling
huurachterstand nr 1, huurachterstand nr 2en
huurachterstand nr 3gezet. Bij de betalingen die [opposant c.s.] vervolgens elke maand doet ontbreekt een omschrijving. [geopposeerde] mocht er door de omschrijving die er aan de betalingen was gegeven vanuit gaan dat [opposant c.s.] de betalingen deed ter aflossing van de huurachterstand. Dat die betalingen bij elkaar opgeteld de maandelijkse termijn van zowel de geldlening als de huurachterstand bedroegen maakt dit niet anders. Als het de bedoeling van [opposant c.s.] was om beide termijnen gelijk te betalen, had zij dat in de omschrijving voor [geopposeerde] duidelijk moeten maken. Het ontbreken van een omschrijving komt in dat kader voor rekening en risico van [opposant c.s.] Bovendien heeft [geopposeerde] aan [opposant c.s.] kenbaar gemaakt dat zij de betalingen in mindering bracht op de huurachterstand. [geopposeerde] heeft naar aanleiding van het verzoek van [opposant c.s.] op 9 november 2025 om een overzicht van de betalingen en de hoogte van de leningen te geven op 10 november 2025 een overzicht aan [opposant c.s.] gestuurd. Dat overzicht is ook als bijlage 3 bij haar conclusie van antwoord in verzet in de procedure gebracht. Uit dat overzicht blijkt dat alle aflossingen die [opposant c.s.] van 30 april 2024 tot en met augustus 2025 heeft gedaan in mindering zijn gebracht op de huurachterstand. [geopposeerde] wijst [opposant c.s.] in de bijgaande e-mail op het overzicht van de betalingen en de resterende huurachterstand en daarnaast op de dagvaarding waarin de volledige geldlening wordt gevorderd. [opposant c.s.] heeft niet gereageerd op deze e-mail. [geopposeerde] heeft [opposant c.s.] ook in november en december 2024 op de geldlening van