ECLI:NL:RBMNE:2026:2169
Rechtbank Midden-Nederland
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Niet-ontvankelijkheid beroep wegens niet betalen griffierecht in bestuursrechtelijke procedure
Eiser heeft beroep ingesteld tegen een onbekend besluit van verweerder, maar heeft het vereiste griffierecht van €54,- niet betaald. De rechtbank heeft eiser hierover op 9 februari 2026 aangetekend geïnformeerd, maar deze brief was onbestelbaar en is vervolgens op 25 maart 2026 per gewone post verzonden met een betalingstermijn van twee weken.
De rechtbank heeft het griffierecht niet ontvangen en eiser heeft geen geldige reden opgegeven voor het niet betalen. Op grond van artikel 8:41 Awb Pro is betaling van griffierecht verplicht om het beroep inhoudelijk te kunnen behandelen. Omdat niet aan deze verplichting is voldaan, verklaart de rechtbank het beroep niet-ontvankelijk.
De rechtbank doet geen inhoudelijke uitspraak over het beroep en wijst het verzoek om proceskostenvergoeding af. Eiser wordt gewezen op de mogelijkheid om binnen zes weken een verzetschrift in te dienen, eventueel met verzoek om een zitting.
De uitspraak is gedaan door rechter R.C. Stijnen op 8 mei 2026 te Utrecht.
Uitkomst: Het beroep wordt niet-ontvankelijk verklaard wegens het niet betalen van het griffierecht.