ECLI:NL:RBMNE:2026:2311
Rechtbank Midden-Nederland
- Beschikking
- Rechtspraak.nl
Huur van (schuur)woningen als woonruimte en niet als bedrijfsruimte
Verzoekers huren ieder een (schuur)woning van verweerders en stellen dat deze woonruimte betreft, terwijl verweerders betogen dat het bedrijfsruimte is. De kantonrechter stelt vast dat de gehuurde ruimtes voldoen aan de kenmerken van woonruimte, zoals zelfstandige voorzieningen en huurbetaling, en dat de huurovereenkomst woonruimte is.
Verweerders voerden aan dat door de oprichting van een bedrijf op het terrein de huur is omgezet in bedrijfsruimte, maar dit is niet aannemelijk gemaakt. Gebruiksovereenkomsten die dit zouden moeten regelen zijn niet ondertekend en er is geen duidelijke wijziging in het gebruik of de juridische kwalificatie van de huur.
De kantonrechter verklaart verzoekers niet-ontvankelijk in hun verzoek tot verlenging van de huurtermijn op grond van het verkeerde huurregime en wijst de zelfstandige verzoeken van verweerders af. Proceskosten worden gecompenseerd. De uitspraak benadrukt de noodzaak van betere communicatie en afspraken tussen partijen over het gebruik en de leefbaarheid van het terrein.
Uitkomst: De kantonrechter verklaart verzoekers niet-ontvankelijk en wijst de verzoeken van verweerders af omdat de gehuurde ruimtes woonruimte zijn en de huurbescherming van toepassing is.