Het Centrum Indicatiestelling Zorg (CIZ) verzocht de rechtbank om een rechterlijke machtiging tot opname en verblijf voor betrokkene, geboren in 1939, die lijdt aan dementie. De zitting vond plaats op 13 april 2026, waarbij betrokkene, zijn advocaat, een specialist ouderengeneeskunde en een verpleegkundige werden gehoord.
De rechtbank stelde vast dat betrokkene een psychogeriatrische aandoening heeft die leidt tot ernstig nadeel, waaronder ernstig lichamelijk letsel, ernstige verwaarlozing en maatschappelijke teloorgang. Betrokkene is onvoldoende in staat om voor zichzelf te zorgen en heeft 24 uur per dag begeleiding en zorg nodig. Ondanks zijn verzet tegen opname, is de opname noodzakelijk en geschikt om het ernstig nadeel te voorkomen.
Er zijn geen minder bezwarende alternatieven beschikbaar die hetzelfde effect bereiken. Daarom verleent de rechtbank de machtiging tot opname en verblijf voor de duur van zes maanden, tot en met 13 oktober 2026. De beschikking is mondeling gegeven en in het openbaar uitgesproken door rechter C.M.A.T. van der Geest.