Uitspraak
RECHTBANK Midden-Nederland
1.[eiser sub 1] ,
2.
[eiseres sub 2],
1.[gedaagde sub 1] B.V.,
2.
[gedaagde sub 2] B.V.,
3.
[gedaagde sub 3], in haar hoedanigheid van wettelijk vertegenwoordiger van haar minderjarige dochter
[minderjarige], in haar hoedanigheid van vereffenaar in de nalatenschap van
[erflater],
1.De procedure
- de mondelinge behandeling van 6 november 2025, waarvan door de griffier aantekeningen zijn gemaakt;
- de spreekaantekeningen van partijen.
2.De kern van de zaak
3.De beoordelingInleiding
4.De beslissing
3 juni 2026voor het nemen van een akte aan de zijde van [gedaagde sub 3 (voornaam)] als bedoeld in r.o. 3.43., waarop [eiser sub 1] c.s. bij antwoordakte zal mogen reageren,