Uitspraak
RECHTBANK MIDDEN-NEDERLAND
uitspraak van de enkelvoudige kamer van 30 april 2026 op het verzet van
[opposant] , te [plaats] , opposant,
Procesverloop
Overwegingen
Beslissing
.De beslissing is in het openbaar uitgesproken op 30 april 2026
Vrijdag webinar: live demo van Lexboost
Rechtbank Midden-Nederland
Deze uitspraak betreft het verzet van opposant tegen de eerdere uitspraak van 15 december 2025, waarin het beroep niet-ontvankelijk werd verklaard wegens te late indiening. Opposant stelde dat het beroepschrift tijdig op 28 mei 2025 via Veilig Mailen was ingediend. De rechtbank moest beoordelen of het beroep daadwerkelijk tijdig was ingediend en of de eerdere niet-ontvankelijkverklaring terecht was.
De rechtbank overwoog dat hoewel het procesreglement indient via Veilig Mailen niet toestaat, de Algemene wet bestuursrecht (Awb) niet expliciet voorschrijft op welke wijze een beroepschrift moet worden ingediend, behalve dat het schriftelijk moet zijn. De rechtbank concludeerde dat het beroep via Veilig Mailen als tijdig ingediend moet worden beschouwd, omdat het beroepschrift op 28 mei 2025 door de rechtbank is ontvangen.
Daarom was het niet juist om het beroep zonder zitting niet-ontvankelijk te verklaren. Het verzet is gegrond verklaard, de eerdere uitspraak vervalt en het onderzoek wordt hervat. De rechtbank merkt op dat dit nog niet betekent dat opposant gelijk krijgt in de inhoudelijke zaak. De beslissing over proceskosten wordt uitgesteld tot de einduitspraak.
Uitkomst: Het verzet wordt gegrond verklaard en de eerdere niet-ontvankelijkverklaring wordt vernietigd, waarna de procedure wordt hervat.