Uitspraak
1.[gedaagd sub 1] ,
2.
[gedaagde sub 2],
1.De procedure
- de producties 23 tot en met 29
- de mondelinge behandeling van 29 april 2026
- de pleitaantekeningen van Centrada.
2.De feiten
3.Het geschil
primairde ontruiming van de woning aan het adres [adres] te [plaats] .
Subsidiairvordert Centrada een gedragsaanwijzing, met daaraan gekoppeld de ontruiming van de woning, indien [gedaagd sub 1] c.s. nalaat om uitvoering te geven aan de gedragsaanwijzing, en
meer subsidiaireen gedragsaanwijzing, op straffe van een dwangsom.
primairop het standpunt dat zij de huurovereenkomst rechtsgeldig buitengerechtelijk heeft ontbonden en
subsidiairdat er sprake is van ernstige tekortkomingen aan de zijde van [gedaagd sub 1] c.s., die een ontruiming van de woning rechtvaardigen. Op grond van de huurovereenkomst (en het huurreglement) is [gedaagd sub 1] c.s. verplicht zich zodanig te gedragen dat geen hinder, overlast of gevaar voor omwonenden ontstaat en uit de feiten blijkt dat bij de woning meerdere zeer ernstige incidenten hebben plaatsgevonden. Dat deze situatie in de omgeving als bedreigend wordt ervaren, blijkt wel uit de verklaringen van omwonenden. Het is volgens Centrada bovendien aannemelijk dat de overlast zal blijven bestaan. Volgens Centrada is er aldus sprake van een tekortkoming in de nakoming van de huurovereenkomst.
4.De beoordeling
primairvanwege de buitengerechtelijke ontbinding van de huurovereenkomst en
subsidiairomdat er sprake zou zijn van een tekortkoming in de nakoming van de verplichtingen, die voor [gedaagd sub 1] c.s. voortvloeien uit de huurovereenkomst. De kantonrechter is niet gebleken dat het daarbij gaat om gedragingen van [gedaagd sub 1] c.s. zelf, of om gedragingen die haar persoonlijk kunnen worden verweten. De incidenten lijken zich toe te spitsen op de oudste zoon van [gedaagd sub 1] c.s., die niet bij haar inwoont, maar wel in de buurt woont, met zijn vriendin en hun kind. Centrada heeft gesuggereerd dat de incidenten verband houden met (criminele) activiteiten van de oudste zoon van [gedaagd sub 1] c.s., die in en om de woning in drugs zou handelen, onder meer vanuit de schuur, die bij de woning hoort, en het steegje erachter. In verklaringen van omwonenden wordt deze link gelegd en wordt gesproken van verdachte personen die zich in de omgeving van de woning en in het steegje ophouden, waarbij ook weer de oudste zoon van [gedaagd sub 1] c.s. wordt betrokken. Centrada heeft echter naar het oordeel van de kantonrechter geen overtuigende stukken in het geding gebracht waaruit een direct verband kan worden afgeleid tussen de incidenten rondom de woning en de aanwezigheid of de activiteiten van de oudste zoon van [gedaagd sub 1] c.s.. Hoewel de genoemde incidenten zonder meer als ernstig zijn aan te merken en daardoor ook invoelbaar is dat buurtbewoners en direct omwonenden van de woning van [gedaagd sub 1] c.s., zich hierbij onprettig voelen, kan niet met enige mate van zekerheid worden vastgesteld dat (het handelen of de aanwezigheid van) de oudste zoon van [gedaagd sub 1] c.s. de directe aanleiding vormt voor hetgeen is voorgevallen. De overgelegde verklaringen afkomstig van, onder meer, de politie en de gemeente, wijzen enigszins in die richting, maar het blijft bij aannames en verdachtmakingen. Ten tijde van de mondelinge behandeling heeft [gedaagd sub 1] c.s. categorisch ontkend dat er drugs aanwezig zijn in de woning, dat er wordt gedeald vanuit de schuur, behorende bij de woning, of in het steegje achter de woning, en dat haar oudste zoon hier enige betrokkenheid bij heeft of heeft gehad. Naar het oordeel van de kantonrechter heeft Centrada het tegendeel onvoldoende aannemelijk gemaakt.
meer subsidiairgevorderde gedragsaanwijzing aangewezen is, nu deze maar beperkt ingrijpt in het persoonlijke leven van [gedaagd sub 1] c.s. De aanwijzing zal zich verder beperken tot de oudste zoon van [gedaagd sub 1] c.s., nu er geen anderen zijn genoemd die mogelijk enige betrokkenheid bij de verstoringen hebben.