Uitspraak
RECHTBANK MIDDEN-NEDERLAND
1.Zitting
- de verdachte;
- de officier van justitie: mr. V.H. van der Horst (hierna: de officier van justitie);
- de advocaat van de verdachte: mr. L. Noordanus (hierna: de advocaat);
- de benadeelde partij: mw. [slachtoffer 1] ;
- namens de benadeelde partij mw. [slachtoffer 2] : mw. [A] , Slachtofferhulp.
2.Tenlastelegging
3.Bewijs
op 8 september 2025 te Almere, een tas en een portemonnee (met inhoud) en een Schipholtas die geheel of ten dele aan [slachtoffer 4] toebehoorden heeft weggenomen met het oogmerk om het zich wederrechtelijk toe te eigenen;
- dicht naast die [slachtoffer 1] te rijden en
- dicht naast die [slachtoffer 5] te rijden en
- met kracht een tas van de schouder en uit de handen van die [slachtoffer 5] te trekken, waardoor die [slachtoffer 5] met haar fiets op de grond viel;
- dicht naast die [slachtoffer 6] heeft gereden en
terwijl de uitvoering van dat voorgenomen misdrijf niet is voltooid;
4.Kwalificatie en strafbaarheid
5.Straf of maatregel
- een gevangenisstraf van 390 dagen, met aftrek van het voorarrest, waarvan een gedeelte van 218 dagen voorwaardelijk, met een proeftijd van 2 jaar, met als bijzondere voorwaarden kort gezegd: meldplicht bij de reclassering, ambulante behandeling met mogelijke kortdurende klinische opname, verbod verdovende middelen, dagbesteding;
- een taakstraf van 240 uur.
6.Vordering benadeelde partijen
€ € 2.204,13 voor feit 1, vermeerderd met de wettelijke rente. Dit bedrag bestaat uit
€ 1.589,13 voor vergoeding van materiële schade en € 615,- voor vergoeding van immateriële schade (smartengeld).
€ 1.000,- billijk is. De rechtbank wijst dit deel van de vordering van de benadeelde partij daarom tot dat bedrag toe. De rechtbank verklaart de benadeelde partij in het overige gedeelte van de vordering niet-ontvankelijk.
mentaal gekwetst”) is. Zonder verdere onderbouwing kan echter niet worden vastgesteld dat sprake is van meer dan psychisch onbehagen en dus van een aantasting van de persoon 'op andere wijze' als bedoeld in artikel 6:106 sub Pro 2 BW.
mentale problemen’). Ook deze post is echter onvoldoende onderbouwd, zodat de rechtbank de benadeelde ook voor dit deel van de vordering niet-ontvankelijk zal verklaren.
7.Toegepaste wetsartikelen
8.De beslissing
- verklaart bewezen dat de verdachte de feiten 1 tot en met 6 en 7 primair heeft gepleegd, zoals hierboven in paragraaf 3.4 is omschreven;
- verklaart het overige dat in de beschuldiging staat niet bewezen en spreekt de verdachte daarvan vrij;
- verklaart het bewezenverklaarde strafbaar;
- verklaart het bewezenverklaarde strafbaar en kwalificeert dit zoals hiervoor in paragraaf 4.1 is vermeld;
een gevangenisstraf van 12 (twaalf) maanden;
een gedeelte van 7 (zeven) maanden, niet zal worden ten uitvoer gelegd, tenzij de rechter later anders gelast op grond van het feit dat verdachte de hierna te melden algemene en/of bijzondere voorwaarden niet heeft nageleefd;
een proeftijd van 2 (twee) jarenvast;
dadelijk uitvoerbaarzijn;
een taakstraf van 180 (honderdtachtig) uren;
- wijst de vordering van [slachtoffer 2] gedeeltelijk toe tot een bedrag van € 1.589,13, bestaande uit materiële schade;
- veroordeelt de verdachte tot betaling aan [slachtoffer 2] van het toegewezen bedrag, vermeerderd met de wettelijke rente vanaf 8 september 2025 tot de dag van volledige betaling;
- verklaart [slachtoffer 2] voor wat betreft het meer gevorderde niet-ontvankelijk in de vordering en bepaalt dat de vordering voor dat deel kan worden aangebracht bij de burgerlijke rechter;
- veroordeelt de verdachte ook in de kosten door de benadeelde partij gemaakt en ten behoeve van de tenuitvoerlegging van deze uitspraak nog te maken, tot op heden begroot op nihil;
- legt aan de verdachte de verplichting op ten behoeve van [slachtoffer 2] aan de Staat
- bepaalt dat de verdachte van zijn verplichting tot het vergoeden van schade is bevrijd als hij op een van de hiervoor beschreven manieren de schade aan de benadeelde dan wel aan de Staat heeft vergoed;
- wijst de vordering van [slachtoffer 3] geheel toe tot een bedrag van € 548,91, bestaande uit materiële schade;
- veroordeelt de verdachte tot betaling aan [slachtoffer 3] van het toegewezen bedrag, vermeerderd met de wettelijke rente vanaf 8 september 2025 tot de dag van volledige betaling;
- veroordeelt de verdachte ook in de kosten door de benadeelde partij gemaakt en ten behoeve van de tenuitvoerlegging van deze uitspraak nog te maken, tot op heden begroot op nihil;
- legt aan de verdachte de verplichting op ten behoeve van [slachtoffer 3] aan de Staat
- bepaalt dat de verdachte van zijn verplichting tot het vergoeden van schade is bevrijd als hij op een van de hiervoor beschreven manieren de schade aan de benadeelde dan wel aan de Staat heeft vergoed;
- wijst de vordering van [slachtoffer 1] gedeeltelijk toe tot een bedrag van € 35,-, bestaande uit materiële schade;
- veroordeelt de verdachte tot betaling aan [slachtoffer 1] van het toegewezen bedrag, vermeerderd met de wettelijke rente vanaf 8 september 2025 tot de dag van volledige betaling;
- verklaart [slachtoffer 1] voor wat betreft het meer gevorderde niet-ontvankelijk in de vordering en bepaalt dat de vordering voor dat deel kan worden aangebracht bij de burgerlijke rechter;
- veroordeelt de verdachte ook in de kosten door de benadeelde partij gemaakt en ten behoeve van de tenuitvoerlegging van deze uitspraak nog te maken, tot op heden begroot op nihil;
- legt aan de verdachte de verplichting op ten behoeve van [slachtoffer 1] aan de Staat
- bepaalt dat de verdachte van zijn verplichting tot het vergoeden van schade is bevrijd als hij op een van de hiervoor beschreven manieren de schade aan de benadeelde dan wel aan de Staat heeft vergoed;
- wijst de vordering van [slachtoffer 5] gedeeltelijk toe tot een bedrag van € 1.199,75, bestaande voor € 199,95 uit materiële schade en € 1.000,- aan immateriële schade;
- veroordeelt de verdachte tot betaling aan [slachtoffer 5] van het toegewezen bedrag, vermeerderd met de wettelijke rente vanaf 8 september 202
- verklaart [slachtoffer 5] voor wat betreft het meer gevorderde niet-ontvankelijk in de vordering en bepaalt dat de vordering voor dat deel kan worden aangebracht bij de burgerlijke rechter;
- veroordeelt de verdachte ook in de kosten door de benadeelde partij gemaakt en ten behoeve van de tenuitvoerlegging van deze uitspraak nog te maken, tot op heden begroot op nihil;
- legt aan de verdachte de verplichting op ten behoeve van [slachtoffer 5] aan de Staat € 1.199,75 te betalen, vermeerderd met de wettelijke rente vanaf 8 september 2025 tot de dag van volledige betaling, bij niet betaling aan te vullen met 11 dagen gijzeling;
- bepaalt dat de verdachte van zijn verplichting tot het vergoeden van schade is bevrijd als hij op een van de hiervoor beschreven manieren de schade aan de benadeelde dan wel aan de Staat heeft vergoed;
- wijst de vordering van [slachtoffer 6] gedeeltelijk toe tot een bedrag van € 50,-, bestaande uit materiële schade;
- veroordeelt de verdachte tot betaling aan [slachtoffer 6] van het toegewezen bedrag, vermeerderd met de wettelijke rente vanaf 8 september 2025 tot de dag van volledige betaling;
- verklaart [slachtoffer 6] voor wat betreft het meer gevorderde niet-ontvankelijk in de vordering en bepaalt dat de vordering voor dat deel kan worden aangebracht bij de burgerlijke rechter;
- veroordeelt de verdachte ook in de kosten door de benadeelde partij gemaakt en ten behoeve van de tenuitvoerlegging van deze uitspraak nog te maken, tot op heden begroot op nihil;
- legt aan de verdachte de verplichting op ten behoeve van [slachtoffer 6] aan de Staat
- bepaalt dat de verdachte van zijn verplichting tot het vergoeden van schade is bevrijd als hij op een van de hiervoor beschreven manieren de schade aan de benadeelde dan wel aan de Staat heeft vergoed;
- wijst de vordering van [benadeelde] gedeeltelijk toe tot een bedrag van € 288,60, bestaande uit materiële schade;
- veroordeelt de verdachte tot betaling aan [benadeelde] van het toegewezen bedrag, vermeerderd met de wettelijke rente vanaf 26 maart 2025 tot de dag van volledige betaling;
- verklaart [benadeelde] voor wat betreft het meer gevorderde niet-ontvankelijk in de vordering en bepaalt dat de vordering voor dat deel kan worden aangebracht bij de burgerlijke rechter;
- veroordeelt de verdachte ook in de kosten door de benadeelde partij gemaakt en ten behoeve van de tenuitvoerlegging van deze uitspraak nog te maken, tot op heden begroot op nihil;
- legt aan de verdachte de verplichting op ten behoeve van [benadeelde] aan de Staat
- bepaalt dat de verdachte van zijn verplichting tot het vergoeden van schade is bevrijd als hij op een van de hiervoor beschreven manieren de schade aan de benadeelde dan wel aan de Staat heeft vergoed;
- dicht naast die [slachtoffer 2] te rijden en/of
- met kracht aan de fietstas van die [slachtoffer 2] te trekken en/of
- een tas uit de fietstas van die [slachtoffer 2] te trekken;
- dicht naast die [slachtoffer 3] te rijden en/of
- met kracht een tas uit de fietsmand van die [slachtoffer 3] te trekken;
hij op of omstreeks 8 september 2025 te Almere, een tas en/of een portemonnee (met inhoud) en/of een Schiphol tas, in elk geval enig goed, dat/die geheel of ten dele aan [slachtoffer 4] , in elk geval aan een ander toebehoorde(n) heeft weggenomen met het oogmerk om het zich wederrechtelijk toe te eigenen welke diefstal werd voorafgegaan, vergezeld en/of gevolgd van geweld en/of bedreiging met geweld tegen [slachtoffer 4] , gepleegd met het oogmerk om die diefstal voor te bereiden en/of gemakkelijk te maken, en/of om, bij betrapping op heterdaad, aan zichzelf hetzij de vlucht mogelijk te maken hetzij het bezit van het gestolene te verzekeren, door
- dicht naast die [slachtoffer 4] te rijden en/of
- met kracht een tas uit de fietsmand van die [slachtoffer 4] te trekken;
- dicht naast die [slachtoffer 1] te rijden en/of
- met kracht een tas van de schouder van die [slachtoffer 1] te trekken;
- dicht naast die [slachtoffer 5] te rijden en/of
- met kracht een tas van de schouder en/of uit de handen van die [slachtoffer 5] te trekken, waardoor die [slachtoffer 5] met haar fiets op de grond viel;
- dicht naast die [slachtoffer 6] heeft gereden en/of
- met kracht aan een tas aan de schouder van die [slachtoffer 6] heeft getrokken,
terwijl de uitvoering van dat voorgenomen misdrijf niet is voltooid;
- De bekennende verklaring van de verdachte, afgelegd op de zitting van 6 mei 2026;
- Een proces-verbaal van aangifte van [slachtoffer 2] ;
- De bekennende verklaring van de verdachte, afgelegd op de zitting van 6 mei 2026;
- Een proces-verbaal van aangifte van [benadeelde] .