Uitspraak
uitspraak van de enkelvoudige kamer van 20 april 2026 in de zaak tussen
[eiseres], uit [plaats], eiseres
Inleiding
Overwegingen
Het beoordelingskader
€ 56.647,-. De heffingsambtenaar bepleit in beroep tot een verlaging van de waarde tot
€ 116.000,- en stelt bereid te zijn het door eiseres betaalde griffierecht te vergoeden.
- [adres 2] ([naam]), verkocht op 16 september 2021 voor € 113.000,-;
- [adres 3] ([naam]), verkocht op 20 juni 2021 voor € 134.250,-;
- [adres 4], verkocht op 17 juni 2022 voor € 150.000,-.
€ 56.647,-. De heffingsambtenaar bepleit in beroep tot een verlaging van de waarde tot
€ 113.000,- en stelt bereid te zijn het door eiseres betaalde griffierecht te vergoeden.
- [adres 5] ([naam]), verkocht op 2 februari 2022 voor € 139.500,-;
- [adres 2] ([naam]), verkocht op 16 september 2021 voor € 113.000,-;
- [adres 3] ([naam]), verkocht op 20 juni 2021 voor € 134.250,-;
- [adres 4], verkocht op 17 juni 2022 voor € 150.000,-.
Beslissing
- verklaart het beroep met zaaknummer
- vernietigt de uitspraak op bezwaar van 11 oktober 2024 met kenmerk [nummer];
- stelt de waarde van de woning aan de [adres 1] in [plaats] ([naam]) vast op € 116.000,- naar waardepeildatum 1 januari 2022;
- bepaalt dat de heffingsambtenaar de aanslag onroerendezaakbelasting dienovereenkomstig vermindert;
- bepaalt dat deze uitspraak in plaats treedt van de vernietigde uitspraak op bezwaar van 11 oktober 2024 met kenmerk [nummer];
- bepaalt dat de heffingsambtenaar het betaalde griffierecht van € 51,- aan eiseres moet vergoeden;
- verklaart het beroep met zaaknummer
- vernietigt de uitspraak op bezwaar van 11 oktober 2024 met kenmerk [nummer];
- stelt de waarde van de woning aan de [adres 1] in [plaats] ([naam]) vast op € 113.000,- naar waardepeildatum 1 januari 2023;
- bepaalt dat de heffingsambtenaar de aanslag onroerendezaakbelasting dienovereenkomstig vermindert;
- bepaalt dat deze uitspraak in plaats treedt van de vernietigde uitspraak op bezwaar van 11 oktober 2024 met kenmerk [nummer];
- bepaalt dat de heffingsambtenaar het betaalde griffierecht van € 51,- aan eiseres moet vergoeden.
mr. T. Mennen, griffier. De uitspraak is uitgesproken in het openbaar op 20 april 2026.