Vrijdag webinar: live demo van Lexboost

ECLI:NL:RBMNE:2026:2961

Rechtbank Midden-Nederland

Datum uitspraak
19 mei 2026
Publicatiedatum
30 mei 2026
Zaaknummer
11967839 \ UC EXPL 25-8975
Instantie
Rechtbank Midden-Nederland
Type
Uitspraak
Rechtsgebied
Civiel recht
Uitkomst
Afwijzend
Procedures
  • Proces-verbaal
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 6:166 BW
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Bestuurder niet aansprakelijk voor vernieling slagboom door passagier in parkeergarage

Q-Park exploiteert een parkeergarage waar op 13 april 2025 de auto van de gedaagde werd geparkeerd. Bij het uitrijden werd op camerabeelden vastgelegd dat een passagier, aangeduid als [A], de slagboom vernielde terwijl de bestuurder betaalde voor de parkeerdienst.

Q-Park vorderde van de bestuurder een schadevergoeding van €1.491,55 wegens vernieling van de slagboom. De bestuurder stelde zich niet aansprakelijk omdat hij niet degene was die de schade had veroorzaakt.

De kantonrechter oordeelde dat de bestuurder niet aansprakelijk is op grond van de parkeerovereenkomst en de toepasselijke algemene voorwaarden, omdat hij de schade niet zelf heeft veroorzaakt. Ook groepsaansprakelijkheid op grond van artikel 6:166 BW Pro werd verworpen, omdat de bestuurder niet zichtbaar was op het moment van vernieling en geen bijdrage had aan het incident.

Hoewel de bestuurder mogelijk sneller had kunnen reageren op verzoeken om gegevens van de passagier te verstrekken, was dit niet onrechtmatig. Q-Park werd in het ongelijk gesteld en veroordeeld tot betaling van de proceskosten.

Uitkomst: De bestuurder is niet aansprakelijk voor de vernieling van de slagboom door een passagier en hoeft geen schadevergoeding te betalen.

Uitspraak

RECHTBANKMIDDEN-NEDERLAND
Civiel recht
Kantonrechter
Zittingsplaats Utrecht
Zaaknummer: 11967839 \ UC EXPL 25-8975
Proces-verbaal van de mondelinge uitspraak op 19 mei 2026
in de zaak van
de besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid
Q-PARK OPERATIONS NETHERLANDS B.V.,
gevestigd in Maastricht,
eisende partij,
hierna te noemen: Q-Park,
gemachtigde: mr. C.F.P.M. Spreksel,
tegen
[gedaagde],
wonend in [woonplaats] ,
gedaagde partij,
hierna te noemen: [gedaagde] ,
gemachtigde: mr. A.E.M.C. Koudijs.
De zitting wordt gehouden in het gebouw van de rechtbank in Utrecht.
De zaak wordt behandeld door mr. I.L. Rijnbout, kantonrechter, bijgestaan door mr. J.H. van Deuren als griffier.
Aanwezig zijn:
aan de zijde van Q-park:
­ mr. J.S. Hermans, als waarnemer van kantoorgenoot mr. Spreksel voornoemd;
­ als belangstellende: de dochter van mr. Spreksel;
aan de zijde van [gedaagde] :
­ de heer [gedaagde] voornoemd;
­ mr. Koudijs voornoemd.
Partijen hebben op de zitting hun standpunten toegelicht. Vervolgens is de mondelinge behandeling gesloten en heeft de kantonrechter op de zitting in aanwezigheid van partijen mondeling uitspraak gedaan.

1.De achtergrond van de zaak

1.1
Q-park exploiteert een parkeergarage. Op 13 april 2025 heeft [gedaagde] zijn auto in de garage geparkeerd. Omstreeks 04:43 uur heeft [gedaagde] zijn auto opgehaald uit de parkeergarage. Hij was op dat moment samen met een vrouw en andere man ( [A] ). Op de camerabeelden van de parkeergarage die op de zitting zijn bekeken, is te zien dat [A] de slagboom van de parkeergarage vernielt en dat [gedaagde] bij het uitrijden betaalt voor de parkeerdienst.
1.2
Q-park vordert van [gedaagde] betaling van een schadebedrag van € 1.491,55 inclusief kosten, te vermeerderen met rente vanwege de vernieling van de slagboom. [gedaagde] vindt dat hij niet hoeft te betalen, omdat hij niet degene is die de slagboom heeft vernield.

2.De beoordeling

2.1
[gedaagde] krijgt gelijk. Hij hoeft niets te betalen aan Q-park en Q-park moet zijn proceskosten vergoeden.
2.2
[gedaagde] is niet aansprakelijk tegenover Q-park voor de vernieling van de slagboom op grond van een verbintenis uit de parkeerovereenkomst en de toepasselijke algemene voorwaarden. De contractuele bepaling waarnaar Q-park verwijst, bepaalt dat [gedaagde] aansprakelijk is voor alle schade die door hem is veroorzaakt aan de parkeergarage. Die situatie doet zich hier niet voor. De schade die Q-park lijdt, is niet door [gedaagde] veroorzaakt. Hij heeft de slagboom niet vernield.
2.3
Ook is [gedaagde] niet aansprakelijk tegenover Q-park voor de schade op grond van groepsaansprakelijkheid in de zin van artikel 6:166 van Pro het Burgerlijk Wetboek. Op de camerabeelden die tijdens de zitting nog eens zijn bekeken is [gedaagde] niet zichtbaar op het moment dat [A] de slagboom vernielt en [gedaagde] zegt dat hij het niet heeft zien gebeuren. [gedaagde] had dus geen bijdrage aan de vernieling en had [A] daar niet van kunnen weerhouden.
2.4
Wellicht had [gedaagde] voortvarender kunnen handelen in reactie op de verzoeken van Q-park om de gegevens van [A] te verstrekken, maar dat maakt zijn handelen nog niet onrechtmatig tegenover Q-park. Hij is namelijk niet verantwoordelijk voor de opsporing van de schade-veroorzaker.
2.5
Q-Park is in het ongelijk gesteld en moet daarom de proceskosten (inclusief nakosten) betalen. De proceskosten van [gedaagde] worden begroot op:
- salaris gemachtigde
434,00
(2 punten × € 217,00)
- nakosten
108,50
(0,5 x 217,00 plus de kosten van betekening zoals vermeld in de beslissing)
Totaal
542,50

3.De beslissing

De kantonrechter
3.1
wijst de vorderingen van Q-Park af,
3.2
veroordeelt Q-Park in de proceskosten van € 542,50, te betalen binnen veertien dagen na aanschrijving daartoe, te vermeerderen met de kosten van betekening als Q-Park niet tijdig aan de veroordelingen voldoet en het vonnis daarna wordt betekend,
3.3
verklaart dit vonnis wat betreft de proceskostenveroordeling uitvoerbaar bij voorraad.
Deze mondelinge uitspraak is gewezen door mr. I.L. Rijnbout en in het openbaar uitgesproken in aanwezigheid van de griffier.
Dit proces-verbaal is opgemaakt en ondertekend door de kantonrechter.