Op 4 juli 2023 hebben werknemers van [gedaagde] tijdens grondroerende werkzaamheden schade veroorzaakt aan een drinkwaterleiding van Oasen. Oasen vordert vergoeding van de schade, ter hoogte van € 8.544,13, exclusief btw, plus wettelijke rente en buitengerechtelijke incassokosten.
De kantonrechter stelt vast dat [gedaagde] onzorgvuldig heeft gehandeld door niet te voldoen aan de onderzoeksplicht zoals voorgeschreven in de Wet Informatie-uitwisseling boven- en ondergrondse Netten (WIBON) en de Richtlijn zorgvuldig grondroeren. De drinkwaterleiding lag binnen het graafgebied, terwijl [gedaagde] op basis van KLIC-tekeningen meende dat dit niet het geval was. Hierdoor is schade ontstaan die [gedaagde] moet vergoeden.
Oasen heeft de schade onderbouwd met facturen voor materiaalkosten, uitvoeringskosten en schadebehandelingskosten. [gedaagde] betwist het schadebedrag en stelt dat Oasen is verrijkt door een nieuwe leiding, maar dit is niet aannemelijk gemaakt. De kantonrechter wijst de vordering van Oasen toe, inclusief wettelijke rente vanaf de datum van schade en buitengerechtelijke incassokosten.
Daarnaast wordt [gedaagde] veroordeeld tot betaling van de proceskosten en de wettelijke rente daarover. Het vonnis is uitvoerbaar bij voorraad, zodat Oasen het vonnis kan ten uitvoer leggen ook bij hoger beroep.