Vrijdag webinar: live demo van Lexboost

ECLI:NL:RBMNE:2026:3104

Rechtbank Midden-Nederland

Datum uitspraak
9 juni 2026
Publicatiedatum
8 juni 2026
Zaaknummer
UTR-25/7277
Instantie
Rechtbank Midden-Nederland
Type
Uitspraak
Uitkomst
Afwijzend
Procedures
  • Eerste aanleg - enkelvoudig
Rechters
  • B.M. Kleijs
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 8:54 AwbArt. 8:73 Awb (oud)Art. 30 AwirArt. 12 Awir
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Bestuursrechter onbevoegd voor schadevergoeding wegens onterechte toeslagenverrekening

Verzoeker heeft een schadevergoeding van €300.000,- geëist van de Belastingdienst vanwege onterechte verrekening van toeslagen, wat financiële en geestelijke schade zou hebben veroorzaakt.

De rechtbank stelt vast dat de bestuursrechter niet bevoegd is om over dit verzoek te oordelen, omdat het geschil niet binnen de toepassingsregels van titel 8.4 van de Algemene wet bestuursrecht valt en het verzoek niet voortvloeit uit een bij de bestuursrechter aanhangige beroepsprocedure.

Daarnaast is de weg van een zuiver schadebesluit niet beschikbaar, aangezien tegen verrekeningen op grond van artikel 30 van Pro de Algemene wet inkomensafhankelijke regelingen geen bezwaar kan worden gemaakt, wat ook door vaste rechtspraak wordt bevestigd.

Daarom verklaart de rechtbank zich onbevoegd en adviseert verzoeker om zijn schadeverzoek bij de burgerlijke rechter in te dienen. De uitspraak is gedaan zonder zitting op 9 juni 2026 door rechter B.M. Kleijs.

Uitkomst: De bestuursrechter verklaart zich onbevoegd om kennis te nemen van het verzoek om schadevergoeding wegens onterechte toeslagenverrekening.

Uitspraak

RECHTBANK MIDDEN-NEDERLAND
Bestuursrecht
zaaknummer: UTR 25/7377

uitspraak van de enkelvoudige kamer van 9 juni 2026 in de zaak tussen

[verzoeker] , uit [plaats] , verzoeker

en

Dienst Toeslagen, kantoor [plaats] , verweerder

(gemachtigde: mr. M. Krari).

Inleiding

1. In deze uitspraak beslist de rechtbank over het verzoek van verzoeker naar aanleiding van de brief (zuiver schadebesluit) van Dienst Toeslagen van 18 juli 2025. Dit beroep gaat over het verzoek tot schadevergoeding wegens het verrekenen van toeslagen.
2. Omdat de bestuursrechter onbevoegd is, doet de rechtbank uitspraak zonder zitting. Artikel 8:54 van Pro de Algemene wet bestuursrecht (Awb) maakt dat mogelijk.

Beoordeling door de rechtbank

3. Verzoeker heeft in zijn verzoekschrift aangegeven dat hij een schadevergoeding van de Belastingdienst wil. Als gevolg van het ten onrechte verrekenen van alle toeslagen heeft verzoeker € 300.000,- aan financiële en geestelijke schade geleden.
4. De rechtbank stelt vast dat niet de bestuursrechter, maar uitsluitend de burgerlijke rechter bevoegd is om over het geschil te oordelen. Zij overweegt hiertoe als volgt.
5. In titel 8.4 van de Awb is geregeld wanneer men bij de bestuursrechter terecht kan voor schadevergoeding. Deze artikelen zijn in deze zaak echter niet van toepassing omdat de schade, zoals verzoeker stelt, is veroorzaakt door handelen van de Belastingdienst of de Dienst Toeslagen. Op het verzoek van verzoeker is daarom het recht van toepassing zoals dat voor 1 juli 2013 gold. Ook onder het toepasselijke oude recht (artikel 8:73 van Pro de Awb (oud)) is de bestuursrechter in een zaak als deze niet bevoegd om een oordeel te geven over het verzoek. Het verzoek om schadevergoeding is immers niet gedurende een bij de bestuursrechter aanhangige beroepsprocedure.
6. De weg van een zuiver schadebesluit is in dit geval ook niet begaanbaar. Van belang is in dit kader dat tegen een beschikking tot verrekening als bedoeld in artikel 30 van Pro de Algemene wet inkomsensafhankelijke regelingen (Awir) op grond van artikel 12 van Pro de Awir geen bezwaar kan worden gemaakt. Dit volgt ook uit vaste rechtspraak (zie de uitspraak van 5 juli 2017 van de Afdeling, ECLI:NL:RVS:2017:1776.).
7. Nu tegen deze schadeveroorzakende verrekeningen geen bezwaar en beroep kan worden ingesteld, kan dus ook geen beroep bij de bestuursrechter worden ingesteld tegen een zuiver schadebesluit dat daarop ziet. Dit betekent dat de bestuursrechter zich in dit geval onbevoegd moet verklaren. Verzoeker kan vervolgens een verzoek om schadevergoeding indienen bij de burgerlijke rechter.

Conclusie en gevolgen

8. De bestuursrechter is onbevoegd. Zij mag de zaak dus niet inhoudelijk behandelen.
9. Verzoeker kan zich desgewenst wenden tot de burgerlijke rechter als hij zijn verzoek verder behandeld wenst te zien.

Beslissing

De rechtbank verklaart zich onbevoegd om kennis te nemen van het verzoek om schadevergoeding.
Deze uitspraak is gedaan door mr. B.M. Kleijs, rechter, in aanwezigheid van mr. T. Mennen, griffier.
Uitgesproken in het openbaar op 9 juni 2026.
griffier
rechter
Een afschrift van deze uitspraak is verzonden aan partijen op:

Informatie over verzet

Als partijen het niet eens zijn met deze uitspraak, kunnen zij een verzetschrift sturen naar de rechtbank waarin zij uitleggen waarom zij het niet eens zijn met deze uitspraak. Het verzetschrift moet worden ingediend binnen zes weken na de dag waarop deze uitspraak is verzonden. Als partijen graag een zitting willen om het verzetschrift toe te lichten, moeten zij dit in het verzetschrift vermelden.