Uitspraak
RECHTBANK MIDDEN-NEDERLAND
1.Zitting
- de verdachte;
- de officier van justitie: mr. L.H.J. Verheijden;
- de advocaat van de verdachte: mr. T.S.S. Overes (hierna: de advocaat);
- de benadeelde partij: [benadeelde] .
2.Tenlastelegging
3.Bewijs
4.Kwalificatie en strafbaarheid
5.Straf en maatregel
- een rapport betreffende een Pro Justitia psychiatrisch onderzoek van 2 maart 2026;
- een rapport betreffende een Pro Justitia psychologisch onderzoek van 30 september 2025;
- een rapport van de reclassering van 7 mei 2026.
6.In beslag genomen voorwerpen
7.Vordering benadeelde partij
8.Toegepaste wetsartikelen
- artikelen 36b, 36d, 38, 38a, 46, 55, 57 en 157 van het Wetboek van Strafrecht;
- artikelen 26 en 55 van de Wet wapens en munitie.
9.De beslissing
- verklaart bewezen dat de verdachte de feiten 1, 2 en 3 heeft gepleegd, zoals hierboven in paragraaf 3.4 is omschreven;
- verklaart het overige dat in de beschuldiging staat niet bewezen en spreekt de verdachte daarvan vrij;
18 (achttien) maanden;
ter beschikking wordt gestelden stelt daarbij de volgende voorwaarden betreffende het gedrag van de ter beschikking gestelde:
dadelijk uitvoerbaaris;
- 1 STK mes, omschrijving: PL0900-2025122192-3513740, met hoes, zwart;
- 1 STK mes, omschrijving: PL0900-2025122192-3514246, lang zwaard met hoes;
- de bekennende verklaring van de verdachte zoals afgelegd ter terechtzitting van 22 mei 2026;
- het in de wettelijke vorm opgemaakte proces-verbaal van aangifte
verklaring van de verdachte ter terechtzittingvan 22 mei 2026, zakelijk weergegeven:
proces-verbaal van bevindingen [6] van 13 juli 2025 – zakelijk weergegeven – het volgende gerelateerd: