Uitspraak
RECHTBANK MIDDEN-NEDERLAND
SAMEN VEILIG MIDDEN NEDERLAND, gevestigd te Utrecht,
1.Het verdere verloop van de procedure
- de beschikking van 26 februari 2026;
- de brief van de GI met als bijlagen de instemmende verklaring van de gedragswetenschapper en het behandelplan van [instelling] van 4 mei 2026.
- [minderjarige] met zijn advocaat;
- de vader en de stiefmoeder, bijgestaan door de tolk B. Naseh;
- [A.] , jeugdbeschermer namens de GI.
2.De feiten
3.Het (aangehouden) verzoek
4.De standpunten
De beoordeling
“Verder blijft het belang om ‘bruggen te slaan naar de familie’ om zijn idee van ontheemd en alleen staan te verminderen.”Volgens de kinderrechter moet [minderjarige] daarom juist vaker kunnen bellen met zijn ouders. De gedragswetenschapper adviseert om de mogelijkheden te onderzoeken voor verlof van [minderjarige] naar zijn ouders. Het is niet in het belang van [minderjarige] dat hij steeds als een van de weinigen moet achterblijven op de groep. Er is behoefte aan omgang en daar moet naar toe gewerkt worden. Ten aanzien van het verruimen van de vrijheden in dit verband merkt de kinderrechter op dat [minderjarige] bijna 17 jaar is. Hij moet leren omgaan met zijn vrijheden en dat kan alleen als hij vrijheden krijgt.
6.De beslissing
- degenen aan wie een afschrift van de beschikking is verstrekt of verzonden, binnen drie maanden na de dag van de uitspraak;
- andere belanghebbenden, binnen drie maanden na de betekening van deze beschikking of binnen drie maanden nadat zij op andere wijze daarvan kennis hebben genomen.