Vrijdag webinar: live demo van Lexboost

ECLI:NL:RBMNE:2026:3337

Rechtbank Midden-Nederland

Datum uitspraak
12 juni 2026
Publicatiedatum
16 juni 2026
Zaaknummer
16.275770.24, 16.031970.26 (gevoegd)
Instantie
Rechtbank Midden-Nederland
Type
Uitspraak
Rechtsgebied
Strafrecht
Uitkomst
Veroordeling
Procedures
  • Eerste aanleg - meervoudig
Rechters
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 45 SrArt. 47 SrArt. 63 SrArt. 77a SrArt. 77g Sr
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Veroordeling voor pogingen tot diefstal en vernieling enkelband met taakstraf

De rechtbank Midden-Nederland heeft op 12 juni 2026 uitspraak gedaan in een strafzaak tegen verdachte, geboren in 2008, die werd beschuldigd van meerdere pogingen tot diefstal door middel van pinfraude en het vernielen van een enkelband.

De feiten betreffen het in de periode december 2023 gepleegd plegen van diefstal en pogingen daartoe door het onder valse voorwendselen verkrijgen van bankpassen en pincodes van kwetsbare slachtoffers, gevolgd door het plegen van pintransacties. Daarnaast heeft verdachte tussen november 2024 en november 2025 zijn enkelband vernield, waarmee hij zich onttrok aan elektronisch toezicht.

De rechtbank achtte de bewijzen, waaronder camerabeelden, getuigenverklaringen en een vergelijking van uiterlijke kenmerken met foto's van verdachte, overtuigend. Ondanks ontkenning van verdachte en verweren van zijn advocaat, werd bewezen verklaard dat verdachte de strafbare feiten heeft gepleegd.

Bij de strafoplegging hield de rechtbank rekening met de ernst van de feiten, het strafblad van verdachte en zijn persoonlijke omstandigheden. Gezien zijn positieve ontwikkeling en het belang van de samenleving werd een taakstraf van 150 uur opgelegd, met een vervangende hechtenis van 75 dagen bij niet-naleving. Tevens werd de vordering van de benadeelde partij tot schadevergoeding integraal toegewezen.

Uitkomst: Verdachte veroordeeld tot een taakstraf van 150 uur voor pogingen tot diefstal en vernieling van een enkelband, met integrale toewijzing van schadevergoeding.

Uitspraak

RECHTBANK MIDDEN-NEDERLAND

Strafrecht
Zittingsplaats Utrecht
Parketnummers: 16.275770.24, 16.031970.26 (gevoegd).
Tegenspraak
Vonnis van de meervoudige kamer van 12 juni 2026 in de strafzaak van:
[verdachte] ,
geboren op [geboortedatum] 2008 in [geboorteplaats] ,
verblijvende op het adres [adres 1] , [postcode 1] in [plaats] ,
hierna: [verdachte] .

1.Zitting

De strafzaak van [verdachte] is inhoudelijk behandeld op de besloten zitting van 22 mei 2026. Het onderzoek is gesloten op 12 juni 2026, waarna aansluitend uitspraak is gedaan. Op de zitting van 22 mei 2026 waren aanwezig:
  • [verdachte] ;
  • de officier van justitie: mr. M.S. Martherus-Meijers;
  • de advocaat van [verdachte] , mr. P.T.P. van der Made (hierna: de advocaat);
  • de oma van [verdachte] , de vriendin van [verdachte] en een goede vriend.

2.Tenlastelegging

De officier van justitie beschuldigt [verdachte] ervan dat hij, samengevat:
16.275770.24, feit 1:
in de periode van 11 december 2023 tot en met 13 december 2023 in Nieuwegein, Asperen, Schalkhaar en/of Weesp samen met een ander geldbedragen heeft weggenomen van [benadeelde 1] , [benadeelde 2] , en/of [benadeelde 3] , door te pinnen met hun bankpassen;
16.275770.24, feit 2:
op 13 december 2023 in Nieuwegein, Deventer en/of Schalkhaar samen met een ander heeft geprobeerd geldbedragen weg te nemen van [benadeelde 4] en/of [benadeelde 5] , door te pinnen met hun bankpassen;
16.031970.26
in de periode van 10 november 2024 tot en met 7 november 2025 in Utrecht een enkelband heeft vernield.
De volledige tekst van de beschuldiging staat in bijlage I bij dit vonnis.

3.Bewijs

3.1.
Standpunt van de officier van justitie
De officier van justitie stelt zich op het standpunt dat kan worden bewezen dat dat [verdachte] alle feiten waarvan hij wordt beschuldigd, heeft gepleegd. De standpunten van de officier van justitie worden - voor zover van belang voor de beoordeling - besproken in paragraaf 3.3.
3.2.
Standpunt van de verdediging
De advocaat heeft verzocht om [verdachte] integraal vrij te spreken. Met betrekking tot de (pogingen tot) diefstal heeft de advocaat betoogd dat [verdachte] niet degene is geweest die heeft gepind met de gestolen pinpassen. Ten aanzien van de vernieling van de enkelband blijkt volgens de advocaat niet uit het dossier waar en wanneer de enkelband daadwerkelijk is doorgeknipt. De verweren van de advocaat worden hierna verder besproken in paragraaf 3.3.
3.3.
Oordeel van de rechtbank
Bewijsmiddelen
De rechtbank oordeelt dat alle feiten kunnen worden bewezen. De rechtbank baseert dit oordeel op de bewijsmiddelen die in bijlage II van dit vonnis staan. Hieronder legt de rechtbank uit waarom zij, ondanks de ontkennende verklaring van [verdachte] en de verweren van de advocaat, tot deze conclusie komt.
Bewijsoverweging (pogingen tot) diefstal
Het dossier bevat meerdere aangiftes van (pogingen tot) diefstal, waarbij de daders steeds op soortgelijke wijze te werk zijn gegaan: de slachtoffers werden gebeld door iemand die zich voordeed als een bankmedewerker, die vertelde dat er iets aan de hand was met hun rekening. De slachtoffers moesten daarom hun pincodes vertellen en hun pinpassen afgeven aan iemand die aan de deur zou komen. Tijdens het telefoongesprek werden de bankpassen daadwerkelijk opgehaald door een andere ‘bankmedewerker’. Kort daarna werd er gepind met deze gestolen passen. De pintransacties zijn bij drie aangevers gelukt, bij twee van hen is het bij een poging gebleven.
De advocaat heeft betoogd dat [verdachte] niet degene is geweest die heeft gepind met de gestolen pinpassen. [verdachte] is weliswaar meermaals herkend op de camerabeelden van de diverse pinautomaten en lijkt misschien ook wel op die persoon, maar omdat er geen gezichtsherkenning heeft plaatsgevonden en de herkenningen slechts gebaseerd zijn op oorbellen, ringen en schoenen, zijn deze volgens de advocaat niet betrouwbaar genoeg.
De rechtbank overweegt hierover het volgende. In deze strafzaak zijn de camerabeelden van de pinautomaten uitgezonden in het programma Opsporing Verzocht. Naar aanleiding van deze beelden zijn anonieme tips binnengekomen waaruit zou blijken dat het om [verdachte] zou gaan. De politie heeft vervolgens nader onderzoek gedaan waaruit het volgende naar voren kwam: (i) de verdachte op de beelden draagt opvallende witte schoenen en deze schoenen komen overeen met de schoenen die [verdachte] draagt op een foto op zijn Facebookpagina, (ii) [verdachte] heeft dezelfde felkleurige oranje telefoon als de verdachte op de beelden, (iii) [verdachte] heeft een oorbel (ringetje) in zijn rechteroor, net als de verdachte op de beelden en (iv) [verdachte] heeft op een foto van zijn Facebookpagina een dikke ring (om de ringvinger van zijn linkerhand) en de verdachte op de beelden draagt dezelfde ring. Tenslotte is de foto van de verdachte op de beelden vergeleken met de SKDB-foto van [verdachte] , waarbij ook veel overeenkomsten worden gezien zoals de neus, volle lippen en de vorm van het oor van [verdachte] . De politie komt daarom tot de conclusie dat de verdachte op de beelden van het pinnen met de gestolen pinpassen in de vijf zaken steeds dezelfde persoon betreft en dat die persoon [verdachte] is.
De rechtbank heeft geen reden om te twijfelen aan de juistheid en betrouwbaarheid van bovenstaande bevindingen. De rechtbank is bovendien, anders dan de advocaat, van oordeel dat de herkenningen niet gebaseerd zijn op onvoldoende onderscheidende kernmerken. De herkenning is namelijk gebaseerd op een combinatie van uiterlijke kenmerken en opvallende spullen. Volgens de politie lijkt de pinner niet alleen op [verdachte] , maar heeft hij ook dezelfde schoenen, telefoon en sieraden. De rechtbank vindt daarom wettig en overtuigend bewezen dat [verdachte] degene is geweest die heeft gepind met de gestolen pinpassen.
Bewijsoverweging vernieling enkelband
De rechtbank is, met de officier van justitie en anders dan de advocaat, ook van oordeel dat de vernieling van de enkelband wettig en overtuigend kan worden bewezen. [verdachte] heeft zelf bekend dat hij zijn enkelband heeft doorgeknipt. Hij heeft op zitting aangegeven dat hij niet meer weet wanneer hij dat heeft gedaan. De advocaat heeft daarom bepleit dat onvoldoende precies kan worden vastgesteld wanneer de enkelband is vernield. Dat staat naar het oordeel van de rechtbank echter niet in de weg aan een bewezenverklaring: daarvoor hoeft het precieze moment van de vernieling niet vastgesteld te worden. De rechtbank volstaat daarom met de conclusie dat de enkelband ergens in de periode tussen het wegvallen van het laatste signaal (10 november 2024) en de aangifte (7 november 2025) door [verdachte] is vernield. Ook dit feit wordt daarom bewezenverklaard.
3.4.
Bewezenverklaring
De rechtbank verklaart bewezen dat [verdachte] :
16.275770.24, feit 1
in de periode van 11 december 2023 tot en met 13 december 2023 te Asperen en Schalkhaar en Weesp, meermalen, telkens tezamen en in vereniging met een ander of anderen met het oogmerk van wederrechtelijke toe-eigening heeft weggenomen geldbedragen en goederen, welke geldbedragen en goederen toebehoorden aan meerdere rekeninghouders, van de Rabobank en ABN AMRO bank, te weten: [benadeelde 1] (zaak 1), en [benadeelde 2] (zaak 3), en [benadeelde 3] (zaak 5), waarbij hij, verdachte en zijn mededader(s) het weg te nemen geld onder hun bereik hebben gebracht door middel van valse sleutels, door onder valse voorwendselen en zonder toestemming gebruik te maken van de bankpassen van bovengenoemde personen en de (bij de bankpassen behorende) pincodes door daarmee geld op te nemen;
16.275770.24, feit 2
op 13 december 2023 te Deventer en Schalkhaar , meermalen, telkens tezamen en in vereniging met een ander of anderen, ter uitvoering van het door verdachte voorgenomen misdrijf om geldbedragen die toebehoorden aan meerdere rekeninghouders van de Rabobank, te weten [benadeelde 4] (zaak 2), en [benadeelde 5] (zaak 4) weg te nemen met het oogmerk om het zich wederrechtelijk toe te eigenen, waarbij hij, verdachte en zijn mededader(s) het weg te nemen geld onder hun bereik hebben gebracht door middel van valse sleutels door onder valse voorwendselen en zonder toestemming gebruik te maken van de bankpassen van bovengenoemde personen en de (bij de bankpassen behorende) pincodes door daarmee geld op te nemen, terwijl de uitvoering van dat voorgenomen misdrijf niet is voltooid;
16.031970.26
omstreeks de periode van 10 november 2024 tot en met 7 november 2025 in Nederland, opzettelijk en wederrechtelijk een enkelband die aan een ander, te weten aan het Ministerie van Justitie en Veiligheid en/of Dienst Vervoer en Ondersteuning toebehoorde, heeft vernield.
De rest van de tekst van de beschuldiging kan niet worden bewezen. [verdachte] wordt daarvan vrijgesproken. De taal- en/of schrijffouten die in de tekst van de beschuldiging voorkomen zijn in de bewezenverklaring verbeterd. Dit benadeelt [verdachte] niet.

4.Kwalificatie en strafbaarheid

4.1.
Kwalificatie
De bewezen feiten leverende volgende strafbare feiten op:
16.275770.24, feit 1:diefstal door twee of meer verenigde personen, waarbij de schuldige het weg te nemen goed onder zijn bereik heeft gebracht door middel van valse sleutels, meermalen gepleegd;
16.275770.24, feit 2:poging tot diefstal door twee of meer verenigde personen, waarbij de schuldige het weg te nemen goed onder zijn bereik heeft gebracht door middel van valse sleutels, meermalen gepleegd;
16.031970.26:opzettelijk en wederrechtelijk enig goed dat geheel of ten dele aan een ander toebehoort, vernielen.
4.2.
Strafbaarheid feit en strafbaarheid [verdachte]
De feiten en [verdachte] zijn strafbaar.

5.Straf

5.1.
Vordering van de officier van justitie
De officier van justitie eist dat [verdachte] wordt veroordeeld tot een taakstraf in de vorm van een werkstraf voor de duur van 30 uur, te vervangen door 15 dagen hechtenis als [verdachte] deze werkstraf niet of niet goed uitvoert.
5.2.
Standpunt van de verdediging
De advocaat heeft benadrukt dat het een oude strafzaak betreft, dat [verdachte] destijds heel jong was en dat het nu goed met hem gaat: [verdachte] werkt als timmerman, heeft een vriendin en woont ook bij haar. Daarmee lijkt de rust te zijn teruggekeerd en vraagt de advocaat zich af wat een straf in deze zaak nog zou kunnen toevoegen.
5.3.
Oordeel van de rechtbank
Bij het bepalen van de straf houdt de rechtbank rekening met de ernst van de gepleegde feiten en de omstandigheden waaronder [verdachte] deze feiten heeft gepleegd. Ook weegt de rechtbank het strafblad van [verdachte] en zijn persoonlijke omstandigheden mee.
Ernst en omstandigheden van de feiten
De rechtbank stelt voorop dat [verdachte] zich schuldig heeft gemaakt aan heel vervelende strafbare feiten. Hij heeft, samen met zijn medeverdachte(n), kwetsbare oudere mensen opgelicht waardoor zij hun pinpassen en pincodes hebben afgegeven. Door vervolgens met die pinpassen geldbedragen te pinnen, heeft hij veel geld buitgemaakt. Maar het gaat veel verder dan ‘alleen’ het stelen van geld: [verdachte] heeft samen met zijn medeverdachte(n) op brutale wijze veel angst en leed veroorzaakt bij kwetsbare slachtoffers en misbruik gemaakt van hun vertrouwen. De rechtbank neemt het [verdachte] kwalijk dat hij alleen bezig is geweest met zijn eigen financiële belangen en niet heeft stilgestaan bij de grote gevolgen die zijn handelen voor de slachtoffers heeft gehad. [verdachte] neemt ook geen verantwoordelijkheid voor zijn handelen en lijkt daarmee geen oog te hebben voor het leed dat hij de slachtoffers heeft aangedaan. Dit terwijl de slachtoffers angstig, boos en verdrietig zijn door wat [verdachte] hen, samen met zijn mededader(s), heeft aangedaan.
Daarnaast heeft [verdachte] zijn enkelband doorgeknipt en ook dat is een heel vervelend feit. Hij heeft zich daarmee niet alleen onttrokken aan het toezicht van de reclassering (terwijl hij die enkelband natuurlijk niet voor niets droeg), maar ook schade veroorzaakt.
Strafblad
Bij haar beslissing heeft de rechtbank ook rekening gehouden met een uittreksel uit de Justitiële Documentatie (het strafblad) van [verdachte] . Daaruit blijkt dat hij eerder is veroordeeld voor vermogensdelicten, namelijk het medeplegen van diefstal door middel van verbreking en opzetheling. De rechtbank weegt het strafblad daarom in strafverzwarende zin mee.
Persoonlijke omstandigheden
De rechtbank ziet aan de andere kant ook dat [verdachte] nog jong is en zijn leven inmiddels een stuk beter op orde lijkt te hebben dan toen hij deze strafbare feiten pleegde. Hij is aan het werk als timmerman, heeft een vriendin bij wie hij ook woont en lijkt - in vergelijking met zijn lange strafrechtelijke voorgeschiedenis - stabieler en rustiger te zijn geworden.
De Raad voor de Kinderbescherming (hierna: de Raad) concludeert in haar rapportage van 23 april 2026 dat zowel civielrechtelijk als strafrechtelijk alle middelen en maatregelen zijn ingezet om het recidiverisico te beperken en [verdachte] vooruit te helpen. [verdachte] is volgens de Raad echter al lange tijd niet meer gevoelig voor maatregelen en interventies, zoals een ondertoezichtstelling, jeugdreclasseringsmaatregel, werkstraffen en elektronisch toezicht. De Raad is van mening dat het opleggen van een straf of maatregel binnen het jeugdstrafrecht er daarom niet meer aan bij gaat dragen dat het risico op recidiveren afneemt. Er wordt geen concreet strafadvies gegeven.
Strafoplegging
De rechtbank stelt voorop dat er regelmatig (onvoorwaardelijke) jeugddetentie wordt opgelegd in soortgelijke zaken om te benadrukken hoe kwalijk deze feiten zijn. In het geval van [verdachte] vindt de rechtbank dat echter - ondanks [verdachte] ’s strafblad met eerdere veroordelingen en zijn proceshouding - niet passend. Door het opleggen van een onvoorwaardelijke jeugddetentie zou de positieve ontwikkeling van [verdachte] kunnen worden doorkruist. Dat is niet in het belang van [verdachte] , maar ook niet in het belang van de samenleving. Daarbij weegt ook mee dat de redelijke termijn (een termijn waarbinnen strafzaken moeten worden afgerond) is overschreden. Bovendien weegt de rechtbank mee dat [verdachte] in de tussentijd is veroordeeld voor andere feiten (waardoor juridisch gezien artikel 63 van Pro het Wetboek van Strafrecht van toepassing is).
De rechtbank vindt wel dat er nog een straf moet volgen om [verdachte] de consequenties van zijn handelen te laten voelen. Zij is met de officier van justitie van oordeel dat een werkstraf een passende strafmodaliteit is, maar vindt dat de strafeis van 30 uur geen recht doet aan de ernst van de feiten. Daarom zal de rechtbank, alles afwegend, een taakstraf in de vorm van een werkstraf voor de duur van 150 uur opleggen. Mocht [verdachte] deze werkstraf niet of niet goed uitvoeren, dan staan daar 75 dagen vervangende jeugddetentie tegenover.

6.Vordering benadeelde partij

6.1.
Vordering van de benadeelde partij Dienst Vervoer & Ondersteuning
Er is namens benadeelde partij Dienst Vervoer & Ondersteuning (hierna: DV&O) een verzoek tot schadevergoeding ingediend ter hoogte van 30,25 euro, bestaande uit materiële schade. De benadeelde partij stelt deze schade te hebben geleden ten gevolge van de vernieling van de enkelband (in de zaak met parketnummer 16.031970.26).
6.2.
Standpunt van de officier van justitie
De officier van justitie heeft zich op het standpunt gesteld dat de vordering van de benadeelde partij integraal kan worden toegewezen, vermeerderd met de wettelijke rente.
6.3.
Standpunt van de verdediging
De advocaat heeft betoogd dat de benadeelde partij niet-ontvankelijk verklaard zou moeten worden, vanwege de bepleite vrijspraak voor de vernieling van de enkelband.
6.4.
Oordeel van de rechtbank
Integrale toewijzing
De rechtbank zal de vordering van DV&O integraal toewijzen. De vordering is voldoende onderbouwd, het betreft een redelijk bedrag en rechtstreekse schade. De rechtbank zal de toegewezen bedragen vermeerderen met de wettelijke rente vanaf het einde van de tenlastegelegde periode, te weten 7 november 2025, tot de dag van volledige betaling.
Proceskosten
[verdachte] zal ook worden veroordeeld in de kosten die de benadeelde partij heeft gemaakt en ten behoeve van de tenuitvoerlegging van deze uitspraak nog zal maken. Deze kosten worden tot op dit moment begroot op nihil.
Geen schadevergoedingsmaatregel
De rechtbank zal ten aanzien van DV&O geen schadevergoedingsmaatregel opleggen.
Deze maatregel is bedoeld om natuurlijke personen te ontlasten bij de inning van de
schadevergoeding. Een rechtspersoon mag in beginsel geacht worden zelf de wegen te
kennen om een vordering te incasseren, in tegenstelling tot een natuurlijke persoon.
De rechtbank ziet in deze zaak geen aanleiding om van dit beginsel af te wijken.

7.Toegepaste wetsartikelen

De opgelegde straf is gebaseerd op de artikelen 45, 47, 63, 77a, 77g, 77m, 77n, 77gg, 311 en 350 van het Wetboek van Strafrecht.

8.De beslissing

De rechtbank:
Bewezenverklaring
  • verklaart bewezen dat [verdachte] de feit 1 en feit 2 in de zaak met parketnummer 16.275770.24 en het feit in de zaak met parketnummer 16.031970.26 heeft gepleegd, zoals hierboven in paragraaf 3.4 is omschreven;
  • verklaart het overige dat in de beschuldiging staat niet bewezen en spreekt [verdachte] daarvan vrij.
Strafbaarheid
  • verklaart het bewezenverklaarde strafbaar en kwalificeert dit zoals hiervoor in paragraaf 4.1 is vermeld;
  • verklaart [verdachte] strafbaar voor het in paragraaf 3.4 bewezenverklaarde.
Strafoplegging
  • veroordeelt [verdachte] tot een taakstraf in de vorm van een werkstraf voor de duur van 150 uur;
  • beveelt dat voor het geval [verdachte] de taakstraf niet of niet naar behoren verricht de taakstraf wordt vervangen door 75 dagen hechtenis.
Benadeelde partij (16.031970.26)
  • wijst de vordering van Dienst Vervoer & Ondersteuning integraal toe tot een bedrag van 30,25 euro;
  • veroordeelt [verdachte] tot betaling aan Dienst Vervoer & Ondersteuning van het toegewezen bedrag, vermeerderd met de wettelijke rente vanaf 7 november 2025 tot de dag van volledige betaling.
  • veroordeelt [verdachte] ook in de kosten door de benadeelde partij gemaakt en ten behoeve van de tenuitvoerlegging van deze uitspraak nog te maken, tot op heden begroot op nihil.
Dit vonnis is gewezen door mr. C. van Wambeke, voorzitter, mr. L.R.H. Koekoek en mr. G.M.C. Klink, rechters, in tegenwoordigheid van mr. M. Besselink als griffier en is in het openbaar uitgesproken op 12 juni 2026.
Bijlage I: de tenlastelegging
Aan [verdachte] is na wijziging van de tenlastelegging ten laste gelegd dat:
16.275770.24, feit 1
hij, in of omstreeks de periode van 11 december 2023 tot en met 13 december 2023 te Nieuwegein en/of Asperen en/of Schalkhaar en/of Weesp, althans in Nederland, meermalen, althans eenmaal, (telkens) tezamen en in vereniging met een ander of anderen, althans alleen met het oogmerk van wederrechtelijke toe-eigening heeft weggenomen een of meer geldbedrag(en) en/of goederen, welk(e) geldbedrag(en) en/of goederen geheel of ten dele toebehoorde(n) aan een of meerdere rekeninghouder(s), althans enig persoon handelend namens die rekeninghouder(s) van de Rabobank en/of ABN AMRO bank, te weten:
[benadeelde 1] (zaak 1), en/of [benadeelde 2] (zaak 3), en/of [benadeelde 3] (zaak 5),
en/of een ander of anderen dan aan hem, verdachte, en/of zijn mededader(s), waarbij hij, verdachte en/of zijn mededader(s) het weg te nemen geld onder zijn/hun bereik heeft/hebben gebracht door middel van (een) valse sleutel(s), door onder valse voorwendselen en/of zonder toestemming gebruik te maken van de bankpas(sen) van bovengenoemde perso(o)n(en) en/of de (bij de bankpas(sen) behorende) pincode(s) door daarmee geld op te nemen, in elk geval (een) sleutel(s) tot het gebruik waarvan hij, verdachte en/of zijn mededader(s) niet gerechtigd was/waren;
16.275770.24, feit 2
hij, op of omstreeks 13 december 2023 te Nieuwegein en/of Deventer en/of Schalkhaar , althans in Nederland, meermalen, althans eenmaal, (telkens) tezamen en in vereniging met een ander of anderen, althans alleen ter uitvoering van het door verdachte voorgenomen misdrijf om een of meer geldbedrag(en) en/of goederen, welk(e) geldbedrag(en) en/of goederen geheel of ten dele toebehoorde(n) aan een of meerdere rekeninghouder(s), althans enig persoon handelend namens die rekeninghouder(s) van de Rabobank, te weten
[benadeelde 4] (zaak 2), en/of [benadeelde 5] (zaak 4), en/of een ander of anderen dan aan hem, verdachte, en/of zijn mededader(s), weg te nemen met het oogmerk om het zich wederrechtelijke toe te eigenen waarbij hij, verdachte en/of zijn mededader(s) het weg te nemen geld onder zijn/hun bereik heeft/hebben gebracht door middel van (een) valse sleutel(s), door onder valse voorwendselen en/of zonder toestemming gebruik te maken van de bankpas(sen) van bovengenoemde perso(o)n(en) en/of de (bij de bankpas(sen) behorende) pincode(s) door daarmee geld op te nemen, in elk geval (een) sleutel(s) tot het gebruik waarvan hij, verdachte en/of zijn mededader(s) niet gerechtigd was/waren, terwijl de uitvoering van dat voorgenomen misdrijf niet is voltooid.
16.031970.26
hij op of omstreeks de periode van 10 november 2024 tot en met 7 november 2025 te
Utrecht, althans in Nederland, opzettelijk en wederrechtelijk een enkelband, in elk geval enig goed, dat/die geheel of ten dele aan een ander, te weten aan het Ministerie van Justitie en Veiligheid en/of Dienst Vervoer en Ondersteuning, in elk geval aan een ander dan verdachte, toebehoorde heeft vernield, beschadigd, onbruikbaar gemaakt en/of weggemaakt.
Bijlage II: bewijsmiddelen [1]
16.275770.24, feit 1, feit 2 (pogingen) tot diefstal
[benadeelde 1] (zaak 1)
Proces-verbaal van aangifte door [benadeelde 1] d.d. 12 december 2023 (p. 8 e.v.), voor zover inhoudende, zakelijk weergegeven:
12 december 2023 hebben ze mij 2725 euro afhandig gemaakt. Vandaag ben ik gebeld. De persoon gaf zich uit als bankmedewerker en er zouden problemen zijn met mijn rekening. In dit gesprek hebben ze mijn pincode afhandig gemaakt en tussen 17.15 en 17.30 is mijn bankpasje opgehaald. Tussen 18.15 en 18.30 was de jongeman weer terug en kwam contant geld ophalen. [2] 1975 euro wat ik bij elkaar had gespaard. Dit heeft de jongeman bij mij aan tafel zitten tellen en daarna meegenomen. Er bleek van mijn rekening in Asperen op de [locatie 1] bij de Geldmaat 750 euro gepind te zijn, dit is gebeurd om 17:48. Ik kan de jongen die bij mij aan de deur stond als volgt omschrijven: rond gezichtje, donkere krulletjes, 20/23 jaar oud, 168/170 cm, normaal postuur, gewatteerde jas vermoedelijk donker, engelen gezichtje. [3] Proces-verbaal van bevindingen (uitkijken camerabeelden Geldmaat [locatie 1] in Asperen) d.d. 1 februari 2024 (p. 40 e.v.), voor zover inhoudende, zakelijk weergegeven:De camerabeelden van de pintransacties in de [locatie 1] te Asperen zijn van 12 december 2023. 17:46: verdachte komt aanlopen, gekleed in witte sportschoenen, zwart/grijze gewatteerde jas met capuchon. Hij draagt een pet met blauwe klep en wit vlak voorop met opdruk. Verdachte heeft een bril op en een oorbel in het rechteroor. 17:47: het lijkt alsof verdachte aan het videobellen is met iemand terwijl er een pinpas in de geldautomaat wordt gestopt. 17:48: verdachte lijkt opnieuw een pinpas in de automaat te steken. Wederom wordt er gepind terwijl er middels de telefoon contact met een andere persoon is. 17:47: verdachte verschijnt in beeld, te zien is dat hij een pet draagt met daarop "Original Clothing ' Heritage Vintage Wear Trade Mark". [4] 17:47: het is duidelijk dat verdachte in het bezit is van een Apple iPhone, lichte kleur. Tevens is zichtbaar dat verdachte ook in het linkeroor een oorbel draagt. 17:49: te zien is dat de verdachte een opvallende ring draagt aan de ringvinger van de linkerhand. [5]
[benadeelde 4] (zaak 2)
Proces-verbaal van aangifte door [benadeelde 4] d.d. 15 december 2023 (p. 45 e.v.), voor zover inhoudende, zakelijk weergegeven:Ik doe aangifte van oplichting te Schalkhaar . Op 13 december 2023, omstreeks 16.15 uur werd ik gebeld. Volgens de medewerker van de Rabobank was er een hack bij KPN waarbij rekeninggegevens buit gemaakt waren, waaronder die van mij. De man vertelde dat de Rabobank aangifte ging doen maar hiervoor wel mijn bankpas nodig had [6] Ik ben overstag gegaan. Kort hierop werd er aangebeld. De jongeman noemde de opgegeven code op en ik gaf hem de envelop met mijn pas erin. Ik was steeds aan de telefoon. Mijn zoon vertrouwde het niet en de bank heeft vervolgens mijn rekening geblokkeerd. Ik kan de jongeman die de pas bij mij thuis heeft afgehaald als volgt omschrijven: 20 jaar, licht krullend zwart kort haar, zwarte kleding, stevig postuur, 1.65 meter lang ongeveer, zwarte jas tot op de heupen. Op het linkerbeen van zijn broek zat een geel/bruin embleem. [7]
Proces-verbaal van bevindingen (aanvullende mail zoon aangeefster) d.d. 2 januari 2023 (p. 51), voor zover inhoudende, zakelijk weergegeven:
De Rabobank geeft aan dat er op 13 december om 16.57 uur geprobeerd is een bedrag van 750 euro en een bedrag van 200 euro op te nemen op het [locatie 2] in Deventer. [8]
Proces-verbaal van bevindingen (uitkijken camerabeelden Geldmaat [locatie 2] in Deventer) d.d. 28 juni 2024 (p. 53), voor zover inhoudende, zakelijk weergegeven:De beelden die zijn verstrekt door de Geldmaat [locatie 2] te Deventer starten op 13 december 2023 16:56:00 uur. 16:56:28 uur: ik zie een persoon in beeld, een jonge man. Ik zie dat hij een pasje richting de pinautomaat voert. Ik zie dat de man continu op zijn telefoon kijkt. 16:56:54 uur: ik zie dat de man met zijn rechterhand het pinscherm betast. 16:57:09 uur: ik zie dat de man met zijn rechterhand het pasje uit de automaat pakt. 16:57:15 uur: ik zie dat hij het pasje weer in de automaat stopt. Ik zie dat hij handelingen ter hoogte van het toetsenbord van de automaat verricht.16:57:49 uur: ik zie dat de man de pas uit de automaat pakt. [9]
[benadeelde 2] (zaak 3)
Proces-verbaal van aangifte door [persoon1] (namens [benadeelde 2] ) d.d. 15 december 2023 (p. 62 e.v.), voor zover inhoudende, zakelijk weergegeven:Ik doe aangifte van oplichting namens mijn ouders, woonachtig aan de [adres 2] te [woonplaats]
.Mijn ouders zijn op leeftijd en behoorlijk van slag door wat hen is
overkomen. Op 13 december 2023 werd mijn moeder gebeld. Mijn ouders hebben een bankrekening bij de Rabobank. De man vertelde dat er onlangs een groot bedrag van de rekening was afgeschreven en dat oplichters nu actief waren om nog meer geld van de rekening van mijn ouders af te schrijven. [10] Er is een jongeman bij mijn moeder aan de deur geweest. Deze heeft de pas van mijn moeder in ontvangst genomen. Mijn moeder omschreef de jongeman als volgt: 20-25 jaar, blanke huidskleur, net gekleed en verzorgd uiterlijk. We hebben daarna direct de Rabobank gebeld. Hier bleek al snel dat de oplichter(s) een transactie hadden gepleegd met de bankpas van mijn moeder: Geldmaat [locatie 3] , 750 euro, 13 december 2023 15:52. [11]
Proces-verbaal van bevindingen (uitkijken camerabeelden Geldmaat [locatie 3] in Schalkhaar) d.d. (p. 70), voor zover inhoudende, zakelijk weergegeven:
De beelden die zijn verstrekt door de Geldmaat [locatie 3] Schalkhaar starten op 13 december 2023 15:52:25 uur. 15:52:26 uur: ik zie dat het gaat om de verdachte die ik gezien heb bij het uitkijken van camerabeelden in het proces 2023574286. Ik zie dat de verdachte voor een camera staat. Ik zie dat hij een mobiele telefoon in zijn hand houdt. Ik zie dat hij met zijn rechterhand handelingen verricht. 15:53:01 uur: ik zie dat hij gebruik maakt van een pasje. 15:53:18 uur: ik zie dat hij bankbiljetten in zijn rechterjaszak stopt. 15:53:34 uur: ik zie dat hij zijn mobiele telefoon schuin voor zich houdt. [12]
[benadeelde 5] (zaak 4)
Proces-verbaal van aangifte door [benadeelde 5] d.d. 15 december 2023 (p. 79 e.v.), voor zover inhoudende, zakelijk weergegeven:Ik doe aangifte van oplichting. Op 13 december 2023 werd ik gebeld en hoorde een mannenstem zich voorstellen als medewerker van de Rabobank. Volgens deze medewerker zou er gepoogd worden om 1400 euro van mijn rekening op te nemen. Ik heb een bankrekening bij de Rabobank.. De man vertelde dat ze de transactie geblokkeerd hadden, maar dat ze wel mijn pas nodig hadden om de zaken definitief te kunnen blokkeren. Dit pasje zou dan door een collega van de Rabobank opgehaald worden. [13] Kort hierop verscheen er een jongeman bij mij aan de deur: 20-25 jaar, zwart gekleed, zwart haar, blanke huidskleur. Mijn zoon van de Rabobank te horen dat men gepoogd had om geld op te nemen, maar dat deze transactie door de Rabobank geblokkeerd was. De volgende transactie heeft men gepoogd te doen: 900 euro, 13-12-2023, 14:23:01, Geldmaat [locatie 3] Schalkhaar . [14] Proces-verbaal van bevindingen (uitkijken camerabeelden Geldmaat [locatie 3] in Schalkhaar ) d.d. 28 juli 2024 (p. 88), voor zover inhoudende, zakelijk weergegeven:
Naar aanleiding van een aangifte ter zake telefonische helpdeskfraude (poging), [adres 3] , [postcode 2] [woonplaats] , gemeente Deventer, gepleegd tussen 13 december 2023 om 14:00 uur en 13 december 2023 om 14:23 uur, zijn beelden uitgekeken van de fraude.
Ik zie dat het gaat om de verdachte, die ik gezien heb bij het uitkijken van camerabeelden in het proces 2023574286, 2023576025. Ik zie dat de verdachte voor een camera staat, het is hier aannemelijk dat het hier gaat om een pinautomaat. Ik zie dat hij een mobiele telefoon in zijn linkerhand vasthoudt. Ik zie dat hij zijn mobiele telefoon naar zijn linkeroor voert. Ik zie zijn mond bewegen, het is aannemelijk dat hij met iemand een gesprek voert. Vervolgens zie ik dat hij met zijn rechterhand, handelingen bij de pinautomaat verricht. Ik zie bovengenoemde verdachte in beeld. Ik zie dat hij in zijn linkerhand een mobiele telefoon vasthoudt of iets gelijkend daarop. Ik zie dat hij voor de pinautomaat staat. Ik zie dat hij met zijn rechterhand, ter hoogte van het toetsenbord handelingen uitvoert. Ik zie dat hij tweemaal de telefoon naar zijn linkeroor voert. Vervolgens zie ik dat hij met zijn rechterhand in de richting van het toetsenbord voert. [15]
[benadeelde 3] (zaak 5)
Proces-verbaal van aangifte door [benadeelde 3] d.d. 12 december 2023 (p. 104 e.v.), voor zover inhoudende, zakelijk weergegeven:Ik doe aangifte van fraude, dan wel oplichting en diefstal van geld van mijn bankrekening. Ik ben op 11 december 2023 tussen 14:00 en 17:00 uur opgelicht door twee mannen die mijn bankpassen op hebben gehaald. Ik had twee bankpassen mijn bankrekening bij de ABN AMRO. Ik werd gebeld dat er iemand langs zou komen om mijn bankpassen op te halen. Ik heb beide passen in de envelop gedaan. [16] Ik hoorde de bel gaan. Ik weet niet heel goed hoe de man eruit zag: tussen 20 en 40 jaar oud; blanke huidskleur; slank postuur; ongeveer 1.70 m; een bril. Hij zei de code die ik op de envelop had geschreven en via de telefoon had gekregen en toen gaf ik hem de envelop. Mijn dochter heeft direct contact gezocht met ABN AMRO. De bank gaf aan dat ze zagen dat er 500 euro was afgeschreven en dat er daarna nog twee keer geprobeerd is om te pinnen. [17]
Proces-verbaal van bevindingen (uitkijken camerabeelden Geldmaat [locatie 4] in Weesp) d.d. 3 september 2024 (p. 114 e.v.), voor zover inhoudende, zakelijk weergegeven:
Ik heb de beelden van de Geldmaat locatie [locatie 4] te Weesp van 11 december 2023 gevorderd. 16:04:17: ik zag dat onderstaande man op beeld verscheen. Ik zag dat hij een oranje telefoon in zijn handen had en iets uitvoerde op de terminal. Ik zag dat hij diverse handelingen uitvoerde op de terminal en dat hij veel bezig was op zijn telefoon. Het lijkt erop dat hij tot twee keer toe een pinpas in de terminal stopt. Ik zag dat hij om 16:08 uur klaar was met de transactie(s). [18] Ik zag dat de jongens dezelfde uiterlijke kenmerken had als de jongen die ik op de eerdere beelden van de andere onderzoeken had gezien: zo heeft de jongen dezelfde witte schoenen aan, dezelfde oranje telefoon bij zich en dezelfde jas en pet aan. Verder zag ik dat het gezicht van deze jongen dezelfde uiterlijke kenmerken had als de jongen op de andere beelden. Hiermee mag worden aangenomen dat deze verdachte dezelfde verdachte is als in de andere zaken. [19]
zaak 1 t/m zaak 5
Proces-verbaal van bevindingen (dezelfde pinner) d.d. 27 februari 2024 (p. 43), voor zover inhoudende, zakelijk weergegeven:Uit onderzoek is gebleken dat de pinner in dit onderzoek ook voorkomt als pinner in de volgende andere onderzoeken:
  • PL0600-2023574286. In deze zaak is er op 13-12-2023 om 16:57 poging gedaan om 750 en 250 euro te pinnen bij de Geldmaat op het [locatie 2] in Deventer.
  • PL0600-2023576025. In deze zaak is er op 13-12-2023 om 15:52, 750 euro gepind bij de Geldmaat op de [locatie 3] in Schalkaar.
  • PL0600-2023576243. In deze zaak is er op 13-12-2023 om 14:23, poging gedaan om 900 euro te pinnen bij de Geldmaat op de [locatie 3] in Schalkaar.
  • PL0600-2023571418/ In deze zaak is er op 11-12-2023 om 16:04, 500 euro gepind bij de Geldmaat op de [locatie 5] in Westervoort.
Uit de opgevraagde beelden van deze transacties is gebleken dat het gaat om één en dezelfde pinner. Deze pinner is gezien bij de geldmaten met de pinpassen van de aangevers en er zijn pintransacties geweest op verschillende locaties, verschillende data en tijd.
Proces-verbaal van bevindingen (gelijkenissen en herkenningen [verdachte] ) d.d. 29 juli 2024 (p. 129 e.v.)
PL0600-2023572249
In dit onderzoek werden de beschikbare beelden uitgezonden bij Opsporing Verzocht. Naar aanleiding van deze beelden werd een anonieme tip verstuurd dat de verdachte op deze beelden [verdachte] zou zijn. Naar aanleiding van deze anonieme tip is er onderzoek gedaan. In dit verbaal is te lezen waarom [verdachte] aangemerkt is als verdachte:
  • Zo draagt de verdachte op de beelden opvallend witte schoenen, deze schoenen komen overeen met de schoenen die [verdachte] draagt op een foto op zijn Facebookpagina.
  • Heeft [verdachte] dezelfde telefoon als de verdachte op de beelden.
  • Draagt [verdachte] een ringetje, een oorbel, in zijn rechteroor, net als de verdachte op de beelden.
  • Draagt [verdachte] , op de foto van zijn Facebookpagina, een dikke ring om de ringvinger van zijn linkerhand. De verdachte draagt dezelfde ring ook om de ringvinger van zijn linkerhand.
  • Daarnaast is de foto van de verdachte vergeleken met de SKDB-foto van [verdachte] . Hierop is te zien dat er veel overeenkomsten zijn op het gebied van uiterlijke kenmerken, zoals de neus, volle lippen en de vorm van het oor van [verdachte] .
Op basis van bovenstaande feiten stel ik vast dat de verdachte op de beelden inderdaad [verdachte] betreft. [20]
PL0600-2023574286
In dit onderzoek werden ook beelden veiliggesteld waarop te zien is dat een man geld pint bij een Geldmaat met de pinpas van het slachtoffer. Op deze screenshots is te zien dat de verdachte op deze camerabeelden dezelfde pet en zonnebril draagt als de verdachte op de camerabeelden in onderzoek PL0600-2023572249. In het Osint-verbaal staat op pagina 4 een
foto van [verdachte] waarbij het een Bacardi fles vasthoudt. Deze foto komt van zijn Facebookpagina. Hierop is te zien dat hij een ring draagt om de middelvinger van zijn rechterhand. Net als op de afbeelding hierboven. Hiermee stel ik vast dat de verdachte op de beelden dezelfde verdachte betreft als in onderzoek PL0600-2023572249. [21]
PL0600-2023576025
In dit onderzoek werden ook beelden veiliggesteld waarop te zien is dat een man geld pint bij een geldmaat met de pinpas van het slachtoffer. Op deze screenshots is te zien dat de verdachte op de camerabeelden weer dezelfde pet en bril draagt. Ook heeft hij om beide handen een ring om dezelfde vinger als [verdachte] die draagt. Ook zie ik dezelfde
uiterlijk kenmerken, volle lippen, neus en oorschelp. Wat hierbij ook opvalt is de plekken op de knokkels van de rechterhand van de verdachte. Deze zijn ook terug te zien op de beelden in onderzoek PL0600-2023574286. Op basis van deze feiten herken ik de verdachte die pint ook als [verdachte] . [22]
PL0600-2023576243
In dit onderzoek werden ook beelden veiliggesteld waarop te zien is dat een man geld pint bij een geldmaat met de pinpas van het slachtoffer. De verdachte op deze beelden is dezelfde verdachte als de verdachte in de hierboven genoemde onderzoek onderzoeken. De foto’s zijn identiek aan de foto’s in onderzoek PL0600-2023576025. Dit komt mede doordat de pintransacties plaats hebben gevonden op dezelfde dag bij dezelfde pinterminal, Geldmaat [locatie 3] te Schalkhaar . [23]
PL0600-2023571418
In proces-verbaal PL0600-2023571418-14 wordt beschreven dat er 5 tips zijn binnengekomen naar aanleiding van Opsporing Verzocht, waarbij de beelden zijn getoond van het pinnen met een gestolen pas van aangever [benadeelde 3] . Twee keer wordt [verdachte] aangewezen als verdachte. In proces-verbaal met volgnummer -14 wordt uitgelegd waarom het aannemelijk is dat de verdachte in deze zaak [verdachte] zou moeten zijn. Als ik kijk naar de foto die toegevoegd is achter proces-verbaal met volgnummer 14 zie ik dat de man op de foto dezelfde man is als de man hierboven. Resume: de verdachte van het pinnen met de gestolen pinpas betreft voor alle vijfde feiten dezelfde man. De man is herkent als [verdachte] . Daarmee kan ik zeggen dat de man voor alle vijf de feiten dezelfde man en verdachte betreft. [24]
16.031970.26 (vernieling enkelband)
Proces-verbaal van aangifte door [persoon2] (namens DV&O) d.d. 7 november 2025 (p. 15 e.v.), voor zover inhoudende, zakelijk weergegeven:
Ik doe aangifte van vernieling van de bevestigingsstrap van een enkelband. [25] Ik verklaar dat [verdachte] een enkelband in bruikleen had. De aangesloten en achtergelaten apparatuur is eigendom van het Ministerie van Justitie en Veiligheid, Dienst Justitiële Inrichtingen, Dienst Vervoer & Ondersteuning. Tijdens het om- en aansluiten was deze apparatuur onbeschadigd. Op 3 april 2024 werd [verdachte] onder elektronische monitoring gesteld. [verdachte] heeft zich d.d. 10 november 2024 onttrokken aan het toezicht van elektronische monitoring. Het laatste signaal van de enkelband is afgegeven aan de [locatie 6] te Utrecht . [26] Het is niet bekend hoe, waarmee en op welke wijze de mogelijke vernieling heeft plaatsgevonden. [27]
Proces-verbaal van verhoor verdachte [verdachte] d.d. 15 januari 2026 (p. 9 e.v.), voor zover inhoudende, zakelijk weergegeven:V: U wordt ervan verdacht uw enkelband vernield te hebben?
A: Ja dat klopt. [28] V: Waar heb je de vernielde strap van de enkelband achtergelaten?
A: Tussen Lunetten en Houten in. In een sloot. [29]

Voetnoten

1.Wanneer hierna wordt verwezen naar dossierpagina’s, zijn dit pagina’s uit dossiers van politie eenheid Midden-Nederland met proces-verbaalnummer PL0900-2024239715, pagina 1 tot en met 170 (dossier I) en PL0900-2025388754, pagina 1 tot en met 18 (dossier II). Tenzij hieronder anders wordt vermeld, wordt steeds verwezen naar bladzijden van een in de wettelijke vorm, door daartoe bevoegde opsporingsambtenaren, opgemaakt proces-verbaal. Voor zover het gaat om geschriften als bedoeld in artikel 344 eerste Pro lid onder 5 van het Wetboek van Strafvordering worden deze alleen gebruikt in verband met de inhoud van andere bewijsmiddelen.
2.p. 8 (dossier I).
3.p. 9 (dossier I).
4.p. 40 (dossier I).
5.p. 41 (dossier I).
6.p. 45 (dossier I).
7.p. 46 (dossier I).
8.p. 51 (dossier I).
9.p. 53 (dossier I).
10.p. 62 (dossier I).
11.p. 63 (dossier I).
12.p. 70 (dossier I).
13.p. 79 (dossier I).
14.p. 80 (dossier I).
15.p. 88 (dossier I).
16.p. 104 (dossier I)
17.p. 105 (dossier I).
18.p. 114 (dossier I).
19.p. 115 (dossier I).
20.p. 129 (dossier I).
21.p. 130 (dossier I).
22.p. 130 (dossier I).
23.p. 131 (dossier I).
24.p. 131 (dossier I).
25.p. 15 (dossier II).
26.p. 16 (dossier II).
27.p. 17 (dossier II).
28.p. 12 (dossier II).
29.p. 13 (dossier II).