ECLI:NL:RBMNE:2026:3378
Rechtbank Midden-Nederland
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Niet-ontvankelijkheid beroep wegens niet-betaling griffierecht
Eiser heeft op 6 januari 2026 een beroep ingesteld bij de rechtbank Midden-Nederland. De rechtbank heeft eiser op 6 februari 2026 aangetekend verzocht het griffierecht van € 200,- binnen vier weken te voldoen, met de waarschuwing dat bij niet-betaling het beroep niet-ontvankelijk verklaard kan worden. Deze brief werd onbestelbaar geretourneerd en vervolgens op 4 maart 2026 per gewone post verzonden, met een aangepaste betalingstermijn.
Eiser heeft het griffierecht niet betaald en heeft geen geldige reden opgegeven voor het uitblijven van betaling. De rechtbank kan het beroep daardoor niet inhoudelijk behandelen en verklaart het beroep niet-ontvankelijk op grond van artikel 8:54 van Pro de Algemene wet bestuursrecht.
Er is geen proceskostenvergoeding toegekend. De uitspraak is gedaan door rechter I. Helmich op 24 april 2026 te Utrecht. Eiser wordt gewezen op de mogelijkheid tot het indienen van een verzetschrift binnen zes weken na verzending van de uitspraak.
Uitkomst: Het beroep wordt niet-ontvankelijk verklaard wegens niet-betaling van het griffierecht.