ECLI:NL:RBMNE:2026:3619
Rechtbank Midden-Nederland
- Voorlopige voorziening
- Rechtspraak.nl
Afwijzing verzoek voorlopige voorziening bij herziening bijstandsuitkering wegens onvoldoende spoedeisend belang
Verzoeker heeft bezwaar gemaakt tegen de herziening van zijn bijstandsuitkering door het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Stichtse Vecht, waarbij is vastgesteld dat hij €4.823,78 te veel heeft ontvangen en dit bedrag moet terugbetalen.
De voorzieningenrechter beoordeelt het verzoek om een voorlopige voorziening en stelt vast dat bij financiële geschillen doorgaans geen sprake is van onverwijlde spoed, omdat het bedrag na afloop van de bodemprocedure alsnog kan worden terugbetaald, eventueel met rente. Verzoeker stelt dat hij het bedrag niet kan terugbetalen vanwege zijn bijstandsinkomen en het ontbreken van mogelijkheden om een lening te verkrijgen.
De rechtbank heeft verzoeker verzocht zijn spoedeisend belang te onderbouwen, maar hij heeft hier onvoldoende op gereageerd. De voorzieningenrechter concludeert dat er geen acute financiële nood is aangetoond en dat het mogelijk is om afspraken te maken over terugbetaling. Ook is nog geen boete opgelegd. Daarom is het verzoek kennelijk ongegrond en wordt het afgewezen.
Uitkomst: Het verzoek om voorlopige voorziening wordt afgewezen wegens het ontbreken van een spoedeisend belang.