Uitspraak
RECHTBANK Midden-Nederland
1.De procedure
- de brief waarin is meegedeeld dat een mondelinge behandeling is bepaald
2.De kern van de zaak
3.De beoordeling
- [handelsnaam] adviseert over een herfinanciering die betrekking heeft op twee Nederlandse partijen,
- De transactie waarop het advies ziet, is volledig gerelateerd aan Nederland,
- Het is nooit van belang geweest dat [handelsnaam] is gevestigd in Duitsland want alle communicatie ging digitaal of er werd afgesproken in Nederland.
“The alternative services are not part of the Success Fee and shall be invoice separately as agreed upon between the parties.”
- § 133 Bürgerliches Gesetzbuch (hierna: BGB): bij de uitleg van een verklaring moet worden nagegaan wat de verklaarder werkelijk heeft bedoeld, en niet wat de letterlijke bewoording zegt.
- § 157 BGB: overeenkomsten moeten worden uitgelegd naar redelijkheid en billijkheid, rekening houdend met het gebruik van het rechtsverkeer.
transaction originator and funding arranger’ en dat het gaat om het identificeren van financiële partners en het najagen van financiële transacties. In artikel 3, waarin de ‘scope of work’ staat, staat onder meer de verplichting voor [handelsnaam] : ‘
to identify and approach buyers tot he respective projects’. Dit soort werkzaamheden heeft [handelsnaam] ook uitgevoerd voor de eerste twee projecten.
Previously”, kennelijk ruim voor 4 maart 2024, heeft besteed aan “
Financial Modelling for [.] , 5 M Valuation underlying [bedrijfsnaam] Valuation”. Het gaat kennelijk om werkzaamheden met betrekking tot de waardering van [.] , die zij heeft verricht in het kader van het eerste project, maar die direct van nut waren voor het [bedrijfsnaam] project. [handelsnaam] heeft toegelicht dat zij op deze eerder uitgevoerde werkzaamheden kon voortbouwen bij de uitvoering van het [bedrijfsnaam] project waardoor zij minder tijd heeft hoeven besteden aan dit project dan zonder deze werkzaamheden het geval geweest zou zijn. Tegen deze achtergrond is het naar het oordeel van de rechter redelijk dat de helft van de 96 uur (48 uur) wordt toegerekend aan het [bedrijfsnaam] project en voor vergoeding in aanmerking komt. Daarmee wordt rekening gehouden:
- zowel met het feit dat het gaat om werk dat [handelsnaam] al gedaan had op basis van no cure, no pay, zodat zij in beginsel geen aanspraak heeft op een beloning,
- als met het feit dat het werk dat zij destijds voor niets heeft gedaan kennelijk waardevol is gebleken voor [gedaagde] bij het [bedrijfsnaam] project en [gedaagde] daar een besparing heeft opgeleverd, zodat [gedaagde] voordeel heeft gehad van dit werk dat [handelsnaam] eerder zonder enige beloning daarvoor te ontvangen heeft verricht.