Uitspraak
RECHTBANK MIDDEN-NEDERLAND
1.[gedaagde sub 1] B.V.,
2.
[gedaagde sub 2],
1.De procedure
- de conclusie van antwoord met 2 producties,
- de conclusie van repliek,
- de conclusie van dupliek met 1 bijlage,
Rechtbank Midden-Nederland
In deze civiele zaak vordert eiseres betaling van annuleringskosten van €14.301,45 wegens annulering van de koop van een BMW. Gedaagde stelt dat op 17 juli 2019 een vaststellingsovereenkomst is gesloten waarin de oorspronkelijke vordering is omgezet in een betalingsverplichting van €5.000,-. Dit wordt bevestigd door een WhatsApp-bericht en een akte uitlating van eiseres.
De kantonrechter oordeelt dat de oorspronkelijke vordering niet langer geldt en dat de vaststellingsovereenkomst leidend is. Gedaagde heeft reeds €1.000,- betaald, zodat nog €4.000,- resteert. Dit bedrag wordt toegewezen, vermeerderd met wettelijke handelsrente vanaf 14 februari 2020.
Daarnaast worden buitengerechtelijke incassokosten van €525,- toegewezen, inclusief rente vanaf de dag van dagvaarding. Gedaagde wordt veroordeeld tot betaling van proceskosten van €1.501,16, met wettelijke rente bij niet-tijdige betaling. Het vonnis is uitvoerbaar bij voorraad en het meer of anders gevorderde wordt afgewezen.
Uitkomst: Gedaagde wordt veroordeeld tot betaling van €4.000,- plus rente, incassokosten en proceskosten conform vaststellingsovereenkomst.