Uitspraak
1.De procedure
2.De kern van de zaak
3.De beoordeling
.
. [10] De kantonrechter moet daarom ambtshalve beoordelen of bepalingen uit de huurovereenkomst of de algemene voorwaarden die relevant zijn voor de beoordeling van de vordering, voor een consument onredelijk bezwarend zijn. [11] [12] Als een beding onredelijk bezwarend is voor een consument, dan moet de kantonrechter dat beding vernietigen en moet de vordering op dat onderdeel worden afgewezen, ook als De Alliantie een beroep doet op wettelijke bepalingen in plaats van op die contractuele afspraak. [13]
Indien huurder een natuurlijk persoon is, niet handelend in de uitoefening van een beroep of bedrijf, is huurder een vergoeding verschuldigd voor de buitengerechtelijke incassokosten berekend conform de daarvoor geldende wet- en regelgeving. (….)”
Indien huurder een ander voorschrift dat voortvloeit uit de wet, de huurovereenkomst of de Algemene Huurvoorwaarden overtreedt, verbeurt huurder een direct opeisbare boete van € 25,- per dag dat de overtreding voortduurt tot ten hoogste € 25.000,-.“. Ook dit beding is onvoldoende duidelijk, omdat ‘een ander voorschrift uit de huurovereenkomst’ ook kan zien op het voorschrift aan de huurder om de huur tijdig te betalen. De mogelijkheid van het in rekening brengen van een boete naast buitengerechtelijke incassokosten levert een onevenredig hoge schadevergoeding op. Dit leidt ertoe dat het buitengerechtelijke incassokostenbeding op zichzelf en in combinatie met het boetebeding onredelijk bezwarend is en wordt daarom vernietigd. De gevorderde buitengerechtelijke incassokosten worden afgewezen.
“Indien huurder een aan verhuurder verschuldigd bedrag niet volledig en stipt op de vervaldag voldoet, treedt verzuim zonder ingebrekestelling in en is huurder vanaf dat moment de wettelijke rente verschuldigd.“Dit rentebeding is op zichzelf niet onredelijk bezwarend, maar dat is het wel in combinatie met het boetebeding in artikel 14.3. De mogelijkheid van het in rekening brengen van een boete naast rente levert een onevenredig hoge schadevergoeding op. Het rentebeding wordt daarom ook vernietigd en de over de huurachterstand gevorderde wettelijke rente wordt afgewezen.
“Indien huurder een voorschrift uit deze Algemene Huurvoorwaarden overtreedt dat is opgenomen in onderstaande tabel, verbeurt huurder een direct opeisbare boete, waarvan de hoogte volgt uit onderstaande tabel.”Vervolgens volgt uit die tabel per overtreding welke boete bij constatering verschuldigd is, met welk bedrag die boete per dag dat de overtreding voortduurt wordt vermeerderd en wat het maximum boetebedrag per constatering is. Zo volgt uit de tabel onder andere dat voor overtreding van
- artikel 5.2 (bedrijfsmatige activiteiten) een boete van € 5.000,00 verschuldigd is bij constatering, te vermeerderen met € 25,00 per dag dat de overtreding voortduurt met een maximum boetebedrag van € 25.000,00.
- artikel 5.4 (onderverhuur/ingebruikgeving) een boete van € 5.000,00 verschuldigd is bij constatering, te vermeerderen met € 50,00 per dag dat de overtreding voortduurt met een maximum boetebedrag van € 5.000,00.
- artikel 5.7 (overlast/hinder/gevaar) een boete van € 1.000,00 verschuldigd is bij constatering, te vermeerderen met € 25,00 per dag dat de overtreding voortduurt met een maximum boetebedrag van € 10.000,00.
“In geval van onderverhuur is huurder naast de direct opeisbare boete genoemd in artikel 14.1 een bedrag aan de verhuurder verschuldigd gelijk aan het verschil tussen de inkomsten gegenereerd middels de onderverhuur en de kale huurprijs die huurder in de periode van onderhuur aan verhuurder heeft voldaan. Indien verhuurder niet bekend is welke inkomsten huurder middels onderverhuur heeft gegenereerd, wordt vermoed dat de inkomsten steeds 250% van de kale huurprijs hebben bedragen.”