ECLI:NL:RBMNE:2026:3820

Rechtbank Midden-Nederland

Datum uitspraak
30 juni 2026
Publicatiedatum
1 juli 2026
Zaaknummer
UTR 26/2138
Type
Uitspraak
Uitkomst
Niet-ontvankelijk
Procedures
  • Eerste aanleg - enkelvoudig
Rechters
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 6:2 Wet hersteloperatie toeslagenArt. 8:54 AwbArt. 6:2 AwbArt. 7:1 AwbArt. 6:12 Awb
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Niet-ontvankelijkheid beroep wegens prematuur ingediende ingebrekestelling bij niet tijdig beslissen

Eiser heeft op 24 december 2025 een aanvraag ingediend bij de minister van Financiën voor de overname van private schulden van de Sociale Banken Nederland. Volgens eiser heeft verweerder niet tijdig op deze aanvraag beslist, waarna hij een ingebrekestelling heeft gestuurd die op 19 februari 2026 door verweerder is ontvangen.

Verweerder stelt dat de beslistermijn van zes maanden, zoals bepaald in artikel 6.2 van de Wet hersteloperatie toeslagen, pas op 24 juni 2026 afloopt. De ingebrekestelling is dus prematuur en niet geldig. De rechtbank volgt dit standpunt en oordeelt dat verweerder op het moment van ontvangst van de ingebrekestelling nog niet in gebreke was.

De rechtbank verklaart het beroep daarom niet-ontvankelijk. Er is geen aanleiding voor een proceskostenveroordeling en eiser krijgt het griffierecht niet terug. De uitspraak is gedaan door rechter I. Helmich en griffier L. El Kabch op 30 juni 2026.

Uitkomst: Het beroep wordt niet-ontvankelijk verklaard wegens een prematuur ingediende ingebrekestelling.

Uitspraak

RECHTBANK MIDDEN-NEDERLAND
Zittingsplaats Utrecht
Bestuursrecht
zaaknummer: UTR 26/2138

uitspraak van de enkelvoudige kamer van 30 juni 2026 in de zaak tussen

[eiser], uit [plaats] (België), eiser
(gemachtigde: mr. M. Kartal),
en

de minister van Financiën, verweerder.

Inleiding

Deze uitspraak gaat over het beroep dat eiser heeft ingesteld, omdat verweerder volgens hem niet op tijd heeft beslist op zijn aanvraag van 24 december 2025 tot overname private schulden van de Sociale Banken Nederland.
Op 7 april 2026 heeft verweerder een verweerschrift ingediend.

Overwegingen

1. De rechtbank nodigt partijen niet uit voor een zitting, omdat dat in deze zaak niet nodig is. [1]
2. Tegen het niet tijdig nemen van een besluit kan beroep worden ingesteld. [2] Het beroepschrift kan worden ingediend zodra het bestuursorgaan in gebreke is om op tijd een besluit te nemen en twee weken zijn verstreken nadat een schriftelijke ingebrekestelling door het bestuursorgaan is ontvangen. [3]
3. In het verweerschrift stelt verweerder dat er geen sprake is van niet tijdig beslissen ten tijde van de ingebrekestelling. Eiser heeft op 24 december 2025 een aanvraag ingediend tot overname private schulden van de Sociale Banken Nederland. De beslistermijn eindigt pas op 24 juni 2026. De ingebrekestelling is door verweerder ontvangen op 19 februari 2026, dat is voor het einde van de beslistermijn.
4. De rechtbank is het eens met verweerder. Uit artikel 6.2, tweede lid, van de Wet hersteloperatie toeslagen geldt dat binnen 6 maanden moet worden beslist op een aanvraag tot overname private schulden. Dit betekent dat verweerder op 19 februari 2026 nog niet te laat was met beslissen en dus niet in gebreke was. De ingebrekestelling is daarom niet geldig. Het beroep tegen het niet tijdig beslissen is daarom niet-ontvankelijk.
5. Voor een proceskostenveroordeling bestaat geen aanleiding. Eiser krijgt ook het griffierecht niet terug.

Beslissing

De rechtbank:
- verklaart het beroep niet-ontvankelijk.
Deze uitspraak is gedaan door mr. I. Helmich, rechter, in aanwezigheid van L. El Kabch, griffier. De uitspraak is uitgesproken in het openbaar op 30 juni 2026.
griffier
rechter
Een afschrift van deze uitspraak is verzonden aan partijen op:

Bent u het niet eens met deze uitspraak?Als u het niet eens bent met deze uitspraak, kunt u een brief sturen naar de rechtbank waarin u uitlegt waarom u het er niet mee eens bent. Dit heet een verzetschrift. U moet dit verzetschrift indienen binnen zes weken na de dag waarop deze uitspraak is verzonden. U ziet deze datum hierboven. Als u graag een zitting wilt waarin u uw verzetschrift kunt toelichten, kunt u dit in uw verzetschrift vermelden.

Voetnoten

1.Artikel 8:54 van Pro de Algemene wet bestuursrecht (Awb).
2.Artikel 6:2, aanhef en onder b, in samenhang met artikel 7:1, eerste lid, aanhef en onder f, van de Awb.
3.Artikel 6:12, tweede lid, van de Awb.