Uitspraak
RECHTBANK MIDDEN-NEDERLAND
uitspraak van de enkelvoudige kamer van 13 mei 2026 in de zaak tussen
C&A Nederland C.V., uit Amsterdam, eiseres,
de heffingsambtenaar van de gemeente [gemeente] , verweerder
Procesverloop
€ 1.504.000,- naar waardepeildatum 1 januari 2022. Bij deze beschikking heeft de heffingsambtenaar aan eiseres als eigenares van dit object ook een aanslag onroerendzaakbelasting opgelegd, waarbij deze waarde als heffingsmaatstaf is gehanteerd.
24 oktober 2023 heeft de heffingsambtenaar het bezwaar van eiseres ongegrond verklaard en de waarde van het object gehandhaafd.
Overwegingen
Bij de bepaling van de waarde van niet-woningen volgens de huurwaarde kapitalisatiemethode wordt voor ieder object een huurwaarde en een kapitalisatiefactor bepaald. Dit gebeurt op basis van de marktanalyse, die tenminste bestaat uit een analyse van koop- en huurtransacties en een leegstandsanalyse. De resultaten uit de marktanalyse kunnen vervolgens per categorie niet-woningen en per (waarde)gebied worden vertaald naar een huurwaarde en een kapitalisatiefactor. Onderlinge verschillen tussen objecten worden door de registratie van deze verschillen in de objectkenmerken in de waarden tot uitdrukking gebracht door (modelmatig) een correctie op de huurwaarde of de kapitalisatiefactor toe te passen.”.
Beslissing
€ 4.134,-;
P.W. Hogenbirk, griffier. De uitspraak is uitgesproken in het openbaar op 13 mei 2026.